Lotte Kopecky met een nieuw exemplaar van de Flandrienne-trofee. 

Lotte Kopecky met een nieuw exemplaar van de Flandrienne-trofee. ©  carlo coppejans

Lotte Kopecky, voor het tweede jaar op rij Flandrienne van het jaar: “En nu scoren in de klassiekers”

Pech liep als een rode draad door het wielerjaar van Lotte Kopecky (25), maar toch reed ze een knalseizoen, met als kers op de taart een wereldtitel op de piste. Met een mooie voorsprong werd ze voor de tweede keer op rij verkozen tot Flandrienne en ze is van plan daar nog een pak trofeeën aan toe te voegen.

Werner Bourlez

Lotte Kopecky geniet momenteel van een vakantie op Curaçao. “Sorry dat ik niet op het Gala was, maar ik heb deze vakantie wel verdiend, denk ik.” En of. In januari nog vicekampioene van België in het veld en vorig weekend afgesloten met een wereldtitel op de piste. Om onderweg te oogsten op de weg. Chapeau.

LEES OOK: Lotte Kopecky volgt zichzelf op en is meer dan ooit de Leading Lady van ons wielrennen

Acht koersen won ze, al hield pech haar van een eventuele klassieke winst. Lek in de finale van de Strade Bianchi, kettingproblemen op een cruciaal moment in de Ronde van Vlaanderen en ook in Parijs-Roubaix meteen ver achteruitgeslagen door een lekke band. “Vooral die pech in de Ronde en Roubaix was zuur. Ik had er hard naar toegewerkt, was top en dan kan je plots je kansen niet verdedigen. Daar wil ik in 2022 iets rechtzetten.”

Lotte Kopecky: “volgend seizoen zal ik soms niet mogen rijden, maar ik zal er ook mijn voordeel uit halen.” 

Lotte Kopecky: “volgend seizoen zal ik soms niet mogen rijden, maar ik zal er ook mijn voordeel uit halen.” ©  carlo coppejans

Dat zal gebeuren bij een nieuw team: SD Worx. Het Deceuninck - Quick-Step van het vrouwenwielrennen. “Ik zal soms niet mogen rijden, maar ik zal er ook wel mijn voordeel uit halen”, weet Kopecky. “Als ik eens een kans niet kan benutten, zal dat op een ander moment wel lukken. En in een winnende ploeg zitten is altijd leuk. Het wordt geven en nemen.”

Ze zal dat wel opnieuw doen in de driekleur. Kopecky werd voor het tweede jaar op rij Belgisch kampioene in zowel tijd- als wegrit. “Het is zo’n mooie trui om mee rond te rijden. De mensen herkennen je ook meteen en moedigen je fel aan.”

LEES OOK: Lieselot Decroix, de beste Belgische vrouw in de volgwagen, over de Flandrienne 2021: “Volgend jaar pakt Kopecky ook op de weg een dikke prijs”

De Belgische kleuren verdedigde ze ook op de Olympische Spelen en het WK in eigen land, maar die vielen tegen, ondanks een vierde plaats in de wegrit in Tokio. “Ik ging naar daar om een medaille te pakken op de piste, daar had ik jaren voor getraind. En dan heb je ongelooflijk veel pech. In het omnium zat er een medaille in, zeker als ik achteraf het wedstrijdverloop zag. Een gemiste kans. Gelukkig reed ik die wegrit, die was eigenlijk niet voorzien. De ontgoocheling om de gemiste medaille was enorm, maar intussen is de trots groot. Ik heb dit een plaats gegeven.”

“Op het WK had ik geen mindere dag. Ik zat steeds goed vooraan, behalve in die plaatselijke ronden in Leuven. Voor de Wijnpers liet ik mij altijd doen, ik moest telkens vijftien renners voorbijsteken. En ook in de aanloop naar de sprint liet ik mij wegdrummen. Raar.”

Kopecky herpakte zich vorige week op het WK baanwielrennen in Roubaix: goud in de puntenkoers en twee keer zilver (omnium en afvalling). En dat na zo’n slopend seizoen. “De blessure na Tokio heeft mij conditioneel extra frisheid opgeleverd omdat ik verplicht was om even te rusten. Na het WK en Parijs-Roubaix had ik het eigenlijk wel gehad, maar omdat ik al had toegezegd voor het WK piste, heb ik doorgezet.”

Lotte Kopecky in WK-outfit. 

Lotte Kopecky in WK-outfit. 

Een afsluiter in schoonheid. Nochtans was de eerste medaille van het jaar voor Kopecky eentje in het veldrijden: zilver op het BK na Sanne Cant. “Dat had ik nooit verwacht, omdat dit voor mij puur training en amusement is. Ik heb bij de jeugd cross en weg twee jaar gecombineerd, maar toen ik naar de topsportschool ging, ben ik naar de piste overgestapt. De cross spreekt mij aan en is zo leuk om te doen. Ook omdat ik daar geen druk heb en ik met een vrij gevoel kan rondrijden. Al geef ik elke wedstrijd het beste van mezelf. En ga ik eens tegen de grond, dan kan ik ermee lachen omdat het in de modder is. Koude, regen, slijk: daar hou ik juist van. Als kind speelde ik ook constant buiten. Hoe vettiger, hoe prettiger.”

Voorbeeld Marianne Vos

Een typisch voorbeeld van een Flandrienne. “Ja, misschien wel. Zoals mijn voorbeeld Marianne Vos. Ze stond er meteen op haar achttiende en ze staat er nog steeds.”

Kopecky wordt in november 26, haar beste jaren moeten nog komen. “Ik ben begonnen op mijn tiende, maar had nooit gedacht dat ik het tot prof zou schoppen. Mijn oudere broer Seppe reed de cross in Niel en toen ik hem bezig zag, wou ik dat ook doen. En zo ben ik in de Topsportschool gerold. Ik heb nog veel ambitie: klassiekers winnen, een medaille op de Spelen, op het WK… En daar ga ik alles aan doen.”