Huizenprijzen tot 10 procent gestegen: zoveel betaal je voor een woning in jouw gemeente

Een rijwoning kopen is in Vlaanderen in enkele maanden tijd maar liefst 10 procent duurder geworden, aldus Statbel, het statistiekbureau van de overheid. Voor een rijwoning ben je in Vlaanderen nu al zo’n 260.000 euro kwijt. In het mondaine Knokke is dat zelfs 770.000 euro.

Werner Rommers

Het gaat erg hard én snel op de vastgoedmarkt. Deze zomer gewaagden de notarissen van een heus ‘fear of missing out’-effect: de vraag naar vastgoed is volgens hen zo immens dat kandidaat-kopers hun portemonnee erg breed opentrekken om toch maar een woning op de kop te kunnen tikken, wat de prijzen van woningen doet stijgen.

En dat weerspiegelt zich ook in de cijfers van de overheid over de vastgoedmarkt, door Statbel verzameld.

Stegen de woningprijzen tussen 2019 en 2020 ‘slechts’ met 3 procent, bedraagt de stijging de eerste helft van dit jaar – in vergelijking met de eerste helft van vorig jaar – net geen 10 procent. De zogenaamde mediaanprijs – de prijs in het midden – bedraagt voor een rijwoning in Vlaanderen nu al zo’n 260.000 euro. Een open bebouwing werd 7 procent duurder en kost nu zo’n 365.000 euro. Appartementen gingen 6 procent naar boven, naar bijna 220.000 euro.

De prijzen voor heel Vlaanderen verbergen enorme regionale verschillen. Op provincieniveau is Vlaams-Brabant het duurst en Limburg het goedkoopst: een rijwoning in Limburg (215.000 euro) is bijvoorbeeld zo’n 90.000 euro goedkoper dan in Vlaams-Brabant. Voor een Limburgse open bebouwing ( 285.000) bedraagt het prijsverschil met Vlaams-Brabant zelfs zo’n 130.000 euro.

En dan zijn er de uitschieters zoals Knokke, waar de mediaanprijs voor alle verkochte woningen intussen 770.000 bedraagt en langzaam maar zeker de 800.000 euro nadert.

De goedkoopste woningen vindt u traditioneel in het zuiden van West-Vlaanderen: in Vleteren, Menen en Ronse koopt u voor zo’n 170.000 euro een woning.