©  AP

Peter Sagan gaat in Leuven op zoek naar vierde regenboogtrui: “Ik ken de namen van de hellingen niet, maar parcours moet me liggen”

Peter Sagan kroonde zich drie jaar op rij tot wereldkampioen: in 2015 in Richmond, in 2016 in Qatar en in 2017 in het Noorse Bergen. De 31-jarige Slovaak is normaal niet de man van records, maar de jacht op een vierde regenboogtrui houdt hem wel bezig. “Dan ben ik de enige recordhouder’, zegt hij. “Hier krijg ik met dit parcours een kans, al volgt die wellicht ook nog in Australië.”

vvaBron: BELGA

Peter Sagan rijgt de overwinningen niet meer aan elkaar zoals in zijn gloriejaren. Vorig jaar mocht hij slechts één keer juichen, de tiende rit in de Giro. Door een coronabesmetting begon hij dit voorjaar met vertraging aan de competitie en kwam hij er niet bij te pas in de klassiekers. Wel won hij een rit in de Ronde van Catalonië en Romandië, vervolgens in de Giro waar hij ook de puntentrui veroverde. In juni kroonde hij zich tot nationaal kampioen, in de Tour liep het fout in de derde rit toen hij ten val kwam in de sprint door een schuiver van Caleb Ewan. Hij modderde nog een paar dagen aan, maar stapte uiteindelijk af en werd geopereerd aan de knie waardoor hij de Spelen miste.

Met een hoogtestage in Andorra bereidde hij zich voor op het najaar. In de BeNeLux Tour toonde hij zich gretig en behaalde hij enkele ereplaatsen, op het EK stapte hij af, maar vorige week wist hij, na drie tweede plaatsen en één derde stek wel het eindklassement in de Ronde van Slovakije te veroveren. “Deze eindzege voor eigen volk maakt me heel blij”, vertelde hij na afloop. “Ik had graag enkele ritzeges behaald, maar ik denk dat de gele trui belangrijker is uiteindelijk. De conditie is goed, ik kijk uit naar het WK.”

Sagan verkende het WK-parcours daags na de Benelux Tour. “Dat was nodig, want het was al lang geleden dat ik de Brabantse Pijl gereden had (in 2013, hij won toen voor Gilbert, red). Het parcours gaat deels over die wegen, maar dat zat ver in mijn geheugen. Ik was blij verrast” vertelt hij. “Het wordt een heel interessante wedstrijd. Soms lijkt het een beetje op de Ronde van Vlaanderen, maar het is toch anders. Je hebt die kasseihellingen en nog wat andere bergjes en dan het lokale circuit door de stad. Dat is zeer technisch, veel op en af en het stemde me verder ook blij dat veel wegen nieuw asfalt kregen. Het is echt in orde. Het wordt een mooie strijd.”

 

 ©  EPA-EFE

De Antoniusberg, de Moskenstraat? De hellingen zijn niet dezelfde als de klassiekers in Vlaanderen. Zijn ze wel lastig genoeg om het verschil te maken? “Ik ken de namen nog niet van die hellingen”, antwoordt hij. “Maar ik maak me geen zorgen. Bij zo’n lange koers, bijna 270 km, kom je sowieso tot een lastige wedstrijd. Natuurlijk, het hangt er vanaf hoe er gekoerst wordt, maar het zal leuk worden. Na elke kasseihelling volgt even een vlak deel, maar als het slecht weer is en de wind goed blaast, dan kan het een fijne, hectische wedstrijd worden.”

Julian Alaphilippe, Sonny Colbrelli, Wout van Aert of Matteo Trentin: een pak renners mag zich favoriet noemen. “Je weet dat ik niet van mezelf ga zeggen dat ik favoriet ben”, lacht hij. “Alles hangt natuurlijk af van de vorm van de dag, het koersverloop, het weer kan een rol spelen. Zoals altijd doe ik mijn best, het parcours moet me liggen en ik ga proberen om er van te genieten.”

(belga)