PODCAST. Dit weekend komt mijn leven weer op gang

Gekrijs wanneer je na een lange dag eindelijk een campari hebt uitgeschonken of een gevecht in je recent geordende inloopkast: een gezin kan hectisch zijn. Bij Anneke (46) uit Pulle is dat niet anders. Samen met haar man Phille (48) en zonen Ricky (14) en Vinnie (9) probeert ze er elke dag het beste van te maken.

An Van de Voorde

“Hey Anneke, hoe gaat het met jou?”

Collega Bijou straalt. Ze is bezig aan haar laatste dag bij Gazet van Antwerpen, want ze is aangenomen om in Amsterdam een masterclass onderzoeksjournalistiek te gaan volgen. Ze begint aan een nieuw hoofdstuk in haar leven, alla. “Je zal nieuwe vrienden maken, nieuwe plekken ontdekken, supertof”, zeg ik oprecht blij.

Blij, maar ook een beetje verdrietig omdat ze vertrekt, want Bijou heeft haar naam zeker niet gestolen. Een juweeltje is het. Verdrietig ook omdat Bijou de zoveelste collega is die in een tijdsspanne van een paar maanden vertrekt. Toen vlak voor de lockdown mijn collega en partner-in-crime Jeroen ontslag had genomen om een boek te gaan schrijven over zijn familie, zette hij daarmee een trend. De ene na de andere collega volgde zijn voorbeeld. Stadschef Sam, u weet wel, die van de Fixkes, was de eerste. Hij vertrok omdat hij weer muziek wilde gaan maken. Nochtans was hij een chef uit de duizend. Met zijn 1,64 meter – zelf beweert hij veel groter te zijn – torende hij in mijn ogen toch mijlenver boven me uit. In zijn manier van denken en omgaan met anderen was hij groots, en die cheffenjob ging hem dus prima af.

Maar Sam vertrok en ik werd overgeplaatst naar een andere deelredactie, waar ik naast Thomas kwam te zitten. Thomas was top, maar ik was nog geen twee weken zijn buurvrouw of er werd een mailtje rondgestuurd waarin het vertrek van Thomas werd aangekondigd. Sinds eind augustus werkt hij bij de VRT mee aan het laatavondjournaal. Dag Thomas.

Aan mijn eiland bleven er nog maar weinig collega’s over die ik langer dan een jaar kende. Tom was er daar één van. Hij werkte al bij Gazet van Antwerpen toen de krant nog zo groot was dat je er gemakkelijk een kamer kon mee behangen. Met het kleine formaat van tegenwoordig raakt een woonkamer maar moeilijk aangekleed. Tom was er elke dag, al járen. Maar op een goede dag, nog niet zo lang geleden, viel Tom in een voetbalstadion plat op zijn rug naar beneden, waarop hij besliste om ineens een jaar thuis te blijven. Verlof zonder wedde. En hup. Toen waren we nog met twee.

Nu doet iedereen natuurlijk met zijn leven wat hij zelf wil, maar het maakt dat de pot eindredacteurs wel erg klein werd en de werkdruk nu al een tijdje hoog ligt voor de mensen die nog wel bij de krant werken. Ik ben de voorbije maanden echt afgegleden in een toestand van work, sleep, repeat.

“Hoe het met me gaat? Bwoah”, zei ik dus tegen Bijou, toen ze me vroeg hoe het me met ging. Het zat me ineens helemaal tot hier, weet u wel. Tot boven mijn hoofd. Ik had het gehad. “Wat is er dan?” vroeg Bijou geschrokken. “Gewoon”, zei ik, lichtelijk geïrriteerd over mezelf omdat ik Bijou lastigviel met mijn beslommeringen. Het belette me evenwel niet om verder te gaan. “Het lijkt alsof iedereen zijn leven weer op gang heeft getrapt. Mensen gaan op reis, naar feestjes, ze gaan dansen en zo. En dat van mij lijkt te blijven sluimeren. Alsof ik nooit meer uit mijn lockdown kom. Alsof ik alleen maar werk en voor de kinderen zorg, de was en de plas doe, beetje ga slapen en opnieuw begin.”

“Ach”, zei Bijou. “Je mag vrijdag toch naar een feestje!”

Dat feestje was de Blijven Plakken-fuif in de Lotto Arena, georganiseerd door de krant. Ik had me al ingeschreven nog voor de uitnodiging was binnengekomen, zo hard keek ik ernaar uit. Toen uit de werkregeling bleek dat ik die avond zou moeten werken, zonk ik weg in een depressie. Maar ik herpakte me en ging janken bij de baas. ’t Is te zeggen: ik stuurde een zielig mailtje naar alle bazen, ook naar de opvolger van Sam. En die deed zijn best. De werkregeling werd aangepast en ik kreeg mijn toegangsticket. Met een begeleidend mailtje, dat een coronapas verplicht was.

En ik zakte weer weg, in mijn dal van verdoemenis. Want ik ben wel dubbel gevaccineerd, maar ik heb geen Covid Safe Ticket, omdat ik de pincode van mijn identiteitskaart kwijt ben. “Dat regel je toch effe”, zei Bijou.

En hoewel veel gedoe, heb ik het uiteindelijk geregeld. Dit weekend komt mijn leven weer op gang en bent u van mijn gezaag verlost. Volgende week heb ik hopelijk alleen happy verhalen te vertellen, met drank en nog meer drank.