©  BELGA

Junior Cian Uijtdebroeks wil scoren op EK én WK, maar voelt geen druk: “Ik moet niet hetzelfde doen als Remco”

Simpel: in welke juniorenwedstrijd Cian Uijtdebroeks (18) ook aan de start staat, hij is de topfavoriet. Dus ook woensdag op de EK-tijdrit in Trento en de wegrit vrijdag. Twee keer goud en hij doet hetzelfde als Remco Evenepoel drie jaar geleden. “Ik voel geen druk. Het parcours is niet op mijn maat gemaakt, maar ik ga er wel voor.”

Werner Bourlez in Trento

Zeven zeges en zes tweede plaatsen: dat is het mooie palmares dit seizoen van Cian Uitdebroeks bij de junioren. Maar hij heeft gepiekt naar wat komen gaat: eerst het EK in Trento en daarna het wereldkampioenschap in eigen land. Telkens in tijd- en wegrit. “Al weet ik niet of ik de te kloppen man ben”, zegt Uijtdebroeks. “Op een klimparcours was er geen discussie mogelijk maar op deze omlopen weet ik het niet. De tijdritten zijn zowel hier in Trento als in Vlaanderen vlak. In de wegrit lijkt het parcours in Trento mij beter te liggen omdat er een bergje van 3 à 4 km in zit. Maar dat is geen col natuurlijk (lacht). En daar hou ik het meest van. Ik mis die explosiviteit op de korte klimmetjes.”

Toch gaat Uijtdebroeks er voluit voor. Te beginnen woensdag in de tijdrit. “Ik won in de Vredeskoers toch ook de vlakke tijdrit. Op deze tijdritomlopen hebben de zwaardere mannen een voordeel. Maar het gaat natuurlijk om vermogen trappen. Ik zou blij zijn met een podiumplaats. De Noor Per Strand Hagenes is volgens mij de topfavoriet en ook de Fransman Romain Grégoire en de Duitser Emil Herzog (en ploegmaat bij Auto Eder de opleidingsploeg van BORA-hansgrohe, red.), moeten in de gaten worden gehouden. Maar er zal ook wel plots een sterke Italiaan zijn. Het is moeilijk te voorspellen.”

 

 ©  BELGA

Wat niet wegneemt: iedereen kijkt naar toptalent Uijtdebroeks. “Ik heb gepiekt naar deze periode, voor de jeugdrenners zijn kampioenschappen de mooiste koersen. Op dat podium staan met een Belgische trui roept emoties op. En alle toppers zijn er. Maar ik voel geen druk. Natuurlijk zou het leuk zijn om twee keer goud te pakken, maar niet omdat Remco Evenepoel dat deed. We zijn andere renners.”

Tirreno-Adriatico

Toch maakt ook de perfect tweetalige renner uit Hannuit volgend jaar meteen de overstap van de junioren naar de profs. “Het is een hele grote stap, maar ik denk wel dat ik er klaar voor ben. En de ploeg zou mij geen contract van drie jaar geven als ze er niet in geloven. Niets moet. Het zal er op aan komen om ervaring op te doen en steeds beter te worden. Ik ga ook vooral kleinere wedstrijden rijden, al zal er wel eens een koers al Tirreno-Adriatico of Dauphiné tussen zitten. En ik ga ook nog beloftenwedstrijden rijden met de nationale ploeg. Dat is belangrijk om te blijven kunnen strijden voor de zege en niet meteen in een helpersrol te zitten. Dan is er een kans dat je dat blijft. Die combinatie is nodig. Waar ik dan later terechtkom, dat zien we wel. Is dat knechten voor een topper zoals bijvoorbeeld Tadej Pogacar, dan is dat zo. Maar uiteraard wil ik liefst kopman worden hé. Ik droom van grote rittenkoersen als de Tour. Mijn liefde voor de koers kwam er nadat ik Chris Froome zag winnen in Frankrijk. Maar ook al wordt er gezegd dat ik de nieuwe Pogacar, Roglic of Evenepoel kan worden: dat hoeft niet. We zien wel wat de toekomst brengt. Het is ook afwachten hoe mijn lichaam reageert op die profwedstrijden. Niet iedereen rijdt meteen vlot mee met de profs zoals Remco. Maar als ik toch iemand mag kiezen: doe dan maar Primoz Roglic.”

 

 ©  BELGAIMAGE