Petra Polak met dochter Melanie. “Door de coronacris ben ik vaak haar publiek. Ik begin er steeds meer van te genieten.” 

Petra Polak met dochter Melanie. “Door de coronacris ben ik vaak haar publiek. Ik begin er steeds meer van te genieten.” 

Petra ‘Pitti’ Polak: “Ik heb totaal geen zin meer om nog op een podium te staan”

Edegem -

Poor, Stupid and Ugly. De oudere lezer linkt deze titel van een hit uit 1990 ongetwijfeld aan de Vlaamse band Pitti Polak. Dertig jaar later is dat muzikale succes voor zangeres en frontvrouw Petra Polak (54) uit Hove, die voluit ging voor een carrière in het onderwijs, nog maar een verre herinnering. “Ik zing zelfs thuis niet meer”, zegt ze.

Tom Vets

Ooit stond Petra Polak voor massa’s mensen te zingen. Maar anno 2021 zijn het alleen nog kinderen in het zesde leerjaar die ze op een educatieve manier tracht te entertainen. “Dit was al het tweede schooljaar dat door corona moeilijker is verlopen”, vertelt Petra. “De omschakeling naar online lesgeven was moeilijk. Ik ben een totale leek wat computers betreft. Godzijdank waren zoon Mille en dochter Melanie in de buurt om te helpen. Er waren voortdurend kinderen in quarantaine, die de les via een computerscherm thuis moesten volgen. Ik gaf zelf les vanuit de woonkamer, toen Melanie besmet was. Dat was een euh… bijzondere ervaring. (lacht) Ik denk dat ik geen enkele week heb gehad dat mijn klas volledig was. Toch waren de rapporten goed. Er verscheen veel in de pers over leerachterstand, maar in mijn klas was daar alvast niks van te merken. Omdat er veel uitstappen werden geschrapt, kwam er extra lestijd vrij.”

Je staat nu in het onderwijs, maar eigenlijk is er van een carrièreswitch nooit sprake geweest.

“Klopt. Ik stond al in het onderwijs, toen ik op mijn twintigste begon met ons bandje Pitti Polak & The Softies. Het was de max om op die podia te staan, zoals bij Tien om te zien. Het huiswerk werd nagekeken in de kleedkamer en als er opnames in de muziekstudio waren, nam ik de strijk gewoon mee. Ik heb dat tien jaar op die manier gedaan, maar toen was het bobijntje af. Ik ben ermee gestopt, toen Melanie werd geboren. Mijn minder goede karaktertrek is dat ik altijd tot het uiterste ga. In alles. Ik voelde dat de combinatie van mama zijn, optreden én lesgeven compleet onhaalbaar werd.”

Petra aan de piano. 

Petra aan de piano. 

De appel valt niet ver van de boom. 

De appel valt niet ver van de boom. 

Ik bespeur precies weinig heimwee.

Zeker niet. Al koester ik nog wel de mooie momenten. Ik zong twee keer op een uitverkocht Marktrock. Fantastisch! Of Beach Festival, waar we als opener de zon boven de zee zagen opkomen. Heb ik me geamuseerd? Absoluut. Maar alles heeft een eindtijd. Ik ben niet de persoon die hardnekkig blijft teren op zaken van een kwarteeuw geleden.”

Hoe geraakten jullie aan een platencontract?

“In die tijd maakten cassetjes de dienst uit en wij hadden naar veel platenfirma’s een exemplaar met onze songs opgestuurd. De dag erna reageerden al meteen twee platenfirma’s met de vraag zo snel mogelijk een op de koffie te komen. Enfin, de deal met EMI in 1990 was snel rond. De demoversie van Poor, Stupid and Ugly bekoorde meteen alle betrokkenen. Ons eerste plaat in 1992 was goed voor goud. Daarvoor moest je toen 25.000 exemplaren voor verkopen, nu is dat veel minder. De eerste vier jaar waren we erg hot. Elk weekend was er wel een optreden.”

Maar het succes had blijkbaar ook een keerzijde.

“Ineens kwam er een grote druk op onze schouders terecht. De tweede plaat moest nog beter zijn. De derde liefst ook. Maar de fut was er bij mij toen al uit. Ik was zwanger van Melanie, en we hadden al een succesplaat gemaakt. Voor mij hoefde de muziek niet meer. Op mijn dertigste was ik iemand geworden die snakte naar wat rust.”

Heb jij nog muzikale vrienden uit die tijd?

“Ik woon in Hove, in de buurt van Bart Peeters en Jan Leyers. Voor die laatste deed ik geregeld backing vocals met mijn zussen. Zij zongen ook de backings op de platen van Pitti Polak, en Jan was fan van dat geluid. Bart en Jan kom ik hier soms tegen, maar we lopen elkaars deur niet plat. Ook Ronny Mosuse is een vriend. Hij deed de backings op Silly Coincidence. Ik weet ook dat Michel Follet destijds een grote fan was.”

Hebben je kinderen het muziekvirus ook te pakken?

“De ene al wat meer dan de andere. Mille heeft gedrumd, maar die staat niet zo graag in de belangstelling. Als je carrière wil maken in de muziek, is dat niet zo handig. Mille zat als Erasmusstudent zes maanden in Salerno (Italië). Hij heeft hier in de buurt ook succes gehad met Bar Polak, een rijdende cocktailbar in zo’n Italiaanse Piaggio Ape. Inmiddels heeft hij beslist om nog twee jaar extra te studeren. Iets met economie.

En je dochter?

Melanie zingt. Ze speelt ook piano en gitaar. Ze deed vier jaar geleden mee aan The Voice Van Vlaanderen en studeerde Musical. Ze schrijft ook liedjes. Die wil niets liever dan optreden, maar dat gaat natuurlijk al tijden niet. Dus als ze zingt of een instrument bespeelt, is dat bij ons thuis. Met mij als publiek. Ik merk dat ik daar eindelijk ook van kan genieten. Vroeger betrapte ik me erop dat ik elke keer kritiek gaf. Of haar zei dat ik het anders zou doen.”

Melanie maakte enkele jaren geleden ook een zeer ontroerend nummer.

“Dat was een nummer naar aanleiding van de terroristische aanslag op de luchthaven in Zaventem. Dat was voor ons hele gezin een heel heftige periode. Melanie stond vlakbij de plek waar de bom afging. Ze zou die dag op Romereis vertrekken met het Sint-Ritacollege uit Kontich. Het verwerkingsproces heeft een flinke tijd geduurd. Als er nog maar een vuilniswagen buiten wat lawaai maakte met een container, ontstond er hier al blinde paniek. Gelukkig is het ergste voorbij.”

Wanneer heb je voor de laatste keer opgetreden?

“Met Pitti Polak? Dat moet ergens in 2005 geweest zijn in Edegem. Het was toen bitterkoud en ik zong in een dikke trui. Dat herinner ik me nog goed. Het optreden was het definitieve einde van de groep. Onze pianist speelde later nog eventjes bij Stef Bos. De drummer is naar Yasmine gegaan maar ik weet dat hij later is gestopt. We sturen elkaar nog geregeld verjaardagwensen maar ik heb hen al jaren niet meer gezien.”

Kriebelt het dan niet om weer samen te komen?

“En opnieuw te gaan optreden? Nee! Totaal geen zin in. Nochtans zitten sommige mensen er blijkbaar op te wachten. Nog steeds bellen mensen me om te komen zingen op trouwfeesten, begrafenissen of in jeugdhuizen. Maar ik kan dat echt niet meer.”

Waarom?

“Ik ben het verleerd! Stressbestendigheid, zeker zijn van je stuk, teksten blokken… Ik ben er te oud voor geworden. Ik zing zelfs thuis niet meer. Melanie is altijd aan het zingen. Maar als we samen zingen hoeft het voor haar al snel niet meer. Misschien op een of ander schoolfeestje heb ik met m’n zatte botten nog eens gezongen maar dat was dan zeker niet fantastisch.”

Maar naar verluidt is de muziek toch niet helemaal uit je leven verdwenen?

“Klopt. Ik betrek geregeld muziek in mijn lessen. Als Melanie niet op het conservatorium in Brussel moest zijn, liet ik ze naar mijn klas komen. Ze bracht haar ukelele mee en alle kindjes vonden dat fantastisch. Soms stelden we onze eigen top 30 samen en dan lieten we iedereen stemmen. Dat is elke keer heel prettig.”

Waarom doopte je de band eigenlijk Pitti Polak? Zit daar een verhaal achter?

“Ik was de jongste van vier meisjes en mijn zussen lazen als kind de boekjes van Pitti op kostschool. Een Engelse reeks. Door die boekjes zijn ze me thuis Pitti gaan noemen. Of Pietje of Peke. Er zijn veel mensen die me nog altijd Pitti noemen. Zelfs mijn moeder.”

Polak is ook geen Belgische naam.

“Inderdaad. Ik heb Joodse familieleden in de Verenigde Staten. Ik herinner me dat mijn vader destijds platen van Pitti Polak naar hen opstuurde. Ze vonden Polak een verschrikkelijke naam. Polak is daar een scheldwoord en zij veranderden hun naam om die reden in Palmer of Polar… Anderzijds was het door het succes van de groep ook leuk dat ik op die manier andere Polakken in eigen land leerde kennen. Maar ze zijn helaas met weinig. Velen zijn immers gestorven in Auschwitz.”