Alice Dierckx in de tuin bij de molen van haar man Laurent Van Der Moeren. 

Alice Dierckx in de tuin bij de molen van haar man Laurent Van Der Moeren. ©  BERT DE DEKEN

Windmolentuin in Weelde: “Moet er een molen op uw graf komen staan?”

Naar Weelde-Ravels rijden is altijd een beetje reizen, zo bedenken we als we de donkere staatsbossen achter ons hebben gelaten. We bevinden ons op een boogscheut van het buitenland, ook al is dat ‘maar’ onze noorderbuur Nederland. In de Prinsenlaan in Weelde krijgen we al een voorproefje van typische Hollandse tuininrichting. In een voortuin staan tal van kleurrijke molens te draaien. In het midden prijkt een grenspaal. Alleen tulpen ontbreken nog.

Stijn Janssen

We zijn hier duidelijk op het erf van een Kempenaar gestrand: naar een voordeur is het zoeken, terwijl de achterdeur op een kier staat. We zijn wildvreemde passanten, maar de vrouw des huizes, Alice Dierckx, ontvangt ons gastvrij. Haar man geeft deze dinsdagnamiddag niet thuis. Laurent Van Der Moeren – Ran voor de vrienden en Flor voor de werkmakkers – is gaan fietsen met zijn kameraden, zo deelt Alice ons mee in haar achterkeuken. “Ik heb eerlijk gezegd niet graag dat hij nog gaat fietsen”, zucht ze. “Vorige week zijn ze om halfnegen ’s ochtends vertrokken en waren ze pas om halftien ’s avonds terug. Ze hadden honderdvijftig kilometer afgelegd.” Je moet weten dat haar man dit jaar 90 wordt en Alice binnenkort 86.

We staan oprecht in bewondering voor de vitaliteit van haar en haar man, maar we zijn gekomen om het verhaal te kennen achter hun voortuin vol met windmolens en een oude grenspaal. Onze eerste gedachte, dat het tafereel verwijst naar het nabije Nederland, blijkt niet te kloppen. “Er stoppen wel veel Hollanders om foto’s te nemen”, zegt Alice. “Maar wat er in onze tuin staat, heeft niets met Nederland te maken. Mijn man had vroeger bij zijn ouders thuis al een molen in de tuin staan. Die heeft hij nadien hier nagebouwd. Toen ik hem voor de eerste keer thuis opzocht, stond er ook al een helikopter op het dak van de schuur. Ook die had hij zelf gebouwd. Nooit zit hij stil. Altijd is hij achter in zijn werkplaats bezig. ‘s Avonds gezellig in de zetel voor de tv gaan zitten, is er niet bij.”

Boerenzoon

Laurent is een boerenzoon. Toen Alice – dochter van een douanier – verkering met hem kreeg, wist ze dat dit thuis bij Laurent niet in goede aarde zou vallen. “Hij moest van zijn vader de boerderij overnemen”, zegt ze. “Maar omdat ik geen boerendochter was, vond zijn vader onze verkering maar niks. Hij moest van mij een boerin maken, maar dat is niet gelukt. Van een douanedochter kan je geen boerin maken. Achteraf is dat zijn geluk geweest. Mijn man zag de boerenstiel ook niet echt zitten.”

Laurent smijt nooit spullen weg en gebruikt alles wat hij vindt voor zijn nieuwe creaties. 

Laurent smijt nooit spullen weg en gebruikt alles wat hij vindt voor zijn nieuwe creaties. ©  BERT DE DEKEN

Laurent wilde met zijn handen werken. Maar niet als boer, wel als houtbewerker. “Toen hij achttien werd, liet hij zich inschrijven voor een opleiding ‘tekenen’”, vertelt Alice. “Toen hij thuiskwam, was zijn vader kwaad. ‘Daar komt niets van in huis’, zei hij. ‘Doe die schoon kleren maar weer uit en ga op het veld werken.’”

Uiteindelijk nam een andere broer de boerderij over. Laurent ging om de kost te verdienen eerst een aantal jaren op de ‘Volt’ werken, een gloeilampenfabriek van Philips in Tilburg. “Maar toen een schrijnwerker uit het dorp zag wat hij allemaal met zijn handen kon, mocht hij bij hem komen werken”, vertelt Alice.

Het eerste wat Laurent voor zijn vrouw maakte, waren twee zeteltjes voor hun huis. “Die zeteltjes hebben hier jarenlang gestaan”, zegt Alice. “Ik heb ze altijd speciaal gevonden. Hij had er al kromme leuningen voor gemaakt terwijl hij toen nog geen ander werktuig in huis had dan een hamer en een trektang.”

Alles draait

Laurent zullen we vandaag niet te zien krijgen. Maar Alice neemt ons mee de tuin in en geeft als een trotse gids bij elke constructie van haar man een uitvoerige en deskundige uitleg. Zo is de grenspaal geen authentieke paal. “Hij heeft de paal gemaakt toen een tante van hem 100 jaar werd”, vertelt ze. “Er werd toen door de buurt een stoet georganiseerd met allemaal tafereeltjes uit haar leven. Wij hadden de opdracht om de grens en de douane uit te beelden. Hij heeft toen die grenspaal gemaakt en later mee naar huis genomen.”

Laurent en Alice hebben dit jaar al zes windmolens verkocht. 

Laurent en Alice hebben dit jaar al zes windmolens verkocht. © BERT DE DEKEN  

Als we rondkijken, valt het ons op dat alles wat in de tuin staat, draait: de wieken van de windmolens, de armen van de watermolen, het rad in een volière. “Er komt geen batterij of elektriciteit aan te pas”, legt Alice uit. “Mensen zeggen me vaak: ‘ge zou uw elektriciteit gratis van de windmolens kunnen hebben.’”

Laurents succesnummer zijn de windmolens. “Vooral de Nederlanders die hier voorbijkomen, willen er een kopen”, zegt Alice. “Hij heeft er een bijverdienste van kunnen maken. Deze winter heeft hij er weer tien gemaakt, waarvan er al zes verkocht zijn. Ik ben degene die ze verkoopt. Ik zet ze te koop op internet, op ‘tweedehands.be’. Van computers heeft hij geen verstand. Hij kan alles met zijn handen maken, maar ik heb hem maar met veel moeite kunnen leren hoe het bakje van de televisie werkt.”

 

Molen op zijn graf

“We verkopen ze veel te goedkoop”, zegt Alice. “De kleinste molen kost 135 euro, een tussenmodel 175 en de grootste 235 euro. Voor het geld doet hij niet. Er kruipen heel veel uren in. Aan een molen werkt hij makkelijk tien dagen. De grootste die hij ooit gemaakt heeft, staat in Kasterlee. Ze zijn hem met een kraan moeten komen ophalen. Ik weet niet juist hoeveel molens hij al gemaakt heeft in zijn leven, maar ik schat zeker vijfhonderd.”

Veel geld aan materiaal voor zijn constructies geeft haar man evenwel niet uit. Een schop achter in de tuin zit volgestouwd met afbraakhout en fietsonderdelen. “Hij maakt alles met recuperatiemateriaal”, legt Alice uit. “De molens zijn gemaakt van hardhout van kalverstallen in de buurt die afgebroken worden. De wieken draaien op de trapassen van fietsen. Hij vindt overal wel iets wat hij kan gebruiken en koopt zelden materiaal aan. Iets wegdoen kan hij ook niet.”

We ontdekken nog een heuse Mariagrot in de grote tuin. Uiteraard is ook deze replica uit Lourdes door Laurent zelf gebricoleerd. “Die heeft hij voor mijn moeder gemaakt”, vertelt Alice. “Ze heeft lang bij ons ingewoond. We hadden een kamer voor haar bijgebouwd. Met het overschot van het bouwmateriaal heeft Laurent voor haar die grot gemaakt. Telkens ze er voorbijkwam, deed ze een paar weesgegroetjes.”

De Mariagrot die Laurent maakte voor zijn schoonmoeder. 

De Mariagrot die Laurent maakte voor zijn schoonmoeder. © BERT DE DEKEN

Zelf hebben Alice en Laurent al vier achterkleinkinderen. “Ze zijn gek van die draaiende molens”, zegt Alice. “Een kleinkind heeft hem ooit gevraagd: ‘Vake, als ge dood zijt, moet er dan een molen op uw graf komen staan?’ Hij heeft er niet op geantwoord.”

“Als ik het ongeluk heb er ooit alleen voor te staan, kan ik hier niet blijven wonen. Ik kan dit allemaal in mijn eentje niet onderhouden. Maar het zou toch heel spijtig zijn als dit allemaal zou verdwijnen.”

 

MEER OVER Blikvangers Kempen

Meer nieuws uit de Kempen

citta Kempen

Mobiliteit in de Kempen

Vastgoed

Auto's in de kijker

Jobs in de regio