©  BELGA

Alvaro Hodeg wint uitgeregende tweede editie van Grote Prijs Vermarc

Alvaro Hodeg (Deceuninck - Quick-Step) heeft zaterdag in Wezemaal (Rotselaar) de tweede editie van de Grote Prijs Vermarc gewonnen. Na tien uitgeregende ronden, goed voor 164 kilometer, was de 24-jarige Colombiaan in een sprint met twee sneller dan Brent Clé. De 19-jarige Arnaud De Lie vervolledigde het podium.

Maarten VanhoofBron: BELGA

Van bij de start lag het tempo erg hoog en dat zorgde er meteen voor dat het peloton op één lang lint getrokken werd. Voor Tim Wellens, Alvaro Hodeg, Quentin Venner, Dylan Bouwmans en Rutger Wouters ging het toch nog te traag. Zij gingen in de tweede ronde voor de grote groep uitrijden. Wat verder sloot nog een pak renners aan en ontstond een kopgroep van 35 man.

Daaruit ontsnapten over halfkoers Tim Marsman en Wessel Krul. Alvaro Hodeg, Philipp Walsleben, Brent Clé en Rutger Wouters sloten aan. De kopgroep van zes kreeg er één van zeven in de achtervolging. Bert Van Lerberghe, Arnaud De Lie, Lennert Van Eetvelt, Jonas Rickaert, Kenneth Van Rooy, Jason van Dalen en Laurens Sweeck volgden met nog vier ronden voor de boeg op 40 seconden. Datzelfde tijdsverschil was er ook nog bij de voorlaatste passage aan de eindmeet. Met nog 30 kilometer te gaan zette Sweeck zich recht en was het zes tegen zes. Bij het ingaan van de slotronde was de kloof tussen beide groepen geslonken tot een halve minuut. Hodeg versnelde op 13 kilometer van de finish en alleen Clé had een passend antwoord. 

De verstandhouding was meteen goed en in de sprint toonde Hodeg zich de snelste, goed voor zijn eerste zege van het seizoen. Achter het tweetal smolten de groepjes nog samen en was de derde plaats voor De Lie.

Op de erelijst volgt Hodeg zijn Franse teamgenoot Florian Sénéchal op.

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.

Alvaro Hodeg blij met eerste zege sinds oktober 2019

“En of ik blij ben. Het was dan ook al een poosje geleden dat ik nog eens kon zegevieren”, reageerde Alvaro Hodeg (Deceuninck - Quick-Step) zaterdag na zijn overwinning in de GP Vermarc. Het was voor de 24-jarige Colombiaan de eerste zege sinds de Sparkassen Münsterland Giro van 3 oktober 2019.

“Het zijn bizarre tijden en nog eens winnen doet deugd. Het was een bijzonder zware koers met de wind en de regen die de hele dag met bakken uit de lucht viel. Toen er zich een omvangrijke kopgroep vormde, zaten we daar met drie man van de ploeg in. Uiteindelijk vormde zich een nieuwe vluchtersgroep van zes renners sterk. Ondanks het feit dat ik snel ben aan de eindmeet, wou ik een sprint met dat gezelschap niet afwachten. Ik viel in de slotronde aan op die helling en kreeg enkel Brent Clé met me mee. Meteen was de verstandhouding goed. Ik wachtte de laatste kilometer af, versnelde op 200 meter van de streep en zou niet meer ingehaald worden.”

Brent Clé tweede in zijn eerste koers van het seizoen

Brent Clé (Stageco CT) kaapte zaterdag in Wezemaal meteen een tweede plaats weg in zijn eerste wedstrijd van het seizoen. “Tweede worden achter een rappe man als Alvaro Hodeg, die bij een WorldTeam koerst, is geen schande”, vertelde de 25-jarige renner uit Begijnendijk. “Ik ben eliterenner zonder contract en dit was dan ook mijn eerste koers van het seizoen. En wat voor één. De wind en de regen zorgden ervoor dat het lastig was.”

“Ik heb een goede voorbereiding achter de rug, maar echt koersen is toch nog wat anders. Dit is een prestatie om in te kaderen. Ik kwam eigenlijk heel onzeker aan de start van deze Grote Prijs Vermarc. Vorig jaar had ik al enkele wedstrijden gereden, nu stond er nog een nul op de teller. Ik startte met klamme handjes. Gaandeweg voelde ik wel dat de benen goed waren en dat er een mooi resultaat zou kunnen inzitten.”

Uiteindelijk trok op 13 kilometer van de finish Alvaro Hodeg in de aanval. Enkel Brent Clé was bij machte om hem te volgen. “Ik wist dat ik moest reageren, wou ik kans maken op een podiumplaats. Meteen zijn we beginnen ronddraaien. We wisten dat we moesten samenwerken wilden we kans maken op de zege. In de daaropvolgende sprint zat ik op kop. Maar ook al kwam ik uit het wiel, ik zou Hodeg zeker nooit kunnen kloppen.”

Meer sportnieuws