©  BELGA

Mathieu van der Poel is sprakeloos na zege in Ronde van Vlaanderen: “Alles perfect gedaan”

De eeuwige rivaal kloppen in een millimeterspurt die Vlaanderens Mooiste besliste: het moet een droom zijn voor Mathieu van der Poel (Alpecin-Fenix).

Laurens Van Heuverswijn

LEES OOK. Mathieu van der Poel wint Ronde van Vlaanderen na bloedstollende tweestrijd met Wout van Aert

De ontlading was enorm na de aankomst: de fiets in de lucht, de oerkreet, de knuffel van de vriendin en de tranen. “Ik heb er geen woorden voor, ik ben sprakeloos”, aldus de anders praatgrage Mathieu. “Ik wist het niet zeker. Normaal gezien voel ik altijd de meet. Maar ik zat helemaal kapot in de sprint. Ineens was die meet daar en moest ik jumpen. Ik keek naar Wout zijn wiel, maar we wisten het allebei niet. Ik ben er altijd in blijven geloven.”

De sprint was perfect, zei Van der Poel. “Ik was achter mij aan het kijken naar Wout, niet naar de achtervolgers. Ik wist dat hoe later de sprint aangezet werd, hoe meer het in mijn voordeel werd. Het feit dat Wout laat aanging, was een teken dat ook hij stikkapot zat. Ik ving hem perfect op, maar hij kwam wel half naast mij. Toen kwam de verzuring tot achter mijn oren. Ineens was die meet daar. Ik vreesde dat ik te laat was met mijn jump. Ik durfde niet te juichen. Men zei tweemaal dat ik gewonnen had, maar ik vroeg tien keer bevestiging. Dit maakt zoveel goed. Het rugnummer 51 zal toch iets speciaals zijn...”

 ©  BELGA

“Ook ik had motor niet gezien”

Ook na de podiumceremonie bleef het ongeloof. “Ik voelde me eigenlijk niet super. Alaphilippe brak de koers open op de Koppenberg en rijden we weg met z’n tweeën. Van Aert kwam nadien aansluiten op de Taaienberg. Julian heeft dan de pech om de motor te raken. Ikzelf had geluk. Wout reed van de linkse motor naar de rechtse om wat uit de wind te zitten. Ik had de rechtse niet meteen gezien en schrok ook een beetje. Ik kon errond, maar Julian niet. Niet gunstig voor mij, want ik had liever met drie de finale gereden. Dan was het tactischer gelopen. Nu was het man tegen man tegen Wout, die toch al fantastisch rijdt het ganse seizoen.” Aanvallen was moeilijk. “We zaten boven de 500W wattage, dus het ging hard genoeg voor allebei (lacht). Oude Kwaremont en Paterberg was echt duwen. We zaten op de limiet, dat zie je aan het feit dat we zolang wachten om te sprinten. Dat doe je enkel omdat je voelt dat het beste eraf is.”

De sprint was goed uitgedacht. “Mijn eerste vijf seconden zijn de beste in een sprint, dat weet ik. Dus de beginsnelheid lag laag, in mijn voordeel opnieuw. We hadden beiden dezelfde plaats in gedachten om de sprint in te zetten, maar ik ben een fractie van een seconde sneller. Daarmee win ik de koers. Ik voelde mijn eigen gevoel, ik wou niet wachten op hem. Misschien kwam die Brabantse Pijl weer bovendrijven (lacht). Ik sprintte op een kleinere versnelling omdat ik wist dat mijn piekwaardes daar komen. Raar dat we hier met twee voor de Ronde sprinten, als je ziet waar we vandaan komen.”

()

MEER OVER Ronde van Vlaanderen

Meer sportnieuws