Iedere zaterdag om 15u sluit de sluis aan Sas 3 in het kanaal Bocholt-Herentals tot maandag. Schippers liggen dan soms twee nachten voor anker voor het terras van Bert Staal en Matty Christensen. 

Iedere zaterdag om 15u sluit de sluis aan Sas 3 in het kanaal Bocholt-Herentals tot maandag. Schippers liggen dan soms twee nachten voor anker voor het terras van Bert Staal en Matty Christensen. ©  Gil Plaquet

Eilandbewoners: deel 3

Postels kanaaleiland, waar kunstenaars met schippers verbroederen en de Amerikanen een atoombom verloren

“Stel u een kanaal voor met een sluis waarin men de boten versast. Maar een dubbele sluis dan, links en rechts, en in het midden een stukje eiland dat men alleen bereiken kon over een rammelende ijzeren brug. En midden op dat eiland stond een huisje dat vroeger een schipperscafé was geweest.” Het zijn niet onze woorden die de woonplaats van kunstenaarskoppel Bert Staal (69) en Matty Christensen (66) in Mol-Postel beschrijven, maar wel die van wereldvermaard auteur Louis Paul Boon. We zijn zojuist via dezelfde rammelbrug aan land gegaan als hij in 1967 en staan op het punt ondergedompeld te worden in een fabelachtige historie waarin kapotte vazen, schippers en een atoombom de hoofdrol spelen.

Alain van Veldhoven
Wie eilandbewoners zegt, denkt meteen aan exotische bestemmingen zoals de Seychellen, Ibiza of de Malediven. Maar ook in eigen land vind je rasechte eilandbewoners. Deze reeks neemt je mee naar afgelegen en door water omringde woningen in onze regio. Oude visvijvers, verlegde rivierbeddingen of zelfs midden in een kanaal: eilanden heb je in alle vormen en maten. Al snel ontdekten reporter Alain van Veldhoven, fotografen Gil Plaquet en Kris Hossey dat eilandbewoners meer bezitten dan alleen een uitzicht. Ze hebben stuk voor stuk een droom waargemaakt. Al stel je je na het lezen van ieder verhaal wel de vraag wie nu de grootste invloed op wie heeft? Hebben de bewoners hun woonplaats naar hun hand gezet? Of hebben de eilanden hun bewoners onherkenbaar veranderd?

Waarom de woning van Nederlanders Bert en Matty vroeger een schipperscafé en -pension was, wordt meteen duidelijk als vanuit de verte een vrachtschip komt aangevaren. “Ah, dat is Marieke”, zegt Bert met een schattende blik. “Die kennen we.” De twee eilandbewoners en de bonkige schipper begroeten elkaar als oude vrienden wanneer de boot noodgedwongen even halt houdt voor de sluis. Tijdens het onderonsje zijn het huis en het scheepsdek maar enkele meters van elkaar verwijderd.

Als het schip versast is, vragen we ons af waarom de stoere kanaalvaarder met de naam Marieke door het leven gaat. “Oh, we hebben geen flauw idee hoe hij echt heet”, biecht Bert op. “Voor ons hebben alle scheepslui dezelfde naam als op hun schip staat.”

“Op zaterdag sluit de sluis om 15u”, neemt Matty over. “Pas maandag kunnen de schepen weer verder varen. Soms woont er dan twee nachten een schipper vlak naast ons. Daardoor hebben we elke week nieuwe buren! We hebben de taal van de schippers wel moeten leren spreken. Wij zijn kunstminnende stadsmensen. Als je hier met een fles wijn langs de kade gaat zitten, hoor je er niet bij. In een overall met een flesje bier daarentegen, dat lijkt er al meer op.”

Met tussenpozen brengt de overlopende sluispoort een klein watervalletje op gang dat Bert en Matty vanaf hun terras gadeslaan. Reigers, meeuwen en andere vogels vliegen af en aan. “Het is een voorrecht om hier te wonen”, trapt Matty een open deur in.

LEES OOK: Ex-chocolatier blijft als laatste van acht kinderen over op ouderlijk eiland: het Zilvermeer van Nijlen

Het huis van Bert en Matty staat op een langwerpig eiland in het Kanaal Bocholt-Herentals. 

Het huis van Bert en Matty staat op een langwerpig eiland in het Kanaal Bocholt-Herentals. ©  Gemeente Mol

“We hebben dit pand in 1992 gekocht”, zegt Bert. “Ik ben opgeroeid bij een kanaal in Friesland. Matty komt uit buurdorp Luyksgestel, hier net over de grens. We woonden samen in Eindhoven, maar als we gingen wandelen, zochten we steeds dit soort waterrijke plekken op. Postel heeft bovendien altijd een grote aantrekkingskracht op ons gehad. Op een dag stond hier een bordje met ‘Te koop’. Dat heeft er lang gestaan, hoor. Dit waren de woeste Kempen, hier kwam je toch niet wonen? Maar wij twijfelden niet. Desondanks leken we achter het net te vissen. Vermogende mensen met horecaplannen hadden hun oog op dit voormalige café laten vallen, maar omdat de Vlaamse Waterweg hier geen toerisme wilde, werd de veiling afgelast. Wij waren zowat de enige particulieren die zich hadden ingeschreven. Nadien kregen we telefoon met de vraag of we nog interesse hadden. We hebben meteen toegehapt.”

De Bom

Niet alleen met de passerende schippers klikte het snel, ook de buren heetten Bert en Matty meteen welkom. “Op een dag bezorgde Jan van de overkant ons een boekje met de titel De Bom. Het was geschreven door Louis Paul Boon. ‘Jullie weten toch dat op jullie eiland een film is opgenomen?’, vroeg hij. Dat wisten we niet. De regie en het scenario van de gelijknamige film bleken afkomstig van Robbe De Hert. De hoofdrollen waren voor niemand minder dan Louis Paul Boon en Hollywoodactrice Betsy Blair. Na de opnames heeft Boon over zijn ervaringen op de set dit boekje geschreven”, toont Bert terwijl hij met enige trots in zijn exemplaar bladert. “Er staan foto’s in van de schrijver en de regisseur hier in onze woonkamer.”

Helemaal vooraan merken we de handgeschreven opdracht van Robbe De Hert op. ”Ja, we hebben hem enkele jaren geleden ontmoet op een tentoonstelling over De Bom in het Molse cultuurcentrum. Daar maakten we ons bij hem bekend als de nieuwe eigenaars van zijn filmset. Hij wilde graag nog eens naar dit eiland terugkeren en dat is ook gebeurd. Het dialect dat hij sprak was zeer moeilijk te verstaan en we mochten ook niet te veel vragen, maar bij dat bezoek heeft hij wel deze tekst in ons boekje gezet. Daarin refereert hij naar een passage waarin Louis Paul Boon hem een godenkind en rot van het talent noemt (lacht). Een heerlijk eigengereide man, die Robbe.”

Regisseur Robbe De Hert keerde opnieuw naar de filmset van  en signeerde Bert en Matty’s exemplaar van Louis Paul Boons verhaal over de opnames. 

Regisseur Robbe De Hert keerde opnieuw naar de filmset van en signeerde Bert en Matty’s exemplaar van Louis Paul Boons verhaal over de opnames. ©  Gil Plaquet

“De film zelf is trouwens een mooi tijdsdocument”, gaat Matty verder. ”Hij werd opgenomen in 1967. Het was het begin van de antiatoomacties. Het is eigenlijk een protestfilm waarin Louis Paul Boon een Kempense garagist speelt die op een dag een Amerikaanse atoombom vindt. Hij raakt erdoor bezeten en verwaarloost zijn gezin. Uiteindelijk sterft hij. Het beginshot van het verhaal werd gefilmd door een uitgesneden hartje in de houten deur van zo’n ouderwets buitentoilet dat naast dit huis stond. We hebben dat hartje nog steeds”, zegt Matty voor ze verdwijnt en even later met het stuk hout terugkeert. “Het Boon-museum in Aalst wilde het niet hebben, kun je dat geloven?”

Ook over Boons tegenspeelster, Betsy Blair, valt een en ander te vertellen. De Amerikaanse had in 1955 enige roem vergaard met haar oscarnominatie voor beste vrouwelijke bijrol. In Postel kon ze zich maar moeilijk voorstellen dat je om een geloofwaardige Vlaamse huisvrouw neer te zetten geen klompen hoefde te dragen.

Museumgod

Als we samen met Bert en Matty rond het huis lopen, valt meteen de Deense vlag op die hoog aan een mast wappert. “Mijn vader kwam uit Denemarken”, verduidelijkt Matty. “We hijsen ongeveer elk jaar een nieuwe vlag. Het is verbazend hoe snel die dingen verslijten.”

Op de kademuur bij het kanaal trekt iets anders onze aandacht. Er liggen grote witte letters uitgestald die samen het woord ‘dogmuseum’ vormen. “Oh, dat is een project van mij”, treedt Bert naar voor. “Die letters hingen ooit aan een gebouw. Ik maak er elke maand een nieuw woord mee, voor de vliegtuigen. Het is hier natuurlijk geen dogmuseum, maar dat kwam nou zo uit. Kijk”, zegt hij terwijl hij de eerste drie letters achteraan legt. “Nu is het ‘museumgod’. Mijn combinaties zijn nog lang niet uitgeput.”

Een nieuwe Deense vlag wordt gehesen. Net daarvoor heeft Bert bewezen dat je met de letters van ‘museumgod’ en ‘dogmuseum’ ook ‘mausewoud’ kunt spellen. Daarvoor heeft hij creatief de ‘g’ tot ‘a’ verdraaid en een ‘m’ omgekeerd. 

Een nieuwe Deense vlag wordt gehesen. Net daarvoor heeft Bert bewezen dat je met de letters van ‘museumgod’ en ‘dogmuseum’ ook ‘mausewoud’ kunt spellen. Daarvoor heeft hij creatief de ‘g’ tot ‘a’ verdraaid en een ‘m’ omgekeerd. ©  Gil Plaquet

Een dog die ook een beetje god is, is Max. Het goedwaakse hondje van Bert en Matty wil ons maar wat graag leren kennen. “Het is een zeer toepasselijk ras: een schipperke”, verklapt Bert. “Een van jullie koningen had er ook zo een (Leopold II, red.), maar de onze is vernoemd naar koningin Maxima.”

Speels met crucifixen

Als we de woning binnenstappen, trekken de grote boekenwand, de zwevende houtkachel en de klassieke radiomuziek meteen onze aandacht. Het verlangen om er zelf onze intrek te nemen, groeit met de seconde. Hoe beter we kijken, hoe meer kunstwerken er opduiken. Het hele huis blijkt een permanente tentoonstelling van eigen werk. Schilderen, glasblazen, emailleren, bronsgieten, houtbewerken: er is geen techniek die de twee niet onder de knie hebben. “Zo eentje zou ik graag eens in het echt maken”, zegt Bert als we voor een op zijn zij liggende miniatuurkerk staan. “Ik ben architect, dus onmogelijk is het niet.”

Bert en Matty barsten van de creativiteit. Enkele van hun creaties hebben een plaats gekregen op Nederlandse rotondes. 

Bert en Matty barsten van de creativiteit. Enkele van hun creaties hebben een plaats gekregen op Nederlandse rotondes. ©  Gil Plaquet

Het is zonneklaar dat de twee zestigers bulken van de creativiteit. Matty toont ons haar ‘ravaasjes’. Dat zijn in stukken gegooide vazen waarvan ze de scherven in allerlei kleuren tooit en vervolgens weer in elkaar past. Aan de muur hangen afdrukken van met een auto platgereden voorwerpen. De reeks luistert naar de naam ‘Volvo-kunst’. Of wat dacht je van ‘speels met crucifixen’? Gekruisigde christussen die ballades dansen met een boerin of een hoge hoed voor hun geslacht dragen. “En dan moet je weten dat ik eigenlijk bouwkunde gestudeerd heb”, zegt Bert. “Matty is de kunstenares. Maar wij werken steeds samen en de scheidingslijn tussen kunstenaar en technicus ligt constant anders. Wie nu wie is, verschilt van uur tot uur. Daarom ondertekenen wij alles wat we hier maken met onze beide namen. Het is intiem om te zeggen, maar met Matty heb ik mijn muze gevonden. Het was liefde op het eerste gezicht. We zijn elkaar steeds blijven verkennen.”

Nieuwsgierig vraag ik naar de betekenis van de gekleurde tegels die voor de achterdeur liggen. Matty kijkt me verbaasd aan, maar dan klaart haar gezicht op. “Oh, die had ik nog niet zien liggen. Dat is vast een cadeautje van een schipper die ons graag mag. Die lui weten intussen dat wij voortdurend op zoek zijn naar interessante materialen. In ruil maak ik honing voor hen. Ik imker al zo’n vijftien jaar in de tuin. Is het je niet opgevallen hoeveel wilde bloemen hier staan? Die heb ik ingezaaid voor de bijen.”

 

 ©  Gil Plaquet

En zo blijken de kunstenaars ook nog eens een hart voor de natuur te hebben. “Het is hier een toplocatie voor vleermuizen”, vertelt Bert. “Ze nestelen zich graag in de holtes van onze ingeklapte parasols. We laten ze dan met rust, maar daardoor betalen we ons wel blauw aan parasols (lacht). We zijn intussen al aan ons derde exemplaar toe. Met de steun van de gemeente Mol hebben we ook een biofilter geïnstalleerd. Dankzij turf en een goeie bacteriecultuur zuiveren wij zo zelf ons afvalwater, mooi toch? We pompen hier trouwens ook ons eigen bronwater op. Dat is een hele verbetering met vroeger. Toen moesten we alles aanvoeren in grote bidons.”

Als we weer naar het vasteland willen trekken, duikt er een laatste verrassing op. Bert en Matty blijken over een privéverkeerslicht te beschikken om van het eiland te rijden. “Dat is geen overbodige luxe”, zegt Bert. “Die oude Baileybrug is best gevaarlijk. Er geldt eenrichtingsverkeer, maar wij moeten er vanuit het midden oprijden. Tom Boonen heeft hier eens een snelle wagen naar de verdoemenis gereden. Al lag dat volgens mij niet aan de brug, maar wel aan wat hij die avond geconsumeerd had (lacht).”

 
Van filmset naar kunstenaarsnest: Bert en Matty poseren op exact dezelfde locatie waar schrijver Louis Paul Boon en actrice Betsy Blair in 1967 het script van  doornamen. 

Van filmset naar kunstenaarsnest: Bert en Matty poseren op exact dezelfde locatie waar schrijver Louis Paul Boon en actrice Betsy Blair in 1967 het script van doornamen. ©  Gil Plaquet

Schrijver Louis Paul Boon neemt in 1967 het script van door. Actrice Betsy Blair leest het boek . 

Schrijver Louis Paul Boon neemt in 1967 het script van door. Actrice Betsy Blair leest het boek . ©  rr

Schipperke Max werd vernoemd naar koningin Maxima. “Al hebben wij eigenlijk niets met het koningshuis”, zeggen de twee. 

Schipperke Max werd vernoemd naar koningin Maxima. “Al hebben wij eigenlijk niets met het koningshuis”, zeggen de twee. ©  Gil Plaquet

 

 ©  Gemeente Mol

Matty en Bert met achter hen de baileybrug uit de Tweede Wereldoorlog. Het is de enige weg naar en van hun eiland. 

Matty en Bert met achter hen de baileybrug uit de Tweede Wereldoorlog. Het is de enige weg naar en van hun eiland. ©  Gil Plaquet

MEER OVER Eilandbewoners

Meer nieuws uit de Kempen

DOEN! in de Kempen

Mobiliteit in de Kempen

Vastgoed

Auto's in de kijker

Jobs in de regio