Een op de drie Vlamingen woont alleen

Een op de drie Vlamingen woont alleen

Print

In 2018 woonde 32 procent van de Vlamingen alleen. Sinds 2006 vormen de ‘alleenwonenden’ in Vlaanderen trouwens de grootste groep naar huishoudtype. Dat blijkt uit cijfers die Statistiek Vlaanderen maandag heeft bekendgemaakt. Uit die cijfers blijkt ook dat het aantal alleenwonenden vooral hoog ligt in de kustgemeenten en in de studentensteden.

Vlaanderen telde in 2018 6,55 miljoen inwoners, verspreid over 2,79 miljoen private huishoudens. De alleenwonenden (of éénpersoonshuishoudens) vormen daarbij met 32 procent de grootste groep, voor de gehuwden zonder inwonende kinderen (23 procent) en de gehuwden mét inwonende kinderen (22 procent). Die laatste groep is in vrije val. Sinds 2000 zakte die groep van 34 procent naar 22 procent. Het aandeel alleenwonenden is in die periode stelselmatig gestegen en sinds 2006 vormen ze de grootste groep.

Leuven en Lubbeek

Het percentage alleenwonenden varieert sterk van gemeente tot gemeente, schommelend tussen 21 procent en 49 procent. De hoogste percentages alleenwonenden zijn terug te vinden in de kustgemeenten en in de studentensteden. Zo telt Leuven bijvoorbeeld 48,5 procent alleenwonenden. In buurgemeente Lubbeek ligt dat met 22,8 procent al een pak lager.

Het percentage alleenwonenden in Vlaanderen ligt ongeveer op het EU-gemiddelde (33 procent). De percentages in Wallonië (35 procent) en vooral Brussel (46 procent) liggen een stuk hoger.

Uit de statistieken blijkt nog dat in 6 op de 10 huishoudens in Vlaanderen de partners samenwonen. Binnen de huishoudens met samenwonende partners waren er bijna 8 op de 10 gehuwd.

.

Nu in het nieuws