COLUMN. Verdrinken in wellness op het eiland Norderney.

Foto: Ben Roelants

Vakantie

COLUMN. Verdrinken in wellness op het eiland Norderney.

Print
Ben Roelants reist voor de zender Evenaar de wereld rond. Elke twee weken biedt hij ons hier een blik in zijn hoofd.

“Ja, Ben. Jetzt geht’s los! Spring maar!”, schreeuwt Heiko me toe. Ik draag een fel oranje droogpak. Een droogpak is het tegenovergestelde van een wetsuit, het is volledig waterdicht, laat geen lucht of water door, en kruipt omhoog in je bilspleet. Ik voelde me dus niet op mijn gemak. Maar misschien had mijn activiteit er meer mee te maken: ik stond op het punt om overboord te springen, van het schip van de Seenotretter van Norderney, recht de Waddenzee in.

Die Waddenzee is de gevaarlijkste zee ter wereld, zo werd me door Heiko toevertrouwd, ze is namelijk erg ondiep. “Soms heb je hier onder je kiel drie meter water, dan kan er een veerboot door, soms strand je onverbiddelijk op één van de vele zandbanken. Zo beweeglijk is de bodem van de  Waddenzee. Net wanneer je denkt haar te kennen, verandert alles de andere kant op en kan je opnieuw van nul beginnen.”. Een beetje overdrijven is onze redder niet vreemd, denk ik bij mezelf. Maar misschien heeft hij gelijk: je bent hier zeevaarder bij vloed en schipbreukeling bij eb. Vroeger sloeg menig schip hier stuk op de klippen en verloren ze hun koopwaar. De inwoners van Norderney? Die maakten daar mooi handel van. De één zijn dood…

Norderney mag wat mij betreft één van de fijnste Duitse Waddeneilanden genoemd worden. Het is een plek waar leven met en in de natuur hoog in het vaandel gedragen wordt. En die natuur mag je lekker ongerept noemen: de Niedersächsiche Waddenzee werd sinds 2009 door UNESCO geklasseerd als natuurlijk werelderfgoed. Dat heeft enerzijds te maken met het unieke landschap dat je hier vindt en tegelijk met de fauna: miljoenen trekvogels zoals Alpenstrandlopers en Knutten komen vanaf de late zomer tot het najaar een beetje bijtanken. Ze komen de nodige vetreserves opbouwen om hun vlucht verder te zetten naar het Zuiden. Uiteraard zijn de zeehonden en zeerobben ook van de partij en maken zij van de zandbanken gretig gebruik om even uit te rusten. Het eiland is maar voor een klein deel  bewoond, één derde wordt gebruikt om als natuurgebied, je kan er naar hartelust gaan fietsen en genieten van de prachtige duinen. Het laatste deel is weggelegd voor de dieren. Die mag je namelijk net betreden.

“Nou? Spring dan?!”. Heiko windt er geen doekjes om. Ik spring over de boeg, recht het ijskoude water in. Eerst ga ik kopje onder, maar dankzij het droogpak kom ik als een grote oranje brulboei terug boven drijven. “Geweldig,”, zeg ik bij mezelf,  “welkom op de Waddenzee.” Het schip van de Seenotretters vaart rakelings langs me heen, en vertrekt om me tien minuten later terug op te pikken. Tenminste: dat hoop ik althans.

En daar lig ik, tussen de zeerobben, brandeenden en oesterbanken, moederziel alleen.

Enkele ogenblikken later duikt het reddingsschip alweer op en word ik terug aan boord gehesen. “Nou,” , zeg ik, “Dat ging aardig snel. Maar erg moeilijk was het niet om me terug te vinden, aangezien ik op een fluorescerende sinaasappel lijk.”

“We kregen zonet oproep van een Zweeds zeilschip dat hier wat verder op een zandbank is gestrand.”, Heiko is de ernst zelve: “Maar tegelijk is het hun derde oproep deze week. Dus dachten we: we laten ze even voelen hoe woelig de Waddenzee kan zijn.”

-”Maar… euhm, hoe geraken die daar dan ooit weg.”

“Maak je maar geen zorgen,” antwoordt Heiko, “bij vloed is iedereen hier schipper!”

 

Bekijk de reportage die Ben filmde op Norderney in het programma En Route op Evenaar!

Bekijk Evenaar via Telenet Kanaal 51, Proximus 217, TV Vlaanderen 13.

NIET TE MISSEN