Vonnis over proces Abdeslam valt op 23 april

Foto: BELGA

Vonnis over proces Abdeslam valt op 23 april

Print

Het vonnis over de schietpartij die op 15 maart 2016 plaatsvond in de Driesstraat in Vorst, zal op 23 april worden uitgesproken. Dat heeft de Brusselse correctionele rechtbank beslist. Donderdag werd enkel nog gepleit over de burgerlijke partijstelling van V-Europe, de vereniging van de slachtoffers van de aanslagen van 22 maart. Volgens de verdediging van Salah Abdeslam en Sofien Ayari is die niet ontvankelijk. V-Europe betwist dat.

Het federaal parket vorderde in februari voor de twee verdachten twintig jaar cel voor moordpoging op politieagenten in een terroristische context en verboden wapenbezit in een terroristische context.

De verdediging van beide verdachten vroeg de vrijspraak voor de moordpoging en erkende enkel het verboden wapenbezit. Ook de terreurcontext werd betwist. De verdediging van Salah Abdeslam wierp ook een procedure-argument op.

Zowel de advocaten van Salah Abdeslam als die van Sofien Ayari zijn van oordeel dat de burgerlijke partijstelling van V-Europe, de vereniging van de slachtoffers van de aanslagen van 22 maart, niet ontvankelijk is in het proces over de schietpartij in de Driesstraat. Abdeslam en Ayari worden immers niet vervolgd voor de aanslagen van 22 maart voor enkel voor de schietpartij.

“Het is niet mijn bedoeling de slachtoffers te kwetsen maar we mogen de emoties ook niet misbruiken”, zei meester Isla Gültaslar, de advocaat van Sofien Ayari. “V-Europe vraagt u niet om twee mensen te veroordelen, maar een heel fenomeen. Dat kan niet, het strafrecht moet net individueel oordelen. Sofien Ayari en Salah Abdeslam worden niet vervolgd voor de aanslagen van 22 maart. Als het proces over die aanslagen plaatsvindt, zal V-Europe zich daar probleemloos burgerlijke partij kunnen stellen.”

“V-Europe verwijst voor haar burgerlijke partijstelling naar Franse rechtspraak” ging de strafpleiter verderr. “Maar in Frankrijk is er specifieke wetgeving over slachtofferverenigingen, die voorziet dat zij zich burgerlijke partij kunnen stellen.”

Meester Sven Mary, advocaat van Salah Abdeslam, hield het uitermate kort: “Ik heb intussen geleerd dat ik er als advocaat enkel ben om voor een juiste straf te zorgen, dat heeft onze minister van Binnenlandse Zaken toch zo gezegd.”

De strafpleiter verwees voor het overige enkel naar zijn schriftelijke conclusies, waarin hij ook betwist dat V-Europe het nodige belang zou hebben om zich burgerlijke partij te stellen. De strijd tegen het terrorisme en de waarheidsvinding zijn volgens de verdediging ook geen taken voor een slachtoffervereniging maar van het openbaar ministerie.