© Jan Van der Perre

Diana Krall in Elisabethzaal: liefdesliedjes, en een onvergetelijke afscheidskus

In ‘de boekskes’ wordt ze consquent Mevrouw Elvis Costello genoemd, maar Diana Krall is uiteraard veel meer dan dat. Op haar 52ste staat de Canadese pianiste bekend als een van de meest succesvolle jazzartiesten aller tijden, en met 'Turn Up The Quiet’ - haar veertiende cd, intussen - bracht ze eerder dit jaar een uitstekende plaat uit. De kaartjes voor haar concert in de prachtige Elisabethzaal waren dan ook in een zucht de deur uit.

Bart Steenhaut

Op de radio hoor je haar zelden, en interviews worden almaar schaarser. Maar toch stond Diana Krall zondag voor een tjokvolle Elisabethzaal, en doet ze dat kunstje vanavond nog eens over in Brussel, waar Bozar eveneens is uitverkocht. De verklaring ligt voor de hand: haar vorige passages in ons land lieten keer op keer een sterke indruk na, dus wie haar toen zag komt graag terug en heeft er de forse ticketprijs graag voor over. Komt daar nog bij dat ze intussen een oeuvre bij elkaar heeft gespeeld dat even succesvol als veelzijdig is.

© Jan Van der Perre

De ene keer zet ze standards van Nat King Cole naar haar hand, dan weer duikt ze onder in de Braziliaanse bossanova. Maar net zo goed gaat ze de nostalgische toer op met een kerstplaat, of tast ze de grenzen van New Orleans en Americana af op Glad Rag Doll, nog steeds een van haar allerbeste platen. De vorige - Wallflower - werd gesuperviseerd door de man achter Céline Dion, en was zowat de enige uitschuiver in een voor de rest vlekkeloos parcours. Maar met Turn Up The Quiet heeft ze die misstap helemaal goed gemaakt: het is een plaat met standards, die ze op subtiele wijze helemaal naar haar hand zet.

Daar zitten songs tussen die intussen al honderden keren werden gecoverd - evergreens van klassieke componisten als Irving Berlin, Gus Kahn en Cole Porter - maar live eerde ze ook recentere iconen als Bob Dylan, Tom Waits en haar grote heldin Joni Mitchell, met wie ze naar eigen zeggen ooit nog eens een avondje pool heeft gespeeld, tussen het veel te veel sigaretten roken door.

Krall en haar vierkoppige band maakten een buitengewoon ontspannen indruk, waardoor het niet lang duurde of je waande je op een knus huiskamerconcert. Krall vertelde over haar vrije dag in Antwerpen - ze had schoenen gekocht, was verdwaald geraakt en alleen op restaurant geweest - en speelde tussendoor op een manier die suggereerde dat het haar allemaal geen enkele moeite kostte.

Loepzuiver

En het moet gezegd: de verstilde subtiliteit van de muziek kwam perfect tot zijn recht in de Elisabethzaal, waar zelfs het kleinste detail loepzuiver klonk. Opener Deed I Do gaf meteen aan wat voor groentjes je op het bord had: ieder bandlid - stuk voor stuk virtuozen op hun instrument - kreeg een solo, en in tegenstelling tot wat je dan verwacht slaagden ze er stuk voor stuk in om hun ego weg te cijferen ten voordele van de song.

Het zorgde ervoor dat je vanuit je zeteltje de ene keer mee luchtgitaar zat te spelen, en even later mee tekeerging om een denkbeeldig drumstel. Altijd een goed teken. Zeker: de visuals achter de band deden een beetje kitscherig aan, en écht buiten de lijntjes kleuren was er ook niet bij.

© Jan Van der Perre

Maar het spelplezier was onmiskenbaar, en de songkeuzes bleken keer op keer foutloos. Vooral ‘A Case Of You’ van Joni Mitchell kon je in Kralls intimistische soloversie onmogelijk onberoerd laten. Liefdesliedjes vormden overigens de rode draad in de set, al hielden hartverscheurende melancholie en alles verzwelgende verliefdheid elkaar perfect in evenwicht.

In de bisronde leek het haast gefluisterde Sway een mooie afscheidskus voor het slapengaan, maar uiteindelijk deed Diana Krall er nadien met Ophelia van The Band nog een uitbundige uitsmijter bovenop, waarbij violist Stuart Duncan nog een laatste keer mocht uitblinken.

Alweer een uitstekend concert, kortom. Met allemaal mensen die de volgende tournee gegarandeerd opnieuw een kaartje kopen. Wedden dat ze dan drie keer voor een vol huis staat?