Onduidelijkheid na megafusie in amateurvoetbal

Foto: Nic Declercq (archief)

Onduidelijkheid na megafusie in amateurvoetbal

Print
De Koninklijke Vlaamse Voetbalbond (KVV), met 22.000 spelers de grootste federatie voor amateurvoetballers in ons land, houdt op te bestaan. Hij gaat op in het nieuw op te richten Voetbal Vlaanderen. Voor de 665 clubs van het KVV heerst er nog grote onduidelijkheid.

Vlaams minister voor Sport Philippe Muyters (N-VA) vindt dat Vlaanderen moet evolueren naar één federatie per sporttak om de subsidies directer bij club en spelers terecht te laten komen. In het voetbal hadden deVoetbalfederatie Vlaanderen, de Vlaamse Minivoetbalfederatie en deKoninklijke Belgische Liefhebbers Voetbalbond al hun overstap naar de nog op te richten federatie Voetbal Vlaanderen aangekondigd. Nu zet ook het KVV (tot 1973 de Koninklijke Katholieke Sportfederatie van België of KKSFB) die stap.

Die overgang gebeurde niet zonder slag of stoot. De KVV wilde op eigen kracht verder, maar dat zou betekenen dat hij niet langer een beroep kon doen op de jaarlijkse subsidies van de Vlaamse overheid. En die zijn voor veel clubs noodzakelijk voor hun overleving. “We zijn dus min of meer verplicht om een overeenkomst af te sluiten met Voetbal Vlaanderen”, zegt KVV-voorzitter Yves Raguet, die zopas zijn handtekening onder de overgang zette.

Wellicht kan de voetbalbond nog anderhalf seizoen onder de eigen naam verder. Hoe het daarna verder moet, is koffiedik kijken. “Op dit moment weten we nog niet hoe de nieuwe competitie er zal uitzien”, zegt Raguet. Ook over de lidgelden, de inzet van scheidsrechters en de uitbating van de cafetaria’s rijzen nog vele vragen. 

MEER VOETBALNIEUWS