Afscheid nemen van een dierbare kan nu op oneindig veel manieren en dat is maar goed ook

Foto: Sven Dillen

Afscheid nemen van een dierbare kan nu op oneindig veel manieren en dat is maar goed ook

Print

Ze vertelt het na al die jaren nog vaak in deze pe­riode. Toen in de jaren zestig zij en haar man arm in arm de kerk binnen kwamen voor de begrafenis van hun overleden zoontje, verwees de begrafenisondernemer mijn vader naar de kant van de mannen en mijn moeder naar de andere zijde van de middenbeuk. Diep geschokt hebben ze elkaar vastgeklemd en de hele dienst niet meer losgelaten. Daarmee braken ze met de regels van een klassieke begrafenisdienst uit die tijd. We kunnen het ons nu gewoon niet meer voorstellen dat het afscheid van een kind in zo een strak keurslijf kon worden gegoten. Afscheid nemen van een dierbare kan nu op oneindig veel manieren, precies zoals de overledene het gewild heeft en zoals de familie het verkiest. En dat is maar goed ook.

Uit getuigenissen van begrafenisondernemers blijkt dat mensen er steeds meer voor kiezen om op een zeer persoonlijke manier afscheid te nemen. Terugvallen op vaste rituelen kan, maar hoeft niet meer, een klassieke koffietafel wordt een bijzondere maaltijd met de lievelingskost van de overledene en ook met de as doen de nabestaanden wat ze willen.

Die versoepeling van de regels is zonder meer een positieve evolutie. Met een paar kanttekeningen toch. Er is rond het hele gebeuren een enorme commercie ontstaan en het gevaar is niet denkbeeldig dat mensen zich daardoor laten opjagen om grootse dingen te organiseren waar ze eigenlijk geen behoefte aan hebben of die ze niet kunnen betalen. En hoe mooi en origineel een afscheidsviering ook is, voor de nabestaanden blijft het moeilijkste de verwerking van het verdriet achteraf. Hen daar genoeg tijd voor geven, lukt in deze gejaagde, drukke wereld niet altijd. En zelf de tijd vinden om mensen met verdriet bij te staan en te troosten, is vaak ook veel moeilijker dan meewerken aan een afscheidsviering.

Vreemd is ook dat in deze context het voorstel van CD&V-Kamerlid Sonja Becq om ook kinderen die levenloos geboren worden na een zwangerschap van minder dan zes maanden met naam en toenaam op te nemen in het bevolkingsregister, eerder op verzet stootte. In de tijd dat we de as van een overledene in een tattoo kunnen laten verwerken, is het onbegrijpelijk dat een doodgeboren kindje, dat twee mensen al maanden met zich meedragen en waarvoor ze al maanden plannen maken, geen naam en geen erkenning zou krijgen. Zo een erkenning is op zich spectaculair, kost geen moeite en geen geld, maar het is wel een teken van respect voor mensen in rouw. En daar moet het in deze dagen toch vooral om gaan.

Door Kris Vanmarsenille - hoofdredacteur Gazet van Antwerpen

.

Nu in het nieuws