Rutte: "Nederland maakte geen fouten met Ibrahim El Bakraoui"

De broers El Bakraoui Foto: AFP

Rutte: "Nederland maakte geen fouten met Ibrahim El Bakraoui"

Print
Nederland heeft geen fouten gemaakt rond de Brusselse aanslagpleger Ibrahim El Bakraoui, die vorig jaar vanuit Turkije via Nederland de Europese Unie binnenkwam. Wel moeten er dingen beter, onder meer met de Turkse autoriteiten, zei de Nederlandse premier Mark Rutte dinsdagavond in een debat met de Nederlandse Tweede Kamer over de aanslagen in Brussel. Volgens de oppositie kon Nederland wel meer actie ondernemen

"Op zichzelf valt Nederland niets te verwijten. Maar we moeten zaken aanscherpen, bijvoorbeeld in onze communicatie met Turkije", aldus Rutte. Uit het contact met de Turken bleek bijvoorbeeld niet dat zij El Bakraoui als een mogelijke terrorist zagen.
Op 16 maart had Nederland van de FBI bericht gekregen over de radicale achtergrond van de broers El Bakraoui. Die informatie kwam volgens de Nederlandse Justitie vanuit België.

De oppositie in de Tweede Kamer begrijpt niet waarom Nederland geen actie heeft ondernomen toen bekend werd dat de Belgische broers El Bakraoui waren geradicaliseerd en werden gezocht. Ze vindt dat Nederland meteen iets had moeten doen omdat een van de broers, Ibrahim, dezelfde man was die in juli vorig jaar vanuit Turkije naar Nederland was uitgezet. Hij mocht via Schiphol gewoon Nederland binnen, omdat hij toen nog niet geregistreerd stond in de (internationale) opsporingssystemen. Ook was hij niet bekend bij de Nederlandse autoriteiten.

Volgens justitieminister Ard van der Steur zou Nederland Ibrahim hebben opgepakt als hij na de FBI-melding was aangetroffen. Zo werkt het systeem in Europa. Bovendien hadden de Belgen ook geen verzoek gedaan aan Nederland om Ibrahim te gaan zoeken, zei de minister.

De oppositie ging niet mee in deze uitleg en vond het "onbegrijpelijk" en "bijna schandalig" dat Nederland vanaf 16 maart niet zelf actief naar de man ging zoeken. Hij kon immers nog steeds in Nederland zijn, omdat niet bekend was waar Ibrahim heen ging nadat hij in Nederland was aangekomen.

De minister van Justitie kon de Kamer niet aangeven waarom de FBI Nederland inlichtte over de Belgische broers. Van der Steur heeft dat niet nagevraagd bij de Amerikanen. Hij moet dit en andere onduidelijke zaken nu eerst uitzoeken van de oppositie en schriftelijk uitleggen. Pas daarna zal het tweede deel van het debat worden gehouden, zo besloot de Kamer dinsdagavond laat.