© AFP

© AFP

© AP

1 / 3
thumbnail: null
thumbnail: null
thumbnail: null

Onze muziekjournalist Gunter Jacobs legt uit waarom Bowie net géén kameleon was

OPINIE. “Waarom David Bowie net géén kameleon was”

Ook onze grootste muzikale helden zijn niet onsterfelijk. Als fan van David Bowie op een kille maandagochtend koud met je neus op dat feit worden gedrukt, komt aan. Bij wijze van eerbetoon zet muziekrecensent Gunter Jacobs graag iets recht. Over waarom de vaak gemaakte vergelijking met een kameleon eigenlijk een belediging is voor een van de meest veelzijdige, invloedrijke en bewonderenswaardige artiesten uit de popgeschiedenis.

gunter jacobs

De vele in memoriams kunnen er niet omheen: David Bowie was de artiest met de vele gezichten. Van de buitenaardse glamrocker Ziggy Stardust over de koele Thin White Duke tot de afgeborstelde Let’s Dance-ster; weinig andere pop- en rockiconen durven zo met hun imago en looks te experimenteren en koketteren, laat staan dat ze er ook mee zouden wegkomen.

Bowie kon het en deed het meesterlijk. Dat velen hem daardoor graag als een kameleon bestempelen, mogen ze dan als een compliment bedoelen, voor de artiest in kwestie moet het keer op keer als een ongewilde belediging zijn aangekomen.

Is de meest kenmerkende eigenschap van een kameleon namelijk niet dat het diertje van kleur kan veranderen, om zo op te gaan in zijn leefgebied en zich bijgevolg niet geviseerd te voelen? Laat dat net het tegenovergestelde zijn van wat David Bowie zijn hele carrière heeft betracht. Anders dan het wonderlijke reptiel is de zelfverklaarde Starman er altijd op uit geweest om ieders verbeelding te kietelen en gewone stervelingen als wij even van hun dagelijkse beslommeringen weg te lokken.

Trends volgen en opgaan in de muzikale kleurschakeringen van het moment was het laatste dat je als fan verwachtte dat Bowie zou doen. Al bij mijn eerste live-kennismaking, de Glass Spider-show in 1987 op de weide van Werchter, was me duidelijk dat dit een artiest was voor wie elk bestaand hokje te eng was.

Pop? Jazeker, maar toch met een laagje méér dan de hitfenomenen die de soundtrack bij mijn puberjaren tekenden. Dat ik, kind van de jaren tachtig, via een forse inhaalbeweging ook van zijn glorieuze seventiesoeuvre kon proeven, deed de adoratie alleen maar toenemen.

Vastgoed

Jobs in de regio