“In Amerika speel ik soms voor 1.700 supporters”

Charlotte Van Ishoven bij haar thuis in haar outfit van Auburn Tigers. Op 9 januari vertrekt de Turnhoutse terug naar de Verenigde Staten. Foto: smb

Vrouwenvoetbal - Turnhoutse Charlotte Van Ishoven maakt haar voetbaldroom waar in Alabama

“In Amerika speel ik soms voor 1.700 supporters”

Print

Voor de 18-jarige Charlotte Van Ishoven verliep het voorbije jaar meer dan naar wens. In juni studeerde ze af en twee maanden later zat ze op het vliegtuig richting Amerika. Daar zet Van Ishoven haar prille loopbaan verder. De Turnhoutse voetbalt er nu bij de Auburn Tigers, een van de vele universiteitsploegen in de Verenigde Staten.

Hoe ben je in de States terechtgekomen?

Charlotte Van Ishoven: “Ik werd benaderd door Dennis Mertens. Dat is een dertiger die destijds ook voor zijn sport naar Amerika is getrokken en nu fungeert als promotor van College Sport, om studie en sport op hoog niveau te combineren. Het is door zijn toedoen dat ik de stap heb gezet. Toegegeven, het was een stap in het onbekende.”

Wat kende je van het Amerikaanse voetbal?

“In augustus ben ik naar daar gevlogen en eigenlijk heeft mijn familie me bij wijze van spreken ginder afgezet en de rest was aan mij. Ik kende wel wat van het Amerikaanse voetbal, maar het klassement en de punten waren allemaal nieuw. Tot nu toe is het een geweldige ervaring, nu ben ik ongeveer een maand in België. Op 9 januari vertrek ik opnieuw naar ginder tot mei.”

Wat zijn de grootste verschillen met het voetbal hier bij ons?

“Het gaat er heel professioneel aan toe, dat is in België toch anders. Bovendien is elke club gelinkt aan een universiteit. In Amerika is studie heel belangrijk, een diploma halen komt op de eerste plaats. Er wordt drie uur per dag geoefend met extra trainingen voor conditie en kracht. En voor alles hebben we een specifieke trainer. We hebben ook een coach per positie, die ons tactisch en technisch helpt. Ook een verschil is het aantal toeschouwers. Bij onze laatste thuismatch waren er maar liefst 1.700 fans, dat zie je in België nooit.”

Hoelang ga je ginder blijven?

“In principe ga ik voor vier jaar. En ik heb er zin in. Het valt reuze mee, maar ik mag ook niet verslappen. In elke sport worden resultaten verwacht, dat is overal hetzelfde. Onze competitie is wel al voorbij, dat kan je je bij ons niet voorstellen. Wat ik nu ga doen tot mei? We gaan ons voorbereiden op de nieuwe competitie en zo blijft er de volgende maanden meer tijd over voor mijn studie kinesitherapie.”

Het competitiesysteem is ook helemaal anders.

“Ja, we zijn ingedeeld in de Southeastern Conference. Dat is een competitie met een tiental andere ploegen. Als we een match winnen, dan stijgen we op de algemene ranking met alle ploegen uit de verschillende Conferences. Je kan dat een beetje vergelijken met het klassement in het tennis. Afgelopen seizoen eindigden we twaalfde op een driehonderdtal ploegen. Wij zijn ingedeeld in de hoogste divisie, toch niet slecht. Maar een systeem met dalers, stijgers en play-offs zoals in België, dat bestaat in Amerika niet. In mijn team is nog één Europese speelster, een meisje uit Wales.”

Dit is toch een hele omwenteling voor jou.

“Dat mag je wel zeggen. Ik begon te voetballen bij Zwaneven. Daarna belandde ik bij Lierse en de laatste twee jaar speelde ik bij kampioen Standard. Weet je, onlangs moesten we voor een wedstrijd vijf uur vliegen naar Californië. Dat kan je je in België niet voorstellen.”

Meer sportnieuws