‘Geen alarmerende situatie’

Foto: VJE

‘Geen alarmerende situatie’

Print

De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) waarschuwde woensdag voor een ware obesitasepidemie in Europa tegen 2030. Ook België ontsnapt niet aan het probleem, maar alarmerend is de situatie niet. Dat zegt An Vandeputte, coördinator van eetexpert.be, het kenniscentrum voor eet- en gewichtsproblemen.

‘De cijfers van mensen met overgewicht nemen nog altijd een beetje toe, en we mogen het probleem zeker niet onder tafel vegen, maar anderzijds merken we toch dat onze inspanningen rond preventie en vroege detectie, beginnen te lonen.’

‘Er komt stilaan een knik in de stijgende curves en dus kunnen we niet spreken van een alarmerende situatie’, aldus Vandeputte.

Cijfers van de WHO

De cijfers waarop het Europees regionaal bureau van de WHO in Kopenhagen zich baseert voor België, kloppen volgens Vandeputte ook niet. Daaruit zou moeten blijken dat overgewicht in ons land de komende jaren vooral een probleem bij vrouwen wordt. Hun aantal zou tussen 2010 en 2030 stijgen van 68 naar 89 procent.

De Wereldgezondheidsorganisatie waarschuwde woensdag bovendien zelf om het onderzoek met de nodige voorzichtigheid te benaderen. De studie was relatief beperkt, en bovendien was de kwaliteit van de uit de diverse landen aangeleverde data zeer verschillend, luidde het.

Cijfers van de Nationale Gezondheidsenquêtes

Vandeputte haalt er de cijfers bij van de Nationale Gezondheidsenquêtes van 2008 en 2013. Kampte in 2008 40 procent van de vrouwen met overgewicht, dan steeg dat percentage in 2013 tot 42 procent. Bij de mannen leed 54 procent in 2008 aan overgewicht, vijf jaar later was dat 55 procent.

Het percentage obese mannen en vrouwen schommelt al enkele jaren rond de 14 procent. ‘Ondanks de nog altijd licht stijgende cijfers, merken we toch dat onze inspanningen beginnen te lonen. In Vlaanderen hebben we de voorbije jaren heel sterk ingezet op preventie, vroege detectie en vroege behandeling’, aldus Vandeputte.

Draaiboeken tegen overgewicht

Eetexpert.be, dat zowel voor de Vlaamse als de federale gezondheidsministers werkt, voorzag sinds vorig jaar 4.000 hulpverleners (huisartsen, diëtisten, psychologen, bewegingsexperten) van draaiboeken en praktijkondersteuning die een leidraad zijn om overgewicht in een vroeg stadium op te sporen en hoe daar op een goede manier mee om te gaan.

De draaiboeken verschillen afhankelijk van de hulpverlening, maar sluiten tegelijk naadloos op mekaar aan, iets waar ons land volgens Vandeputte in de rest van Europa om geroemd wordt.

.

Nu in het nieuws