© facebook

‘Twee keer dood verklaard: ik weet hoe het hiernamaals eruit ziet’

Sasha Eliasson, een 22-jarige Zweed, beweert dat hij twee keer heeft ervaren hoe het voelt om klinisch dood te zijn. Een eerste keer na een motorongeluk in juni 2014, een tweede keer nadat hij per ongeluk te veel pijnstillers had genomen na afloop van een operatie.

boj

Het interview met Sasha Eliasson op de sociale nieuwswebsite Reddit is op zijn minst opmerkelijk te noemen. De jongeman, die niet gelovig is, beschrijft uitgebreid wat hij beleefde toen hij klinisch dood was. Niet één, maar twee keer gebeurde dat.

Zijn eerste ‘overlijden’ dateert van juni vorig jaar, toen hij een motorongeluk had. Hij reed in op een plaats waar wegwerkzaamheden bezig waren en brak zijn knie, scheenbeen en enkel. Eliasson was buiten bewustzijn en zijn lichaam werkte twee minuten niet meer: hij had geen polsslag en ademde niet.

Overdosis pijnstillers

Zijn tweede ‘ontmoeting met de dood’ kwam er na een medische ingreep. Omdat hij zo veel pijn had, nam hij zoveel pillen dat zijn polsslag bijna wegviel en zijn ademhaling tijdelijk stokte.

‘Beide keren was ik er gewoon niet meer’, vertelt hij. ‘Alles werd zwart. Het is vergelijkbaar met een dutje doen, zonder te dromen. Je wordt weer wakker en het voelt alsof je lange tijd hebt geslapen, terwijl het in werkelijkheid maar een kwartiertje was.’ Gevraagd naar wat hij voelde, antwoordt Eliasson dat het voelde alsof iemand de aan/uit-knop had ingedrukt.

Door zijn ervaringen heeft de jonge Zweed een andere kijk gekregen op het leven. ‘Geen enkele persoonlijke verwezenlijking zal nog iets waard zijn als ik dood ben. Het enige dat na mijn dood zal voortleven, is mijn impact op de mensen die nog leven.’

Nooit meer op motor

‘Alles wat je moet doen, is aanvaarden dat de dood is wat het is, een deel van het leven. Dan zal je begrijpen dat je er niet bang van hoeft te zijn. Als je dood bent, ‘that’s it’, het is gedaan.’

Of de gebeurtenissen een invloed hebben gehad op zijn mening over God en religie? ‘Nee. Ik ben altijd atheïst geweest, al was er steeds een deel in mij dat hoopte dat er een God of een hemel was. Ik blijf atheïst, en nu weet ik dat er niets is als God of de hemel. Althans niet voor mij.’

Eliasson vertrouwde de lezers wel dat hij, hoewel hij niet langer bang is om risico’s te nemen in het leven, niet meer met de motor zal rijden in het belang van zijn familie.