© GvA

Waken en bewaken is nu absolute prioriteit

Zowel de federale als de Vlaamse regering heeft gisteren tijdens de respectieve ministerraden gefocust op de terreurdreiging in ons land.

Paul Geudens

De Vlaamse regering heeft een conceptnota van Liesbeth Homans goedgekeurd. Verschrikkelijk nieuwe dingen staan daar niet in. Het is veeleer een kader waar binnen de verschillende Vlaamse ministers, elk voor hun bevoegdheden - onderwijs, welzijn, sport, jeugd, steden - nieuwe maatregelen kunnen nemen om radicalisme en extremisme tegen te gaan. Vlaanderen is bevoegd voor alles wat te maken heeft met preventie en sensibilisering. Om mensen te detecteren die aanleg hebben voor radicalisme en ze dan te begeleiden en te herbronnen, vooraleer ze echt het slechte pad op gaan. Potentiële (gewelddadige) extremisten de-radicaliseren zeg maar. Het federale niveau neemt het repressieve luik voor zijn rekening. Gevaarlijke figuren opsporen en volgen, ze oppakken en ze tot slot berechten. Dat gebeurt via de staatsveiligheid, de politie, specialisten die alle informatie analyseren, de parketten en onderzoeksrechters. In dat kader werden gisteren twaalf extra maatregelen genomen. Na de gebeurtenissen in Parijs en Verviers is het duidelijk dat op dit ogenblik veruit de meeste nadruk moet liggen op de repressieve aanpak. En op bewaking. In Antwerpen verschijnen vandaag al de eerste militairen in het straatbeeld. We begrijpen de vraag van burgemeester De Wever. Tijdelijk moet dit kunnen. Met de antiterreuracties van donderdagavond is een gevaarlijke bende ontmanteld. Zij had concrete plannen om aanslagen te plegen tegen politieagenten. Het was een kwestie van uren, hoogstens van dagen. Goed speurwerk en efficiënt optreden van de interventietroepen hebben dat kunnen voorkomen. Maar de dreiging is niet weg. Niet alle extremisten zitten nu in de cel. Er zijn zeker nog slapende cellen die wachten op het juiste moment. Op een kans omweerwraak te nemen voor de dood van hun ‘broeders’. We kunnen alleen hopen dat de inlichtingendiensten ze kennen en volgen. In België leeft naar schatting een honderdtal teruggekeerde Syriëstrijders. Zij vormen de gevaarlijkste groep. Radicaal in hun geloof en in hun haat voor alles wat westers is en goed opgeleid om met oorlogswapens om te gaan. Waarschijnlijk hebben ze daar ook zaken gezien die elk greintje menselijk medeleven teniet hebben gedaan. Zij deinzen voor niets terug. Dergelijke IS-sympathisanten opsporen, volgen, afluisteren, schaduwen, kost veel middelen en mensen. De regering kan niet anders dan de bevoegde diensten van de nodige centen te voorzien. Het is niet het moment om op die posten te besparen. De bevolking zou dat niet begrijpen. Zij verwacht nu van de regering dat alles op alles wordt gezet om de binnenlandse veiligheid te garanderen. En ook Europa moet een tandje bijsteken. De buitengrenzen van de Schengenruimte moeten - met medewerking van de luchtvaartmaatschappijen - veel beter worden bewaakt. Elke bekende IS-strijder die Europa binnenkomt, moet onmiddellijk aan alle landen worden gesignaleerd en moet permanent in het oog worden gehouden. Je kunt geen oorlog winnen zonder over de juiste informatie te beschikken.

MEER OVER Ons standpunt