“Europees Hof zet wet-Major op de helling”

Foto: Joris Herregods

“Europees Hof zet wet-Major op de helling”

Print

Een wet in Spanje die laad- en losbedrijven in havens verplicht financieel deel te nemen aan een nv die verantwoordelijk is voor het in dienst nemen van havenarbeiders en die de bedrijven verbiedt eigen personeel aan te trekken, is in strijd met het Europees recht. Dat zegt het Europees Hof van Justitie in een nieuw arrest. Volgens professor en advocaat Eric Van Hooydonk, die gespecialiseerd is in maritieme wetgeving, zet de uitspraak de Belgische wet-Major “sterk op de helling”.

Het Europese Hof volgde de argumentatie van de Europese Commissie. Die stelde dat de Spaanse ‘wet betreffende de havens van de staat en de koopvaardij’ strijdig is met het principe van de vrijheid van vestiging, zoals vastgelegd in het Europees verdrag. De wet verplicht de laad- en losbedrijven om te participeren aan een naamloze vennootschap die havenarbeiders in dienst stelt en verbiedt hen om vrij op zoek te gaan naar personeel. Pas wanneer het aangeboden personeel niet geschikt is of wanneer het aanbod onvoldoende is, mogen de bedrijven andere werknemers aantrekken.

Het Hof vindt dat door de wet vooral bedrijven uit andere Europese lidstaten “ontmoedigd” worden zich in Spaanse havens te vestigen.

Volgens advocaat Eric Van Hooydonk vertoont het Belgische havenarbeidsregime, dat gebaseerd is op de wet-Major, veel gelijkenissen met de nu gewraakte Spaanse wet. De Belgische wet dateert van 1972 en bepaalt dat havenarbeid uitsluitend mag worden uitgevoerd door erkende havenarbeiders en in welk gebied die arbeid havenarbeid is. De Europese Commissie heeft een onderzoek naar de wet-Major ingesteld en liet in maart al weten dat ze wat haar betreft de vrijheid van vestiging inperkt. Sindsdien voert de Belgische administratie technische gesprekken met de Commissie.

Vorige maand zat minister van Werk Kris Peeters samen met de verontruste havenbonden over het dossier. Midden volgende week pleegt Peeters overleg met de Europese Commissie.

Het is pas wanneer de Commissie oordeelt dat de wet-Major tegen de Europese regels ingaat en de zaak in beroep in Luxemburg terechtkomt, dat het Hof van Justitie zich over de Belgische zaak zal kunnen uitspreken.