© BELGAIMAGE

Nederlandse Zwarte Piet moet niet verdwijnen

De Amsterdamse burgemeester Eberhard van der Laan heeft vorig jaar terecht de vergunning voor de sinterklaasintocht in Amsterdam afgegeven. Volgens de Nederlandse Raad van State gaat de burgemeester niet over de inhoud van zo’n evenement. Hij mag alleen een vergunning weigeren als die een gevaar is voor de openbare orde. Hiermee hebben woensdag tegenstanders van Zwarte Piet de zaak tegen de gemeente verloren.

De Raad van State heeft niet gezegd of een intocht met zwarte zwarte pieten discriminerend of stigmatiserend is. Als iemand daar een oordeel over wil krijgen, moet hij of zij naar de burgerlijke rechter of de strafrechter. Dat kan bijvoorbeeld door een zaak te beginnen tegen de organisatie van een sinterklaasintocht. De rechtbank in Amsterdam zei in juli dat de gemeente Amsterdam er wél rekening mee had moeten houden dat een intocht met zwarte knechten van de sint discriminerend kan zijn.

De gemeente en het Pietengilde gingen tegen die uitspraak in beroep bij de Raad van State.

Jaap Polak, voorzitter van de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, zei dat het volgens de grondwet niet mag dat een burgemeester een oordeel heeft over de inhoud van een sinterklaasintocht, een demonstratie of een andere publieke uiting. De Raad van State mag dat ook niet, aldus Polak. “Hoe onbevredigend dit voor partijen wellicht ook is.” Mocht er sprake zijn van iets strafbaars, dan moeten politie en justitie ingrijpen.

Het Pietengilde is tevreden met de uitspraak, al ziet Mark Gilling van de belangenclub voor zwarte pieten nog wel dat de discussie doorgaat. “De Raad van State heeft de discussie eigenlijk teruggegeven aan de maatschappij. Wij willen graag blijven praten met tegenstanders om via de weg der geleidelijkheid aanpassingen te doen in het volksfeest’, aldus Gilling.

De tegenstanders van Zwarte Piet willen mogelijk naar het Europese Hof voor de Mensenrechten. “Dit is het begin van een nieuwe fase”, zei schrijfster Margo Morrisen. Advocaat Wil Eikelboom wil daar zelf nog niet op vooruitlopen. Hij zegt de zaak eerst met zijn cliënten te willen bestuderen.