© Tim Tronckoe

Vers van de platenpers: Machine Head en Slash

Machine Head wist met zijn vorige platen 'The Blackening' (2007) en 'Unto The Locust' (2011) zowel de metalliefhebbers als de critici te bekoren. Het zorgde ervoor dat de band rond Robb Flynn tot de Champions League van de metal doorstootte. Met 'Bloodstone & Diamonds' is er nu een nieuwe plaat.

TDS

Wie de band recentelijk in Torhout of Antwerpen aan het werk zag, weet dat Machine Head anno 2014 live een pletwals is, met een frontman die duidelijk goed in zijn vel zit. Nochtans heeft Flynn wat turbulentie achter de rug, want bassist Adam Duce werd niet zonder slag of stoot uit de groep gezet. Maar met Jared MacEachern werd een waardige vervanger gevonden en met 'Bloodstone & Diamonds' alweer een sterke plaat uitgebracht, ook al vonden we voorganger 'Unto The Locust' toch net ietsje sterker. De lat ligt nu eenmaal zeer hoog na de vorige albums, en niet elk nummer raakt er vlot over. Maar met songs als 'Now We Die' – dat opent met strijkers, om dan in een klassiek MH-pandemonium los te barsten – en het filmische 'Sail Into The Black' heeft Machine Head er weer enkele liveklassiekers bij (niet toevallig ook de twee favoriete nummers van Flynn op deze plaat). Opvallend ook hoe Machine Head zijn recente werk weet te vervlechten met zijn platen uit de eerste tien jaar van de band, in nummers als 'Ghosts Will Haunt My Bones' en 'Imaginal Cells'. Het maakt van deze plaat alweer een zeer gevarieerd album, dat dan ook elke Machine Head-liefhebber zal aanspreken.

***

Terwijl zijn voormalige bloedbroeder (en nu gezworen vijand) Axl Rose zowat vijftien jaar doet over een plaat, blijft Slash naarstig verder bouwen aan zijn oeuvre. 'World On Fire' is zijn derde soloplaat in vijf jaar en telt alweer zeventien nummers, goed voor bijna tachtig minuten muziek. Net als op het vorige album, 'Apocalyptic Love', is Alter Bridge-zanger Myles Kennedy de vocalist van dienst en grossiert het duo in goed in het oor liggende, riff-geöriënteerde eighties hardrock. Voor de fans van het genre is dit één groot feest, voor de anderen allicht vaak iets te eenzijdig om tachtig minuten te boeien. Dat neemt niet weg dat de plaat heel wat uitstekende nummers (de epische afsluiter 'The Unholy', bijvoorbeeld) kent en in zijn geheel beter klinkt dan zijn voorganger, zowel qua productie als qua songniveau. Live gaat dit ongetwijfeld weer knallen, op de zomerfestivals.