Europees akkoord over klimaat- en energiedoelstellingen tegen 2030

Foto: EPA

Europees akkoord over klimaat- en energiedoelstellingen tegen 2030

Print
De Europese staatshoofden en regeringsleiders hebben donderdagnacht rond 1 uur een akkoord bereikt over de energie- en klimaatdoelstellingen voor de periode 2020-2030. Tegen 2030 wil de EU haar CO2-uitstoot met 40 procent beperken in vergelijking met het referentiejaar 1990. De Europese leiders spreken van een ambitieus akkoord dat de EU in staat stelt een voortrekkersrol te blijven spelen bij de internationale klimaatonderhandelingen.

Aan de cijfers zoals die de voorbije dagen bekendraakten, werd tijdens de onderhandelingen niets meer gewijzigd. De CO2-reductie met 40 procent zal bindend zijn en zal op basis van een concreet, technisch voorstel van de Europese Commissie vertaald worden in een 'target' per lidstaat. De Europese Raad besliste dat de Commissie rekening zal moeten houden met het bbp per capita van de verschillende landen en met de plaatselijke kosteneffectiviteit - de kostprijs van het wegwerken van de uitstoot in bijvoorbeeld de bouw- of de transportsector.

Tegen 2030 wil Europa het aandeel hernieuwbare energie in de consumptie optrekken tot minstens 27 procent. De huidige ambitie is 20 procent tegen 2020, volgens de meest recente cijfers is nu ongeveer 14 procent van de in Europa geconsumeerde energie afkomstig van duurzame bronnen. 'Deze doelstelling is ambitieus', zei Europese Raadsvoorzitter Herman Van Rompuy. 'In 2030 zal de Europese Unie haar aandeel propere energie dus verdubbeld hebben.' Anders dan de beperking van de CO2-uitstoot is dit onderdeel van het akkoord enkel bindend op EU-niveau. Lidstaten die een grotere inspanning willen leveren, mogen daar extra geld voor vrijmaken.

Het derde grote luik betreft het verhogen van de energie-efficiëntie. Als gekeken wordt naar het voorspelde consumptieniveau in 2030, moet het reële verbruik minstens 27 procent lager liggen. Dit is evenwel slechts een 'indicatieve' doelstelling. In 2020 wordt bekeken of een ambitieniveau van 30 procent realistisch is.

Zowel Herman Van Rompuy, uittredend Commissievoorzitter José Manuel Barroso als premier Charles Michel, die donderdag en vrijdag zijn eerste Europese top beleeft, spreekt van een ambitieus akkoord. 'De beslissingen van vandaag laten de EU toe een positieve boodschap te brengen tijdens de internationale klimaatonderhandelingen - een boodschap van betrokkenheid', verklaarde Van Rompuy. Eind volgend jaar staat in Parijs een belangrijke klimaattop op de agenda en volgens Barroso zal de Europese Unie daar opnieuw in de 'driver's seat' zitten.

Geen 'business as usual'

Charles Michel was het tijdens zijn persconferentie niet eens met een journalist die vroeg of het akkoord geen 'business as usual' is. Immers: de huidige doelstellingen zeggen dat tegen 2020 de CO2-uitstoot al met 20 procent moet worden beperkt, het aandeel hernieuwbare energie op 20 procent moet zijn gebracht en de energie-efficiëntie 20 procent moet bedragen. 'Dit zijn wel degelijk ambitieuze doelstellingen, die de EU opnieuw een leidende rol geven', riposteerde de premier. Hij hoopt dat de Commissie snel met concrete voorstellen komt voor de inspanningen per lidstaat, 'liefst nog vóór de top van Parijs', maar of dat zal lukken, zal moeten blijken tijdens de onderhandelingen die de komende maanden worden gevoerd, zei hij. 'Maar ik had vanavond wel het gevoel dat er aan de tafel een politieke wil was om snel te gaan, een gevoel van optimisme.'

De leiders spraken alvast af dat de inspanningen om de 40 procent reductiedoelstelling te halen, ongeveer gelijk verdeeld moeten worden over de vervuilende sectoren die nu deelnemen aan het emissiehandelssysteem ETS en de sectoren die niet aan het systeem deelnemen (transport, bouw, landbouw...). Een belangrijke beslissing is ook dat voor de 'niet-ETS-sectoren' een nieuw, gelijkaardig systeem zal worden opgezet waarbij uitstootrechten verhandeld zullen kunnen worden. Van Rompuy gaf het voorbeeld van Denemarken: in plaats van zijn reeds goed geïsoleerde huizen te gaan uitrusten met driedubbele beglazing, kan het ervoor kiezen om in een ander land de installatie van dubbele beglazing te helpen financieren. 'Zo kan het meer energiebesparingen realiseren voor hetzelfde geld.'

Interconnectiviteit

Na een lange discussie slaagden de lidstaten er ook in een akkoord te vinden over het beter met elkaar verbinden van elkaars elektriciteitsnetwerken. Het ambitieniveau van de 'interconnectiviteit' wordt opgetrokken tot 15 procent. Concreet: tegen 2030 moet elk land de infrastructuur hebben om van elke 100 megawatt die het produceert, 15 MW te exporteren naar of te importeren uit zijn buurlanden. Voor België is dat geen issue. Het kan nu reeds 30 procent van zijn productie in- en uitvoeren.

Premier Michel wees erop dat de EU het principe van de solidariteit hoog in het vaandel voert. Zo worden er extra voordelige systemen uitgedokterd voor landen waarvan het bbp lager is dan 60 procent van het Europese gemiddelde. Er wordt wel over gewaakt dat de aldus bekomen middelen effectief worden aangewend om de energie-efficiëntie te verhogen en de energiesystemen te moderniseren.

MEEST RECENT