Werkgelegenheidsgraad bij Belgen ligt bijna 30 procent hoger dan bij niet-EU-burgers

Print
Brussel -

De kloof op de arbeidsmarkt tussen de eigen bevolking en niet-EU-burgers is bijna nergens in Europa zo groot als in ons land, zo blijkt woensdag uit cijfers van Eurostat, het Europese statistiekbureau. Het verschil in werkgelegenheidsgraad tussen Belgen en burgers van buiten de Europese Unie bedraagt maar liefst 28,8 procent. Enkel Zweden doet het nog slechter, met een verschil van 31,1 procent.

De cijfers hebben betrekking op 2013. In de meeste landen van de Europese Unie ligt de werkgelegenheidsgraad van de eigen bevolking hoger dan van migranten van buiten de EU, met uitzondering van Cyprus, Tsjechië, Litouwen en Italië.

Zweden is koploper, met een verschil van meer dan 30 procent: 81,3 pct van de Zweden werkt tegen 50,2 pct van de niet-EU-migranten. België bezet de tweede plaats, met een verschil van 28,8 procent. Zo’n 68,7 procent van de Belgen werkt, tegen slechts 39,9 procent van de niet-EU-burgers. Dat laatste percentage is trouwens het laagste van alle EU-landen.

Binnen de 28 landen van de Europese Unie heeft gemiddeld 68,9 pct van de eigen inwoners een job, tegen 56,1 procent van de niet-EU-burgers. Die laatsten hebben ook veel vaker een precair statuut, zoals deeltijds werk (27,5 pct versus 18,4 pct) of een tijdelijk contract (20,2 pct versus 12,4 pct). Burgers van buiten de EU zijn meer dan dubbel zo vaak werkloos als de eigen bevolking.

(belga)

.

Nu in het nieuws