Gellingenwet moet slachtoffers van rampen sneller vergoeden

12 MAART 2010 - Woensdag startte de Kamercommissie Bedrijfsleven met de bespreking van de "Gellingenwet". Dat is een wetsvoorstel van Marie-Christine Marghem (MR) om slachtoffers van grote, technologische rampen, zoals de gasramp in Gellingen of de treinramp in Buizingen, al na zes maanden te vergoeden. Zij wil zo deze slachtoffers "buiten het proces houden", omdat ze hun schadevergoeding al gekregen hebben vooraf. Het woelige Kamerdebat ging gepaard met scherpe kritiek op de verzekeringen en op de regering die nu al jaren twijfelt over welke oplossing ze zou kiezen om de vergoeding van slachtoffers te laten vooruitgaan. Nog voor Pasen komen er hoorzittingen over het voorstel-Marghem.

John De Wit

Op 30 juli 2004 had een enorme ontploffing plaats in Gellingen, een deelgemeente van Aat in Henegouwen. De oorzaak was een klein gaslek dat enkele weken voordien was veroorzaakt door een zware graafmachine (een "bomag") die een gasleiding van Fluxys had geraakt. Bij de ontploffing kwamen 24 mensen om en werden 132 anderen gewond.

Op 22 februari 2010 velde de rechtbank in Doornik vonnis om te bepalen wie verantwoordelijk was voor het ongeval. Veertien personen waren gedagvaard. Onder hen netwerkbeheerder Fluxys en de toenmalige burgemeester van Aat, Bruno Van Grootenbrulle. Ze stonden onder andere terecht voor onopzettelijke doodslag. Op dat misdrijf staat twee jaar cel en 5.500 euro boete. De rechtbank moet bij dat misdrijf nagaan of de beklaagde een fout maakte door onvoldoende voorzichtig of onvoldoende vooruitziend te zijn. Om vrijuit te gaan, moet de beklaagde zich gedragen hebben zoals ieder redelijk vooruitziend persoon zich in zijn plaats zou hebben gedragen. Een fout op zich is evenwel niet voldoende. De rechter moet ook aantonen dat er een oorzakelijk verband is tussen de precieze fout die de beklaagde maakte en het ongeval.

WAT ZEGT HET GELLINGENVONNIS?

De rechter sprak negen personen vrij, onder hen netwerkbeheerder Fluxys en burgemeester Van Grootenbrulle. De rechtbank verklaarde vijf personen schuldig, maar slechts drie personen werden veroordeeld voor onopzettelijke doodslag door gebrek aan voorzorg: de architect, de aannemer van de werf en de werfleider.

* Architect Erwin Persoons maakte volgens de rechtbank een fout bij de controle van de werken. Hij wist dat het afwateringssysteem gewijzigd werd in vergelijking met zijn aanvankelijk plan. Hij had de gevolgen daarvan moeten nagaan. Door die wijziging werden de werken veel dichter bij de gasleidingen uitgevoerd dan is toegelaten. Bovendien werd een veel te zware graafmachine (een bomag) gebruikt en ook dat mocht niet. Dat leidde volgens de rechtbank later tot de ontploffing. De architect is schuldig, maar kreeg een opschorting van straf.

* De firma Tramo, die de werken uitvoerde, leverde en gebruikte de veel te zware graafmachine om de grond te stabiliseren. Ze raakte hierdoor een gasleiding. Zo ontstond een klein lek dat enkele weken later tot de ontploffing leidde. De firma krijgt een boete van 165.000 euro met uitstel voor een periode van drie jaar.

* Werfleider Kristof Dewaele maakte twee fouten die volgens de rechtbank tot de ramp leidden. Hij had zijn arbeiders nooit mogen toestaan om zo'n zware graafmachine te gebruiken vlakbij de gasleidingen of had zich tenminste moeten informeren over eventuele veiligheidsmaatregelen om rampen te voorkomen als ze die machine wilden gebruiken. Hij had bovendien op voorhand peilingen moeten doen om na te gaan waar de gasleidingen precies lagen. Hij krijgt opschorting van straf.

Deze drie beklaagden, de firma Tramo, werfleider Dewaele en architect Persoons moeten de schadevergoeding aan de slachtoffers en hun verzekeraars betalen. Ook de nv Colas moet daartoe bijdragen, hoewel ze niet strafrechtelijk veroordeeld is. De nv Colas heeft met de zaak zelfs niets te maken, zij heeft gewoon de NV Jouret overgenomen. En die firma heeft samen met Tramo de werken gerealiseerd. De NV Colas was niet gedagvaard door het parket, maar wel door sommige burgerlijke partijen. Algemeen wordt aangenomen dat zij de enige is die tenminste een aantal van de schadeclaims ook kan inlossen. De rechtbank achtte ze burgerlijk aansprakelijk.

Nog twee andere beklaagden kregen opschorting, maar zij werden door de rechtbank niet aansprakelijk gesteld voor de ramp. Ze zijn dus niet schuldig aan onopzettelijk doodslag omdat het oorzakelijk verband tussen hun fouten en het ongeval niet bewezen is.

* Veiligheidscoördinator Kamiel Vijverman wist dat een bomag gebruikt ging worden om de grond te stabiliseren. Hij ging niet na of dit speciale risico's inhield. Hij had het veiligheidsplan in die zin moeten aanpassen en dat doorsturen aan de mensen van Tramo. Hij ging dus in de fout en kreeg daarvoor opschorting van straf. Maar…uit zijn nieuw veiligheidsplan zou Tramo niets vernomen kunnen hebben over de risico's van het gebruik van de bomag, want die kende ze al. Bovendien had Vijvermans geen kennis gekregen van de nieuwe afwateringsplannen, waardoor de graafwerken vlakbij de leidingen zouden gebeuren. Zijn fouten staan dus niet in oorzakelijk verband met de ramp.

* Husqvarna Belgium is de bouwheer van de werken. Het bedrijf heette vroeger Diamant Boart en het wilde een nieuwe fabriek neerpoten op de terreinen in Gellingen. Volgens het parket moest voor Diamant Boart alles heel snel vooruitgaan omdat het bedrijf 2.000 euro boete moest betalen voor elke dag dat hun gebouw in Brussel was ontruimd. Dat leidde volgens het parket tot haastwerk op de bouwwerf.

De rechtbank stelde dat Husqvarna een aantal fouten maakte. Het stelde te laat een coördinator voor zijn project aan: pas na de studiefase, zodat die coördinator niet van in het begin kon nagaan of alle noodzakelijke voorzorgen wel werden genomen. De bouwheer zorgde er ook niet voor dat de veiligheidscoördinator wist van de wijziging aan het afwateringssysteem, waardoor de werkzaamheden vlakbij de leidingen moesten gebeuren. Binnen het bedrijf zelf was voorts niemand aangesteld om het werk van de projectcoördinator te controleren. Het veiligheidsplan stond niet in het lastenboek. Allemaal fouten, meent de rechtbank. Maar geen enkele staat in oorzakelijk verband met de ramp, die (door fouten van anderen) anders ook zou gebeurd zijn. Het bedrijf krijgt opschorting.

Het parket ging in beroep tegen het vonnis voor alle veertien beklaagden. De slachtoffers waren vooral boos omdat gasnetbeheerder Fluxys en burgemeester Van Grootenbrulle werden vrijgesproken. Zij begrepen niet waarom dat gebeurd was.

* Volgens de rechtbank maakte Fluxys echter geen enkele fout. Fluxys moet de veiligheidsmaatregelen die het voor een bouwwerf voorstelt niet zelf controleren. De gasleidingen waren door Fluxys duidelijk afgebakend. Fluxys mocht na zijn vele contacten met de aannemers ervan uitgaan dat alle betrokkenen de veiligheidsmaatregelen kenden. Er was niets mis met de vorming van het personeel van Fluxys. De gasnetbeheerder voerde meer controles van de leidingen uit dan wettelijk verplicht was. Volgens de rechtbank bestaat er ook geen enkel technisch controle-apparaat om een gaslek op te sporen dat zo klein is als dat wat aanleiding gaf tot de ontploffing. Fluxys wist niet op voorhand van de botsing tussen de graafmachine en de leidingen. Fluxys heeft een snelle interventiedienst. Enzovoort. Geen enkele fout dus.

* Ook toenmalig burgemeester Bruno Van Grootenbrulle (PS) van Aat werd vrijgesproken. Hij zou volgens het parket onvoorzichtig geweest zijn omdat zijn gemeente geen veiligheidsplan voor dergelijke rampen had. Nee, zegt de rechtbank. Er bestond wél zo'n gemeentelijk veiligheidsplan, terwijl dat niet eens verplicht was op dat ogenblik van de ramp. Het plan was opgesteld samen met de brandweer. Zo'n plan kan nooit een resultaatsverbintenis bevatten, alleen een middelenverbintenis. Het plan bevatte een overzicht van alle producten die door pijpleidingen in Gellingen circuleerden met de naam en telefoonnummer van de verantwoordelijken. De rechter voegt er nog aan toe dat geen speciaal interventieplan nodig was voor het bedrijf Boart, omdat dit geen Sevesobedrijf is. De burgemeester maakte geen enkele fout.

ZIJN DE SLACHTOFFERS VERGOED?

Wauthier Robyns, de woordvoerder van Assuralia, zet op een rijtje wat de verzekeringen tot nu toe hebben uitbetaald aan de slachtoffers van Gellingen.

"In juli 2008 was al 25 miljoen euro uitbetaald aan ruim 120 slachtoffers die beschermd waren door de arbeidsongevallenwet, aan mensen die ter plekke werkten dus. Een groot deel van dat geld is betaald, een deel moet nog worden betaald omdat het bv. gaat om een levenslange rente voor een echtgenote die een heel jonge man verloor. Daar komt nog eens 5 miljoen euro bij uit andere verzekeringen (hospitalisatieverzekering, omniumverzekering voor schade aan auto's en gebouwen, verzekeringen van zelfstandigen). Samen dus 30 miljoen euro."

"Daarnaast had de Stichting Gellingen, gespijsd door schenkingen van Assuralia en Fluxys, zo'n 2,2 miljoen euro (1 van Fluxys, 1,2 namens Assuralia) uitbetaald voornamelijk aan toevallige passanten, die geen slachtoffer van een arbeidsongeval waren. Dat gold ook voor enkele Fransen die daar werkten, die niet onder voornoemde regelingen vielen."

"Vervolgens besloten de verzekeraars om aan de 132 gekende slachtoffers met lichamelijke letsels een minnelijke regeling voor te stellen. Na de berekening van hun schade door de betrokken verzekeraars werd het voorstel van schadevergoeding door het gemeenschappelijke motorwaarborgfonds aan het slachtoffer aangeboden, met de bedoeling dekking te verlenen voor alle letsels. De "indicatieve tabel" (die de rechters als richtlijn gebruiken om de schade van een bepaalde verwonding of overlijden te berekenen, nvdr) is in dit opzicht - zoals altijd - niet meer dan een maatstaf. De berekening gebeurde onder toezicht van de slachtoffers en hun advocaten om een integrale vergoeding te bekomen. Toen Assuralia haar jaarverslag voorstelde op 23 februari, bleek dat 21 mensen op onze voorstellen waren ingegaan en dat zij samen 4,2 miljoen euro hadden gekregen. Nog 14 dossiers liepen nog, voor nog een kleine twee miljoen euro. Enkele tientallen wezen de voorstellen af, nog enkele tientallen reageerden helemaal niet."

"De "kleinere" materiële schade moet nog geregeld worden. Het gaat dan bv. om inwoners van Gellingen waarij een pvc-raam gesmolten is, of glas vernield of de tuin verbrand door de ramp."

Robyns zegt dat de verzekeringen zelf al eind 2008 aan minister Vandeurzen, en opnieuw in mei 2009, een voorstel aan de regering hebben gedaan om slachtoffers van grote rampen zoals het Heizeldrama of de gasramp in Gellingen, veel sneller te vergoeden. Voormalig minister van Justitie Jo Vandeurzen had toen ook zelf een voorontwerp voor ogen, maar daar kwam niets van terecht.

Robyns: "Wij stellen voor dat het gemeenschappelijk motorwaarborgfonds bij dit soort rampen voor rekening van de betrokken verzekeraars de expertises doet en de medische kosten snel betaalt samen met een provisionele schadevergoeding, en zo mogelijk de definitieve regeling. De verzekeringen zorgen voor de nodige financiële middelen. Zo willen wij dat het proces "zonder zware financiële implicaties voor de slachtoffers" gevoerd wordt. Na het definitieve arrest van de rechter kunnen de verzekeringen de vergoedingen die ze uitkeerden terugvorderen van de personen die aansprakelijk werden gesteld. Als niemand als verantwoordelijke kan worden aangewezen of als de schuldige geen geld heeft, dan betaalt het rampenfonds de gemaakte kosten terug."

WAT DOET HET PARLEMENT?

De week startte de Kamercommissie Bedrijfsleven met de bespreking van een wetsvoorstel om slachtoffers van grote, technologische rampen al na zes maanden te vergoeden. Initiatiefneemster Marie-Christine Marghem (MR) en mede-ondertekenaar Carina Van Cauter (Open Vld) willen dat er nu eindelijk schot komt in de zaak. Ze menen dat in de zaak-Gellingen van alles misliep en zetten alles op een rijtje.

Wat liep er mis?

Marghem: "De verzekeringen beloofden in juni 2008, vier jaar na de ramp, dat ze een gezamenlijke pot zouden maken en de slachtoffers zouden vergoeden op basis van een tabel die ze voor deze ramp zouden opstellen. Het ligt voor de hand dat een 34-jarige politieman die voor zijn hele leven gehandicapt is en twintig operaties moest ondergaan een totaal andere vergoeding krijgt dan de echtgenote van een overleden brandweerman van 60 jaar. De tabel moest de criteria bepalen om de slachtoffers eindelijk te vergoeden. Dat zou tegen einde 2008 allemaal gebeurd zijn. Daarna zouden de verzekeringen tijdens het proces de zaak onder elkaar regelen."

Gebeurde dat dan niet?

Marghem: "Er waren bij de verzekeringen drie grote problemen.

1. Het duurde veel te lang eer de slachtoffers werden uitbetaald, uiteindelijk kregen nu nog steeds maar heel weinig slachtoffers een schadevergoeding. De slachtoffers kregen wel een voorstel tot schadevergoeding aangeboden, soms maar pas twee weken voor het proces.

2. Men legde hen niet uit hoe men aan die som kwam en ze bedroeg doorgaans slechts 60% van de vergoedingen die normaal in de "indicatieve tabel" staan. Dat kwam omdat men een verkeerd rooster gebruikte om de schade te berekenen. Normaal gezien hebben de slachtoffers bij zo'n uitzonderlijke rampen recht op 150% van de sommen uit de indicatieve tabel, ze kregen maar 60%.

3. De verzekeringen zegden erbij dat wie het akkoord niet aanvaardde, maar moest wachten tot het proces helemaal afgelopen was.

Dat kan dus niet. Wij willen dat al die akkoorden worden herzien en dat eerst en vooral een nieuw rooster wordt opgemaakt om de schade te berekenen." (Of dit juridisch haalbaar is, lijkt betwistbaar. De indieners denken van wel. "De overeenkomst is tussen de partijen wat een wet is voor iedereen. En een wet kan gewijzigd worden", zo zeggen zij. Maar meerdere deskundigen twijfelen daaraan, nvdr).

De politici hadden dit akkoord toch aangekondigd?

Van Cauter: "Inderdaad, maar daar liep ook van alles mis. Van de verantwoordelijke ministers deed alleen Jo Vandeurzen iets voor de slachtoffers, Onkelinx en De Clerck niet. Vandeurzen zette de verzekeringen samen en zij beloofden op 28 juni 2008 dat zij solidair de slachtoffers zouden vergoeden voor einde 2008. Dat gebeurde dus niet. De volgende minister, Stefaan De Clerck, drong niet verder aan. Terwijl dit allemaal via bemiddeling geregeld had kunnen worden. Men spreekt altijd zoveel van bemiddeling, men had het hier kunnen doen."

"Ook het Doornikse parket liet steekjes vallen. Zo dagvaardde het een aantal personen, waarvan het vermoedelijk zelf wist dat de vervolging zinloos was omdat ze geen schuld hadden aan het ongeval. Fluxys werd beticht van 14 verschillende feiten, maar werd over de hele lijn vrijgesproken. Welnu dat kan dus niet. Wij kunnen ons niet voorstellen dat het parket dat niet wist. Ze hadden dus Fluxys niet moeten dagvaarden, maar ze lieten zich leiden door de emoties van de publieke opinie en niet door wat juridisch verantwoord was. Recht en emoties staan vaak haaks op elkaar. Daardoor schep je hoge verwachtingen bij de slachtoffers en die worden dan later ontgoocheld. Je vergroot ook de kosten van het proces."

"Aan de andere kant dagvaardde het parket dan weer de burgerlijk aansprakelijke partij, de nv Colas niét. Dat moesten de slachtoffers zelf doen! En Colas werd wel veroordeeld. In ons voorstel zal dit allemaal niet meer kunnen omdat de slachtoffers voor het proces uit het proces worden gehaald."

Wat houdt het voorstel in?

Marghem: "Bij alle technologische rampen komt er een rechtspersoon van alle verzekeringen die erbij betrokken zijn. Die rechtspersoon moet binnen de twee maanden nadat de minister van Economie het feit erkend heeft als technologische ramp, opgericht zijn en hij moet ook de totale schade becijferen. Als dat niet gebeurd is, zal de regering een initiatief nemen om zo'n rechtspersoon op te richten. De minister van Economie moet op zijn beurt ten laatste een maand na de ramp beslist hebben of hij ze erkent als technologische ramp of niet."

"Daarnaast komt er een begeleidingscomité, dat bestaat uit vier partijen: de verzekeringen, de slachtoffers, het parket, de regering. Dat moet er op toezien dat de wet wordt nageleefd."

"Vervolgens wordt de brandverzekering verplicht. Velen denken dat dit al zo is, maar er is nog geen verplichting. Momenteel moet die brandverzekering alleen maar materiële schade vergoeden tot een bepaald plafond, geen lichamelijke of morele. De verzekeringen van alle betrokken partijen zullen zich in ons voorstel samen moeten zetten om de totale schade, ook de lichamelijke, esthetische en morele te schatten. Binnen de zes maanden moeten de eerste sommen worden uitbetaald. Bijvoorbeeld het geld voor tijdelijke arbeidsongeschiktheid. Als de schade later verhoogt, dan moet dat telkens worden aangepast. Wanneer dit eerste bedrag binnen de zes maanden niet betaald is, kan het slachtoffer het door de rechter laten bevelen met intresten."

"Het voordeel van dit systeem is dat de slachtoffers vergoed zullen zijn vooraleer het proces start. Op het proces kunnen de verzekeringen dan hun argumenten aanhalen en na het uiteindelijke arrest zal vaststaan welke verzekering wat moet betalen. Omdat dan de schuld is vastgelegd. Maar de slachtoffers hebben hiermee niets meer te maken, ze moeten ook geen advocaat nemen voor het proces, want hun schade is al vergoed. Het proces wordt dan louter een kwestie tussen verzekeringen."

Wat met personen zonder verzekering?

Marghem: "Voor hen komt er een fonds, zoals het autowaarborgfonds. Het wordt deels gespijsd door de staat en deels door de brandverzekeraars. Het zal zijn geld kunnen gebruiken om niet-verzekerde slachtoffers te vergoeden. Dat kan dan bv. gaan over een toevallige passant in Gellingen die daar verbrand is. Het zal ook dienen om de extra's uit te betalen, als bepaalde verzekeringen een plafond opleggen terwijl de schade veel hoger is."

Van Cauter: "Wij zien bovendien niet in waarom het Fonds voor Slachtoffers van Opzettelijke Gewelddaden nu al niet wat zou kunnen voorschieten, want het heeft toch nog veel geld in kas, waar het niets mee doet. In 2008 was er zo 5,9 miljoen euro over. Dat kan nuttig besteed worden!"

Waarom komt dit voorstel nu pas?

Marghem: "Het voorstel dateert al van 2005. Het werd twee keer op de agenda van de Kamercommissie Bedrijfsleven geplaatst, maar op verzoek van de regering telkens afgevoerd. De regering zou met een initiatief komen, maar ze is helemaal verdeeld. Minister van Consumentenzaken Paul Magnette wil een soort van class action mogelijk maken bij technologische rampen (waarbij alle slachtoffers zich verenigen en samen naar de rechter stappen of organisaties zoals Test-Aankoop of Deminor dat in hun plaats kunnen doen, nvdr). Minister van Justitie Stefaan De Clerck pleit voor objectieve aansprakelijkheid (waarbij één partij altijd aansprakelijk is ongeacht of ze fout is en er dus geen discussie over de aansprakelijkheid meer is, nvdr). Tegen het laatste zijn wij tegen omdat altijd iemand verantwoordelijk is en mensen voor hun fouten verantwoordelijk moeten worden gesteld. En ook omdat de verzekeringspremies in dat geval enorm zullen stijgen. Geen van beide voorstellen lost het basisprobleem op, want de slachtoffers moeten dan toch nog het proces afwachten."

"Ook het voorstel van Didier Reynders (MR) doet dat niet: hij richt wel een ad hoc fonds op, maar de uitbetaling van de slachtoffers volgt pas na het proces. Geen van de drie regeringsvoorstellen voldoet. En deze zaak blijft maar slepen en slepen. Het parlement heeft zich twee keer laten doen, maar nu is het genoeg."

(Desgevraagd ontkent minister van Justitie Stefaan dat hij een voorstander is van objectieve aansprakelijkheid. "Ik ben noch voorstander, noch tegenstander van objectieve aansprakelijkheid in dit soort zaken, dit moet verder onderzocht worden", zo zegt hij. De minister wijst erop dat dat Raad voor het Verbruik tegen half april een advies klaar heeft over het ontwerp-Magnette over de class actions. Volgens De Clerck zijn er "vele raakpunten" met het voorstel-Marghem. "Dat moet gezamenlijk bestudeerd worden", zo stelt hij, nvdr.)

Het voorstel-Marghem wordt mee ondertekend door alle Franstalige meerderheidspartijen en door Open Vld. Binnen de meerderheid tekende alleen CD&V niét mee. Tijdens een woelige zitting vorige woensdag werd beslist om nog voor Pasen hoorzittingen over het voorstel-Marghem te organiseren.

Lees ook:

Comité P: "Politie kan grote ramp niet aan"

MEER OVER John De Wit