Hulporganisaties stellen Congolees offensief aan de kaak

Een coalitie van meer dan tachtig hulporganisaties heeft opgeroepen een einde te maken aan de militaire operatie tegen rebellen in Noord- en Zuid-Kivu, in het oosten van de Democratische Republiek Congo. Ze wijzen op de "rampzalige" humanitaire situatie in de regio.

ikerremans

Dinsdag brachten de organisaties een rapport uit waarin ze aanvoeren dat de operatie de levens heeft geëist van meer dan duizend burgers. De gevechten hebben ook al meer dan negenhonderdduizend mensen op de vlucht gedreven.

Het rapport is niet mals voor de VN-vredestroepen in de regio. De Monuc, zoals de vredesmacht heet, steunt het regeringsoffensief tegen de rebellen. "De gevolgen van de militaire operatie voor de mensenrechten en de humanitaire situatie is simpelweg rampzalig", zegt Marcel Stoessel van de hulporganisatie Oxfam. "Vredestroepen, die de plicht hebben burgers te beschermen, moeten dringend samenwerken met het Congolese leger om die bescherming te garanderen, of moeten hun steun terugtrekken."

Moeilijke keuzes

Volgens Mohammed Adow, Al Jazeera-correspondent in Goma, hebben de vredestroepen al van bij het begin weinig steun van de bevolking. "Vorig jaar, toen de stad omringd was door de troepen van Laurent Nkunda, beschuldigde de bevolking de Monuc er al van niet voldoende te doen om ze te beschermen. Nu komen dezelfde beschuldigingen terug, dit keer van hulporganisaties die in de regio werken."

"De VN-troepen zitten tussen hamer en aambeeld. Volgens hun mandaat moeten ze de Congolese troepen bijstaan, maar die bestaan vaak uit voormalige rebellen die slecht opgeleid zijn, slecht uitgerust zijn en weinig weten over mensenrechten."

Volgens Adow wordt het een ramp als de VN zich terugtrekken, omdat de VN-troepen als enige nog voor een schijn van een rechtstaat zorgen in Oostelijk Congo.

VN blijven

Kevin Kennedy, woordvoerder van de Monuc, zegt dat de VN-missie de overheidstroepen zal blijven steunen in hun strijd tegen de Hutu-rebellen van het FDLR.

"De hulporganisaties zeggen niet dat Monuc meer kwaad dan goed doet", zegt hij. "Ze uiten wel hun bezorgdheid over de humanitaire gevolgen van de militaire acties die nodig zijn om het FDLR te verdrijven. Ze vragen meer middelen zodat de Monuc haar job beter kan uitvoeren."

Het offensief begon in januari in Noord-Kivu met de steun van Rwanda en heeft inmiddels Zuid-Kivu bereikt.

JG (IPS)