Geen maximum aan oprotpremies voor managers

Print
Er komt geen maximale oprotpremie voor managers. Maar dat betekent niet dat er geen remmen zijn.

De regering heeft op initiatief van de ministers Vincent Van Quickenborne, Stefaan De Clerck en Steven Vanackere de gouden parachutes proberen in te perken. Nu krijgen een pak managers nog een forse financiële handdruk als ze noodgedwongen moeten opstappen, ook al laten ze hun bedrijf in grote chaos achter.

Een maximum instellen, mocht niet van de Raad van State. Daarom zegt de regering nu dat vertrekpremies die groter zijn dan 12 maanden loon eerst moeten worden voorgelegd aan de aandeelhouders. Ze moeten een apart punt vormen op de algemene vergadering.

Ook is er een nieuwe regeling voor aandelenopties. Die mogen niet de eerste drie jaar worden omgezet in echte aandelen. Managers hebben bijgevolg geen stimulans meer om nog te gaan voor loutere kortetermijnwinsten,

Een soortgelijke regeling is er voor aandelen. Managers die direct effecten krijgen, moeten die minstens drie jaar bijhouden.

Superbonus

Voorts is er een rem op de grote bonussen gezet. Indien de bonus minstens 25% van het loon bedraagt, mag na één jaar slechts de helft worden uitbetaald. Het saldo moet minimaal worden gespreid over de volgende twee jaar. Bovendien moet de bonus worden gekoppeld aan het behalen van doelstellingen over drie jaar. En kan er contractueel worden bedongen dat reeds toegekende premies teruggevorderd kunnen worden als blijkt dat bepaalde doelstellingen toch niet gehaald worden.

Lonen

Ten slotte komt er ook een aangepaste regeling voor de bekendmaking van de verloning van toplui in beursgenoteerde ondernemingen. Die stelt dat bedrijven voortaan het loon van hun topman apart moeten bekendmaken. Voor de overige directieleden en de bestuurders mag het dan weer gezamelijk gebeuren.

JVG