Bindingsangst zit in de genen

Bindingsangst zit in de genen

Mama

Bindingsangst zit in de genen

Print
Wie dacht dat bindingsangst typisch mannelijk is, heeft het volgens enkele Zweedse onderzoekers danig mis. Zij ontdekten een genetische structuur die bepalend werkt bij het aangaan van relaties.

Mensen met bindingsangst beschikken over versie 334 van het gen AVPR1A. Deze genetische structuur zou er volgens de Zweedse onderzoekers voor zorgen dat bindingsangst steeds prominenter op de voorgrond treedt. Vrouwen hebben bovendien een extra factor die bindingsangst in de hand werkt. "Het hormoon oxytocine blijkt bij vrouwen meer invloed te hebben op de bindingsangst dan het gen waarover het in het onderzoek gaat. Oxytocine staat bekend als het liefdeshormoon, het bepaalt voor een deel onze relaties", vertelt onderzoekster Hasse Wallum.

Oxytocine helpt ons namelijk stress te beperken en liefdeskeuzes te maken. Wanneer oxytocine ontbreekt of niet voldoende werkt, vergroot de kans op bindingsangst enorm. Volgens wetenschappers zou dit een verklaring kunnen bieden waarom er steeds meer vrouwelijke singles zijn.

NIET TE MISSEN