Bedenkingen bij het vonnis van rechter De Smedt

Print
2 JUNI 2009, MET UPDATES TOT 8 OKTOBER 2011 - De Antwerpse strafrechter Walter De Smedt sprak donderdag een gps-dief vrij omdat een vorige gevangenisstraf niet was uitgevoerd en dit de dader had aangezet tot nieuwe feiten. De Smedt paste de theorie van de uitlokking toe op het niet-uitvoeren van straffen onder de drie jaar. Het vonnis veroorzaakte een immense heisa en werd algemeen gezien als een "politiek statement". Men eiste sancties. Het vonnis roept een aantal vragen op rond uitlokking van criminele feiten. Kan de provocatietheorie zomaar op dit soort zaken worden toegepast? Maar vragen rijzen ook rond het bewijsrecht, de verhouding tussen de doelstellingen van de straf en de "evidente" omzetting van een celstraf in elektronisch toezicht. Een analyse. (Dit stuk werd op 3 juni 2009 up-to-date gemaakt naar aanleiding van een parlementaire vraag van Bart Laeremans (VB) in de Kamercommissie Justitie. Hoe het verder afliep met deze rechtszaak vindt U up to date tot 8 oktober 2011 in de stukken helemaal onderaan deze tekst.)

Said L. (43), een drugsverslaafde Marokkaanse buffetwerker uit Borgerhout, brak op 12 april 2009 binnen in een auto en stal een gps-systeem. Hij werd door de politie met bebloede handen op heterdaad betrapt. Said werd toen in voorlopige hechtenis genomen en verscheen dus aangehouden voor rechter De Smedt.

Hij was volgens het vonnis wettelijk recidivist, waardoor zijn straf normaal gezien verdubbeld kan worden. Said liep tussen 1986 en 2009 negentien veroordelingen op voor verkrachting, inbraak, diefstal met geweld en voor verkeersmisdrijven. Hij kreeg 11 keer effectieve celstraffen die schommelden tussen 2 en 18 maanden. Op 8 februari 2009 was hij nog maar pas tot 18 maanden effectieve celstraf veroordeeld door dezelfde Antwerpse strafrechter De Smedt.

Volgens het vonnis van donderdag was die celstraf definitief geworden ("in kracht van gewijsde"). Saïd was niet in beroep gegaan en hij diende ook geen gratieverzoek in. In principe moest de straf dus worden uitgevoerd.

Het misdrijf dat Saïd nu pleegde (inbraak in een auto om een gps te stelen) wordt in het strafwetboek bedacht met 10 jaar cel, maar het werd gecorrectionaliseerd. Daardoor komt het maximum in principe op vijf jaar, maar omdat Saïd recidivist is, opnieuw op 10 jaar.

MOTIVERING

De Smedt sprak Said evenwel vrij. Hij verwees naar het feit dat Said op de zitting zelf verklaarde dat van de celstraf van 18 maanden nog niets was uitgevoerd. De rechter stelde vast dat "de niet-uitvoering van deze rechterlijke uitspraak (de straf van 18 maanden, nvdr) het plegen van nieuwe feiten heeft mogelijk gemaakt. De straffeloosheid die het gevolg is van deze niet-uitvoering kan niet anders dan voornamelijk veelplegers er toe aanzetten om hun criminele activiteiten voort te zetten."

Volgens De Smedt werden de nieuwe feiten dus uitgelokt door de niet-uitvoering van de vorige straf, die hij "zinloos en van geen enkele waarde" noemde.

Het vonnis is summier gemotiveerd op grond van kenmerken van de dader en op grond van de theorie van de provocatie. Volgens De Smedt is het opzet om een nieuw crimineel feit te plegen gerijpt bij de dader doordat de straf voor een vorig feit niet werd uitgevoerd. Als het misdrijf is geprovoceerd door het gerecht, dan kan alleen maar de vrijspraak volgen.

De Smedt vermeldt weliswaar de vereisten niet waaraan een provocatie moet voldoen, maar hij is een specialist die zich in de Comités P en I al jarenlang met (politie)-provocatie heeft beziggehouden.

Allicht rekt De Smedt het begrip "provocatie" wat op en geeft hij er een te verregaande en foutieve interpretatie aan, maar dat is een juridische kwestie waarover het Hof van Beroep zich zal moeten buigen. Het is zeer onwaarschijnlijk dat de provocatietheorie in een geval als dit van Saïd kan worden toegepast. De Smedt loopt met zijn vonnis een zeker risico: wat zal hij doen als andere advocaten van veelplegers in een soortgelijke situatie als die van Saïd L., zich in zijn eigen rechtszaal op zijn vonnis in de zaak van Saïd L. beroepen om ook een vrijspraak te krijgen? Zal hij die dan eveneens vrijspreken? Dit zou dan tot meerdere vrijspraken kunnen leiden.

Het vonnis is een lapalissade. De Smedt zegt niet meer dan wat politici van divers pluimage - met inbegrip van meerdere opeenvolgende ministers van justitie - al eerder zegden: de niet-uitvoering van de korte celstraf schept een klimaat van straffeloosheid en dat lokt nieuwe feiten uit. Alleen verbindt De Smedt daaraan de - volgens hem gepaste - juridische consequenties van die theorie van straffeloosheid.

Het vonnis had al onmiddellijk succes. Na de vrijspraak had het parket Saïd normaal gezien moeten vrijlaten, maar dat gebeurde niet omdat...de eerdere straf van 8 februari nu wordt uitgevoerd. Volgens het antwoord van Justitieminister De Clerck (CD&V) op een parlementaire vraag van Bart Laeremans op 3 juni, voerde het parket prompt de twee celstraffen uit die nog moesten worden uitgevoerd: één van tien maanden en één van achttien maanden. Saïd blijft dus in de cel. Zijn advocaat, Mr. Christopher Savoye, vreest dat de mediatieke drukte rond deze zaak Saïd nu in beroep een zwaardere straf kan opleveren dan hij anders ooit zou hebben gekregen.

KRITIEKEN

Men hoorde allerlei kritieken op dit vonnis. Op het eerste gezicht kan dit een schandalig vonnis lijken, dat de straffeloosheid nog in de hand werkt. En dat is wellicht ook het gevolg van de mediatieke heisa rond dit vonnis. Bij nader inzien is de situatie toch anders dan op het eerste gezicht.

* Een eerste reeks bedenkingen had het over "een rechter die met niemand kan samenwerken en zich telkens moet laten opmerken". Deze kritiek is ad-hominem en doet niets terzake.

* Vervolgens werd De Smedt verweten "een politiek statement" te doen. "Politiek statement" is een zwaar woord. Het vonnis kan weliswaar zo geïnterpreteerd worden en het is vermoedelijk ook zo bedoeld. Maar in dezen geldt de Wet van Assepoes: "Wie het schoentje past, trekke het aan".

Juridisch gezien is het vonnis echter niets meer dan een creatieve toepassing van de provocatietheorie, een juridisch begrip, op een nieuw crimineel feit. Er staan geen persoonlijke verwijten aan het adres van politici, van ministers of van het parlement in.

Er is natuurlijk wel het beginsel van de scheiding der machten dat in beide richtingen geldt, maar dat verplicht rechters niet om volledig geslachtsloos tegen sociale problemen aan te kijken. In maatschappelijk belangrijke rechtszaken nemen magistraten vaak allerlei "politiek gekleurde" standpunten in en het kan soms niet anders. Denken we slechts aan de vele vonnissen over illegalen.

Bovendien heeft De Smedt niet "veel andere manieren om de niet-uitvoering van korte straffen aan te klagen", zoals minister van Justitie Stefaan De Clerck beweert, want De Smedt heeft een spreekverbod en kan dus geen statements meer doen. De Smedt kreeg dit spreekverbod al meer dan een jaar geleden na een interview met Gazet van Antwerpen en het is nog altijd niet opgeheven.

* Anderen spraken van "rechtsweigering", maar ook dit is moeilijk hard te maken. Rechtsweigering is volgens artikel 258 van het strafwetboek strafbaar met 2.750 euro boete en een mogelijke ontzetting uit het ambt. Je hebt het als een rechter een zaak in beraad neemt en daarna weigert om een uitspraak te doen. Dat is hier niet het geval. Er is een gemotiveerde uitspraak. Weliswaar heeft die tot gevolg dat het slachtoffer zijn schade niet vergoed krijgt, maar dat is bij alle vrijspraken zo. Het slachtoffer heeft overigens al openlijk verklaard dat ze de handelwijze van de rechter wel kan begrijpen.

* Sommigen eisten een tuchtsanctie. In de Kamercommissie Justitie zegde minister van Justitie Stefaan De Clerck op 3 juni aan Bart Laeremans (VB) dat hij contact heeft genomen met de Antwerpse procureur-generaal Yves Liégeois met het oog op "een sanctie" voor De Smedt. Want een tuchtsanctie kan de procureur-generaal niet opleggen: dat moet rechtbankvoorzitter Ivo Moyersoen desgevallend doen.

Het valt op het eerste gezicht niet goed in te zien waarvoor een (tucht)sanctie zou kunnen worden opgelegd. De strafrechter De Smedt heeft een vonnis geveld en is daarin volkomen onafhankelijk. Hij kan niet gestraft worden voor de inhoud van zijn vonnissen, want dat zou zijn onafhankelijkheid aantasten en het vonnis kan in beroep gewoon worden hervormd. Tenzij... men het over de boeg van de "intellectuele valsheid" gooit. Zo zou men kunnen beweren dat De Smedt zijn provocatietheorie gebruikte voor andere doeleinden, nl. om zelf de justitieminister uit te dagen en dat hij dus een akte, een vonnis, "vervalste". Dan gaat het om een misdrijf. Sommigen opperen dit als mogelijke piste, maar het blijft moeilijk, nogal extreem en het zou een gevaarlijk precedent zijn.

* Men zegde dat De Smedt justitie op extra kosten jaagt, omdat het parket nu in beroep moet gaan tegen het vonnis. Men vergeet daarbij dat de gerechtskosten bij een veroordeling ambtshalve aan de dader worden aangerekend. En het is helemaal niet zeker dat er bij een veroordeling van Said in eerste aanleg géén beroep zou zijn geweest.

Dit verwijt klinkt overigens een beetje merkwaardig uit de mond van een minister van justitie, die het na het arrest-Taxquet niet nodig vond om een noodwet te laten goedkeuren om assisenjury's te verplichten om hun verdicten te motiveren. Met als gevolg dat minstens één, maar mogelijk vijf assisenzaken moeten worden overgedaan.

HAD HET ANDERS GEKUND?

Natuurlijk. De Smedt had Saïd kunnen veroordelen tot een straf van meer dan drie jaar. Dat zou gezien een eerdere straf van 18 maanden en een vrijwel onmiddellijke recidive niet meer dan normaal zijn. In dat geval zou Saïd minstens twee derde van die nieuwe straf hebben moeten uitzitten én onder de strafuitvoeringsrechtbank vallen. Steeds meer Antwerpse rechters veroordelen verdachten tot "3 jaar plus één dag" om dat doel te bereiken. Ook die straffen van "3 jaar plus één dag" kunnen gezien worden als een politiek statement, als een kritiek op de niet-uitvoering van korte straffen, maar er komen geen criminelen door vrij.

Als De Smedt Saïd zou straffen, dan kon hij natuurlijk niet de juridisch erg betwistbare theorie van de uitlokking naar voor schuiven. En daarin geloofde hij absoluut, het was blijkbaar zijn 'intieme overtuiging'.

De Antwerpse strafrechter gelooft blijkbaar op een extreme en naïeve wijze in de individuele afschrikking van de celstraf. "Als mijn vroegere celstraf van 18 maanden was uitgevoerd, dan zou Saïd dermate afgeschrikt zijn dat hij voorlopig geen nieuwe feiten meer zou plegen", zo redeneert hij. Nu werd die straf niet uitgevoerd en dat lokte volgens De Smedt dus nieuwe feiten uit. Deze opvatting over de individuele afschrikking strookt - zeker wat betreft veelplegers - niet met de criminologische theorie. Die toont aan dat een celstraf bij gewoontedieven maar zelden echt afschrikt. Maar toch geloven veel rechters nog in die individuele afschrikking. En een strafrechter beslist op grond van zijn intieme overtuiging, vanzelfsprekend gesteund op het bewijsmateriaal. Zolang België geen bewijsrecht (regels waaraan een zaak moet voldoen om bewezen te zijn) kent, is die intieme overtuiging voldoende, mits degelijke motivering. Men kan rechter De Smedt dus moeilijk strafrechtelijk verwijten dat hij de keuze maakte die hij maakte, ook al is die juridische keuze fout.

MERKWAARDIGE REACTIES

Twee reacties zijn merkwaardig:

1. De reactie van de rechtbank.

De Antwerpse rechtbank van eerste aanleg distantieerde zich in een persmededeling van het vonnis. Zoiets is nog nooit gebeurd in de geschiedenis van het gerecht, het is een primeur. Op welke grond magistraten die een zaak niet zelf gevolgd hebben en die niet gevat zijn door een dagvaarding van parket of burgerlijke partij en die dus de zaak niet kennen, zulke uitspraken doen is niet duidelijk. De vraag rijst zelfs op de rechtbank van eerste aanleg door haar reactie niet impliciet de onafhankelijkheid van de magistratuur schendt.

Het is een bizarre reactie, die des te eigenaardiger overkomt, als je weet dat die rechtbank zich niét distantieerde van een eerder onwettig vonnis in de zaak van het busincident. Deze reactie zal de goede verstandhouding onder de magistraten zeker niet ten goede komen.

Aan de andere kant vertolkt ze wel de mening van een reeks magistraten, die verbolgen zijn over de "staking" van rechter De Smedt. Zij menen dat het niet kan dat de magistratuur geen straffen oplegt als de feiten toch bewezen zijn. Ze vinden dat de straffeloosheid nog toeneemt door het vonnis van De Smedt en stellen dat bij veralgemening van De Smedt's visie er tientallen vrijspraken zouden moeten volgen. En dat vinden ze niet kunnen. De Smedt verergert wat hij aanklaagt, zo luidt het informeel nog.

2. De reactie van Justitieminister De Clerck.

Hij vatte op de televisie zijn mening over over de handelwijze van rechter De Smedt vatte hij kernachtig samen met de bedenking: "Dit is: niet kunnen".

Hij suggereerde dat mensen die op heterdaad betrapt zijn altijd veroordeeld worden en hoopte dat het Hof van Beroep deze fout ging rechtzetten.

In de Kamercommissie Justitie ontkende De Clerck op 3 juni 2009 formeel dat de straffen van Saïd L. niet zouden zijn uitgevoerd. "Op het moment dat Saïd voor rechter De Smedt verscheen, waren alleen de twee laatste celstraffen (van respectievelijk tien en achttien maanden) nog niet uitgevoerd. Al de andere, goed voor 76 maanden, wel. Saïd had 60 van die 76 maanden uitgezeten, of 79%. Onmiddellijk na de vrijspraak, voerde het parket ook de twee resterende straffen uit, zodat Saïd in de gevangenis kon blijven".

Men zou de verontwaardiging van een veelgeplaagd justitieminister, die een departement heeft geërfd dat tientallen jaren stiefmoederlijk is behandeld, kunnen begrijpen. Ware het niet dat de Fortisaffaire nog maar pas achter de rug is. En ware het niet dat De Clerck door zijn uitspraken toch wel ongeoorloofde druk uitoefent op het Hof van Beroep en dus het beginsel van de scheiding der machten schendt. Zijn voorganger, Jo Vandeurzen, trad voor dit soort dingen af.

De Clerck zegde ook nog dat hij "de statements van De Smedt niet nodig had om te weten dat de straffen onder de drie jaar niet worden uitgevoerd, maar dat hij (De Clerck, nvdr) er alles aan doet om dit zoveel mogelijk terug te dringen".

VIER PROBLEMEN

Als de uitspraak van De Smedt moet geïnterpreteerd worden als een politiek statement, dan rijst de vraag of De Smedt inhoudelijk gelijk heeft. En het antwoord daarop kan (helaas) alleen maar bevestigend zijn. Het vonnis roept minstens vier grote problemen op.

1. Voor Said werd geen cel gevonden.

De cellen zitten immers overvol. België telt momenteel zo'n 10.480 gedetineerden voor 8.384 cellen. In de Vlaamse gevangenissen bedraagt de overbevolking 30%. De politici doen er wel erg lang over om deze overbevolking weg te werken. De CD&V, de partij van de justitieminister, stelde in haar verkiezingsprogramma dat zij in twee jaar tijd zo'n 1.500 cellen zou bijbouwen dank zij een privaat-publieke samenwerking. Er zou een staatssecretaris komen om erop toe te zien dat dit plan zou gerealiseerd worden. De twee jaar zijn nu om. In de Kamercommissie Justitie moest minister De Clerck toegeven dat er in 2008 slechts 12 cellen zijn bijgekomen.

Ook de bouwplannen die al onder justitieminister Onkelinx waren uitgewerkt lopen enorme vertraging op. Onkelinx wilde in Antwerpen een gesloten instelling voor 500 geïnterneerden bouwen tegen uiterlijk juni 2009. Deze instelling had dus binnen enkele dagen open moeten gaan, maar men heeft nog maar net een bureau aangesteld om ze te architecturaal uit te tekenen. De oorzaak van deze vertraging ligt weliswaar bij de chaotische houding van het Antwerpse schepencollege en helemaal niet bij Justitie, maar ook de andere door Onkelinx geplande bouwprojecten lopen vertraging op. Denken we slechts aan de nieuwe gevangenis van Dendermonde, die er volgens de planning eveneens als zou moeten staan. Ook hier ligt de vertraging niet aan de Justitieminister, maar bij de ontwikkeling van de plannen had men met al die problemen rekening kunnen houden.

Ondertussen worden wel 7 nieuwe bajessen aangekondigd tegen 2016, maar in de meeste gevallen moet alles nog beginnen. De cellen blijven overvol, de regering reageert veel te traag. De regering heeft de voorbije twee jaar nog niet veel tastbaars heeft gepresteerd op dit terrein.

2. Saïds eerdere straf van 18 maanden zou niet uitgevoerd worden, maar omgezet worden in elektronisch toezicht.

Straffen tot drie jaar worden bij circulaire automatisch door de minister van Justitie herleid tot een derde, tot één jaar cel dus. En dan worden ze in twee op de drie gevallen (65%) omgezet in elektronisch toezicht. In de overige 35% van de gevallen volgt toch een effectieve opsluiting, zeker als het om recidivisten gaat, zo zegde De Clerck zich op 3 juni in de Kamercommissie Justitie. Straffen onder de zes maanden worden helemaal niet meer uitgevoerd, behalve "in cumul" met andere straffen, zo stelde de minister nog.

Saids straf van februari was echter nog niet omgezet in elektronisch toezicht. Want ook daar zitten de wachtlijsten overvol. Momenteel telt België 1010 mensen op elektronisch toezicht, dat zijn er twee keer zoveel van op 1 januari van dit jaar, toen er nog maar 666 waren. Op dit vlak heeft De Clerck al heel wat gepresteerd. Maar ook de wachtlijsten om een elektronische enkelband te krijgen, groeiden: op 15 mei waren er al 1.623 wachtenden tegen 1.572 op 1 januari. De gemiddelde wachttijd bedraagt nu 67 dagen.

Het punt blijft bovendien dat een celstraf van 18 maanden bedoeld is als een celstraf en niet als elektronisch toezicht. Strafrechters hebben het recht dat hun straf wordt uitgevoerd.

Terzake pleit Walter De Smedt al meerdere jaren ervoor dat de strafrechter zelf kan beslissen dat een bepaald deel van de celstraf hoedanook moet worden uitgezeten. Want omzettingen van de ene straf in de andere, zonder dat enige wettelijk vastgelegde omrekeningstabel bestaat, kunnen eigenlijk niet door een minister gebeuren. Het was overigens de bedoeling dat vanaf februari 2008 de strafuitvoeringsrechtbanken zouden beslissen over de uitvoering van de straffen tot drie jaar. Maar dat werd…uitgesteld, voorlopig zeker tot 2013.

Bovendien - zoals senator Martine Taelman (Open Vld) al bij herhaling heeft opgemerkt - is het niet voldoende om meer enkelbanden aan te kopen. Men moet de personen met zo'n enkelband ook regelmatig persoonlijk thuis gaan controleren, niet alleen elektronisch. Anders kunnen sommigen zoals drugsdealers hun criminele activiteiten thuis gewoon voortzetten.

3. Said is een veelpleger.

Ondanks het regeerakkoord en ondanks beloftes terzake, is er nog altijd geen beleid om veelplegers zoals Said L. aan te pakken. Er is zelfs nog geen aanzet toe.

4. Met een bewijsrecht, zou dit vonnis misschien voorkomen hebben kunnen worden. Maar dat bewijsrecht is er niet.

Evenmin is er een duidelijke uitspraak van het parlement over de verhouding tussen de doeleinden van de straf: hoe zwaar moet/mag de individuele afschrikking wegen bij de beoordeling van de strafmaat? Hoe verhoudt die individuele afschrikking zich tot de andere doeleinden van de straf: leedtoevoeging, incapacitatie (neutralisatie of uitsluiting uit de samenleving), resocialisatie (of wederaanpassing aan de samenleving) en algemene afschrikking (afschrikking van andere mensen dan de dader, zodat die geen criminele feiten plegen).

Het parlement, noch de minister van Justitie, hebben de verhouding tussen de doeleinden van de straf ooit wettelijk verankerd. Ze hebben niet geëist dat de strafrechter in zijn motivering naar die doeleinden zou verwijzen en zijn afweging uitdrukkelijk in zijn vonnis zou opnemen. Terwijl dat toch wel nuttig kan zijn, want op de achtergrond speelt altijd een bepaalde visie op die verhouding mee. Strafrechters maken die weging van de doelstellingen van hun straffen nu zelf en meestal impliciet. Bovendien zou een ruimere criminologische scholing van strafrechters in de effecten van de diverse straffen nuttig zijn.

De minister heeft dus nog heel veel werk voor de boeg. Het is begrijpelijk dat magistraten ongeduldig worden als ze zien dat hun vonnissen niet worden uitgevoerd.



Voor de ideologische visie achter de vonnissen van rechter De Smedt:

Rechter De Smedt strijdt tegen de socialistische visie op justitie



Hoe het afliep vindt U in onderstaande stukken:

Coveliers: "Vrijspraken worden onmogelijk"

Parket wil principiële straf voor rechter De Smedt

Antwerps Hof spreekt rechter De Smedt vrij voor rechtsweigering

Cassatie geeft rechter De Smedt gelijk

Siegfried Bracke wil strenge tuchtstraf voor rechter De Smedt


Rechter De Smedt krijgt geen tuchtstraf



Nu in het nieuws