Commissie Fiscale Fraude wil Comité F

Print
15 MEI 2009 - De Kamer keurde donderdagavond met een grote meerderheid de besluiten van de Onderzoekscommissie voor de Ernstige en Georganiseerde Fiscale Fraude goed. Alleen N-VA en LDD stemden tegen, het VB onthield zich. De Commissie wil grote fraudes voorkomen door een Comité F op te richten om de werking van de fiscus te controleren. Fiscale misdrijven zullen voortaan slechts op één manier worden afgehandeld, ofwel gerechtelijk ofwel administratief. Beroepsgroepen die fiscale fraudeconstructies adviseren worden strafbaar. Er komen speciale fiscale auditoraten. De Bijzondere Belastinginspectie krijgt extra personeel en de fiscus zal ook huiszoekingen mogen doen. Er komt één invorderingsdienst voor alle belastingen. Tot hier een greep uit de 108 aanbevelingen.(Dit stuk bevat helemaal onderaan een UPDATE van 22 FEBRUARI 2010)

Specialisten, zoals sp.a-volksvertegenwoordiger Dirk Van der Maelen schatten de fiscale fraude in België op 30 miljard in 2005. De zwarte economie beloopt 21,5% van het BBP en dat is goed voor 60 miljard euro per jaar, maar in dat cijfer zitten ook de economische en sociale fraude. België staat op de vijfde plaats van alle Oesolanden met het hoogste fraudpercentage na Griekenland (28,3%), Italië (26,2%), Spanje en Portugal (elk 22,3%). Het fraudepercentage in België is beduidend hoger dan dat van onze omringende buurlanden (Frankrijk: 14,8%; Nederland: 12,8% en Duitsland: 16,8%). Geen wonder dat de belastingdruk in België zelf één van de hoogste ter wereld is. Een eerlijke alleenstaande loontrekkende houdt van zijn loon van 100 euro slechts 44 euro voor zichzelf over, al de rest gaat naar belastingen. Ongetwijfeld door de grote fraude.

De Onderzoekscommissie naar de Grote Fiscale Fraude werd op 10 april 2008 opgericht om na te gaan hoe het komt dat het zo moeilijk is om belastingontduiking bestraft te krijgen. Ze stond onder leiding van François-Xavier de Donnea (MR).

Ze bestudeerde drie grote soorten dossiers: de FBB-dossiers over het forfaitair gedeelte van de buitenlandse belastingen, beter bekend als de An-Hypfraude; de Beaulieufraude; de fraude met de kasgeldvennootschappen. Ze hoorde in totaal 71 getuigen: parketmagistraten, fiscalisten, professoren, e.d. De vergaderingen hadden vaak achter gesloten deuren plaats.

Nu heeft ze een rapport met 108 aanbevelingen klaar dat donderdag door de overgrote meerderheid van het parlement werd goedgekeurd. De werkzaamheden verliepen wat in de schaduw van andere commissies, maar de aanbevelingen zijn niettemin van groot belang. We overlopen een en ander, met soms kritisch commentaar van oppositielid Dirk Van der Maelen (sp.a) die van de strijd tegen de fiscale fraude zijn levenswerk heeft gemaakt en van wie de meeste ideeën in het eindrapport terug te vinden zijn.

ALGEMENE AANBEVELINGEN

* Er komt naar analogie met het Comité P voor de politiediensten en het Comité I voor de inlichtingendiensten, een Comité F (Fraude). Dat valt rechtstreeks onder de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Het moet de diensten die de verschillende vormen van fraude (fiscale, economische en sociale) bestrijden controleren en ook klachten van burgers en ambtenaren bestuderen.

* De minister van Justitie moet ook in fiscale fraudezaken zijn injunctierecht uitoefenen. Dat gebeurt nu nooit, maar toch zouden de zaken zo veel sneller vooruit kunnen gaan.

* Het Charter van de Belastingplichtige van 4 augustus 1986, het paradepaardje van toenmalig minister van financiën Guy Verhofstadt (PVV), moet "worden aangepast aan de tijd". Het Charter verbood fiscale ambtenaren om mee te werken aan de gerechtelijke onderzoeken. Maar nu wordt gepleit voor een nauwere samenwerking tussen fiscus en gerecht.

Van der Maelen: "Het is natuurlijk onaanvaardbaar dat het gerecht geen beroep mag doen op de deskundigheid van de ambtenaren van de fiscus. Ondertussen zijn wel al 16 fiscale ambtenaren naar de parketten gedetacheerd, zij mogen wel mee helpen aan de gerechtelijke onderzoeken tegen de fiscale fraude, maar die 16 mensen kunnen ook niet alles. Wij willen nu het Nederlandse model veralgemenen: een aantal ambtenaren van de Bijzondere Belastinginspectie (BBI) wordt ook officier van gerechtelijke politie. En uit deze pool kan het gerecht putten bij ieder nieuw fraudegeval, zodat men de meest bekwame kan kiezen".

Er komt dus een specifieke cel voor grote fiscale fraude binnen de Federale Overheidsdienst Financiën. Hij staat onder toezicht van het federaal parket. Hierdoor zullen bepaalde ambtenaren van de Bijzondere Belastinginspectie het statuut van officier van gerechtelijke politie krijgen.

* Ondertussen worden de sectorale controles opgevoerd.

* De Una Via-regel wordt ingevoerd. Dit houdt in dat een fraude maar op één manier wordt afgehandeld: ofwel administratief, ofwel gerechtelijk. De kleine fraudes zouden administratief worden aangepakt, voor de grotere komt er een overleg tussen fiscus, politie en gerecht over wat de meest efficiënte manier van optreden is. Tussen de administratie en het (nieuw op te richten) fiscale parket komt een Federale Dienst voor Fiscale Fraudebestrijding (FDFF) te staan. Die moet het fiscaal vervolgingsbeleid uitwerken en moet bovendien beslissen hoe een fraudezaak wordt afgehandeld. Ook deze dienst komt onder de controle van het Comité F.

* De belastingadministratie zal zelf ook huiszoekingen en inbeslagnames mogen doen.

JUSTITIE

* Ieder Hof van Beroep krijgt een gespecialiseerd parket tegen grote fiscale fraude, het fiscaal auditoraat. Dat moet ervoor zorgen dat de plaatselijke parketten voldoende volk hebben om een ingewikkelde zaak af te handelen. Het zal eveneens de instroom van de dossiers beheren volgens het LIFO-beginsel (Last In, First Out: dossiers die laatst zijn binnengekomen, wordt bij voorkeur eerst afgehandeld). Tegelijkertijd moeten de gerechtelijke dossiers zoveel mogelijk gedigitaliseerd worden.

* Het college van procureurs-generaal moet prioriteit geven aan de afhandeling van grote fiscale fraudes.

* Er moet een oplossing komen voor Brussel. Dat parket handelt niet alleen Belgische fiscale fraudes af, maar ook al de Europese. Er zou een speciaal kabinet voor die OLAF-dossiers moeten komen om de fraude tegen de Europese Unie (inzake subsidies e.d.) af te handelen. Dat moet onderhandeld worden met de Europese Unie. Ondertussen moeten de parketten - en dan vooral dat van Brussel - meer personeel krijgen.

* Het Antwerps model van verticale integratie moet worden veralgemeend. Dat houdt in dat dezelfde substituut het dossier niet alleen in eerste aanleg, maar ook in beroep en zelfs voor de Kamer van Inbeschuldigingstelling behandelt. Voormalig procureur Bart Van Lijsebeth werd in de Commissie geprezen voor zijn goed beleid in de strijd tegen de kasgeldvennootschappen.

* De fiscale dossiers moeten kleiner worden: de opdrachten die het parket aan onderzoeksrechters geeft moeten beperkt blijven, ze mogen niet uitdeinen tot nevenaspecten, er mogen ook niet te veel onderzoeksdaden zijn. Het parket moet de dossiers constant opvolgen. Op dit gebied ondersteunt de Commissie de voorstellen van het college van pg's.

* De speurders moeten beschermd worden tegen pogingen tot weerwraak of intimidatie. Hoe zegt het rapport er niet bij.

* In ieder geval moet de procureur in fraudezaken bij de onderzoeksrechter een huiszoeking kunnen vragen, zonder dat hij het dossier moet overdragen aan de onderzoeksrechter zelf. Dat is nu nog altijd zo.

* Als de fraudezaken zolang slepen dan komt dit vaak omdat ze tegelijkertijd bij de burgerlijke rechter en bij de strafrechter zijn aangekaart. En dan moet de burgerlijke rechter wachten tot de strafrechter heeft beslist. Dat beginsel heet: "Le criminel tient le civil en état". Dat beginsel bestaat om te verhinderen dat beide soorten rechters over één en dezelfde zaak een totaal verschillend vonnis vellen. De Commissie wil dat wordt onderzocht of deze regeling in fiscale zaken niet kan worden afgeschaft.

WET-FRANCHIMONT

De wet-Franchimont moet worden veranderd. De Commissie stelt vast dat de gerechtelijke procedures te ingewikkeld zijn en te veel mogelijkheden bieden om zaken te vertragen.

Ze stelt vast dat Nederland geen raadkamer of Kamer van Inbeschuldigingstelling heeft en dat de zaken daar rechtstreeks voor de strafrechter komen, wat een enorme tijdswinst betekent. Maar toch stelt de Commissie niet voor om de raadkamer als verwijzingsorgaan af te schaffen, zoals bv. de Brusselse magistraat Paul Dhaeyer tijdens de zittingen had bepleit.

Ook vond de Commissie het niet kunnen dat onregelmatigheden in de procedure kunnen worden aangekaart bij de onderzoeksgerechten (raadkamer en KIB) en daarna nog eens opnieuw bij de vonnisgerechten (correctionele rechtbank en Hof van Beroep). Dat leidt tot dubbele, ernstige vertragingen, schrijft de Commissie. Maar ze stelt toch niet voor om die mogelijkheid af te schaffen.

Wat stelt ze dan wel voor met betrekking tot de wet-Franchimont?

* Omvangrijke dossiers moeten gesplitst kunnen worden.

* De mogelijkheid om vlak voor de zitting van de raadkamer nog bijkomende onderzoeksdaden (getuigenverhoor, financieel onderzoek) te vragen moet worden afgeschaft.

De raadkamer en de KIB moeten worden hervormd "om de procedures minder omslachtig te maken".

* Er moeten ook enkele dingen "worden overwogen". Namelijk om een wettelijke termijn in te stellen waarbinnen de zaak naar de strafrechter moet worden verwezen. En verder om sancties in te voeren voor vertragingsmanoeuvres. En om de verjaring te schorsen tijdens de bijkomende onderzoeksdaden die de partijen vragen. En tenslotte om beroep tegen een verwijzing naar de strafrechter af te schaffen. De wet-Franchimont moet binnen het jaar worden geëvalueerd in die zin.

FISCAAL SANCTIEBELEID

* Er "moet worden onderzocht" of de antimisbruikregels niet strenger moeten worden gemaakt. Zo moet worden vermeden dat regelrechte fraudeconstructies worden uitgelegd als een zoektocht naar een manier om de minste belastingen te moeten betalen binnen de grenzen van de wet. Dat gebeurt nu geregeld, meent de Commissie.

* De fiscus moet de mogelijkheid krijgen om de banken te ondervragen als hij beschikt over aanwijzingen voor fraude. Het bankgeheim moet dus worden aangepast in die zin.

* De verjaringstermijnen voor fiscale strafzaken werden einde 2008 al verlengd van 5 naar 7 jaar. Binnen de vijf jaar moet die regel worden geëvalueerd.

* Er moet een algemene regeling komen voor de minnelijke schikkingen. Nu al kan de fiscus een akkoordje sluiten met de fraudeur: die betaalt de achtergehouden belastingen plus een boete. Maar daarvoor is er geen regeling. En er is ook onvoldoende controle.

De Commissie wil daarom dat alle minnelijke schikkingen die door de fiscus worden voorgesteld worden ingeschreven in een register. Dat register moet naar het Rekenhof worden gestuurd en dat brengt ieder jaar aan het parlement verslag uit over hoe de minnelijke schikkingen worden toegepast.

Daarnaast heb je nog de minnelijke schikkingen van het parket. De procureurs-generaal, en met hen staatssecretaris van fraudebestrijding, Carl Devlies (CD&V), willen een minnelijke schikking op ieder moment van de rechtszaak mogelijk maken. Nu kan dat alleen maar vooraleer iemand naar de strafrechter wordt verwezen. Maar de pg's willen het mogelijk maken ook als de rechtszaak al loopt. Zoals dat bv. al vele jaren in douanezaken het geval is. De idee hiervoor komt uit het Antwerpse parket, waar Hildegard Penne, thans kabinetsmedewerkster van justitieminister Stefaan De Clerck, wilde experimenteren met een of andere vorm van "plea bargaining". Want in de visie van de pg's zou de regeling ook gelden voor de meeste andere misdrijven. Het idee om de minnelijke schikking op ieder moment van de rechtszaak mogelijk te maken, stond vorig jaar al in de nota van Justitieminister Jo Vandeurzen en werd toen door niemand betwist.

Aanvankelijk was de Commissie van plan om dit voorstel te volgen, maar dan ontstond enige heisa. Klassenjustitie, zo luidde het: wie geld heeft kan de celstraf afkopen. De pg's verdedigden zich met het argument dat men nu van de grote fraudeurs helemaal niets int: de zaken duren zolang dat verjaring dreigt, men maakt zich insolvabel en uiteindelijk ziet de staat niets. Het is volgens de pg's voordeliger om een minnelijke schikking te treffen. Alle belastingen zijn dan betaald en ook nog een boete.

Maar socialisten en groenen vonden het voorstel een "zwaktebod". Het zou de fraudeurs helemaal niet meer afschrikken als ze op ieder moment hun gevangenisstraf kunnen afkopen. Ze zullen daardoor nog minder geneigd zijn om hun achterstallig fraudegeld te betalen, omdat ze weten dat ze toch altijd aan de bajes kunnen ontsnappen.

Ondertussen zegt het rapport niets over de bestaande uitgebreide minnelijke schikkingen in douanemisdrijven (bv. bij dieselfraudes waar accijnzen worden ontdoken door gespecialiseerde bendes).

In de besluiten van de Commissie heet het dat "de mogelijkheid om een gerechtelijke minnelijke schikking in te voeren verder moet worden onderzocht".

* De betrapping op heterdaad moet naar Frans model worden uitgebreid en efficiënter worden gemaakt.

Het probleem is nu meestal dat de fiscus maar kan optreden als de fraudeurs hun winsten hebben binnengerijfd en zich insolvabel hebben gemaakt. Ze denken een frauduleuze constructie uit, profiteren daar korte tijd heel sterk van en op het moment dat de fiscus mag optreden zijn ze insolvabel. Dit was het cruciale probleem bij de kasgeldvennootschappen.

Er bestaat in BTW-aangelegenheden al een regeling waardoor de fiscus kan optreden zou gauw hij de fraude ontdekt, hij moet niet wachten tot het belastbare tijdperk is afgelopen. Hij kan zelf onmiddellijk bewarend beslag laten leggen op een som, die vermoedelijk zo groot is als de ontdoken BTW.

Maar die procedure wordt niet toegepast omdat de instructie die de fiscus hierover uitvaardigde slecht is. Zo mag alleen op handelswaar bewarend beslag worden gelegd, maar handelswaar is iets anders voor een bakker dan voor een juwelier. In de sector van de directe belastingen bestaat geen bewarend beslag. Bovendien hebben de processen-verbaal van de fiscus daar ook geen bewijskracht: de rechter moét er zich dus niet aan houden tot het tegendeel is bewezen, deze pv's zijn alleen maar "gewone inlichtingen".

De Commissie wil één efficiënte regeling voor het bewarend beslag, zowel voor directe belastingen als voor BTW. Daarbij moeten de pv's van de controleurs van de directe belastingen ook bewijskracht krijgen.

* De belastingenwetten zijn te ingewikkeld. Ze bevatten te veel uitzonderingen en aftrekposten. Deze wetten moeten versimpeld worden, zodat veel meer aandacht en tijd kan worden besteed aan de echte fraudebestrijding. (Een erg nodige doch onrealistische aanbeveling in een land waar jaarlijks zo'n 68 aftrekposten bijgeschapen worden op de belastingbrief, nvdr)

Bovendien moet de definitie van wat een "loon" is hetzelfde worden voor de fiscus en de sociale zekerheid. Nu is dat niet zo, wat nogal wat problemen oplevert bij de strijd tegen de fiscale en de sociale fraude.

* De fiscale procedureregels moeten worden eenvormig gemaakt, zeker wat betreft verjaring en onderzoeksbevoegdheden (toegang tot beroepslokalen, bewaringstermijn van documenten…). Momenteel zijn er immers verschillende regels als bepaalde feiten een fiscale fraude op meerdere domeinen tot gevolg hebben. Zo is de verjaringstermijn voor ontduiken van de beurstaks en die voor ontduiken van vennootschapsbelasting heel verschillend. Al deze regels moeten naar boven geharmoniseerd worden.

* Ook de fiscale sancties lopen te zeer uiteen. Voor ontduiken van de beurstaks kan de fiscus een boete opleggen die varieert van 10 tot 1000% van de ontdoken rechten. Bij ontdoken vennootschapsbelasting loopt de boete op tot maximum 200% van de verschuldigde bedragen. De fiscus heeft dus erg veel mogelijkheden en de fiscale boetes zijn veel hoger dan wat een strafrechter ooit kan opleggen. Daar is het maximum 125.000 euro, ongeacht de grootte van de fraude.

De Commissie wil dat de fiscale sancties eenvormig worden gemaakt en dat er een gradueel systeem komt. Er moet een wettelijk kader komen voor het sluiten van akkoorden met fraudeurs en ook voor de sancties die worden opgelegd.

* Overal in de strafwet moet een onderscheid worden ingevoerd tussen gewone en ernstige en georganiseerde fiscale fraude. Nu is dat verschil er alleen in de witwaswet. Het onderscheid bestaat ook bij de regularisatie door de fiscus, maar dat is geen strafwet. De Commissie wil dat er overal een strafverzwaring komt voor ernstige en georganiseerde fraude en dat duidelijk wordt bepaald wat "abnormaal vermogensbeheer" en "abnormale winsten" zijn. Daarover is momenteel veel discussie, omdat normale winsten niet belastbaar zijn en abnormale wel, maar dan alleen wat het abnormale deel betreft. Dat leidde tot oeverloze discussies en het parlement moet hier duidelijke krijtlijnen trekken.

TUSSENPERSONEN

* Er is een wet nodig om de samenwerking tussen de fiscus en de notarissen, de advocaten, de revisoren en de bankiers te regelen.

* Momenteel geven bepaalde adviseurs te veel adviezen die leiden tot belastingontwijking. Bepaalde advocaten stellen fraude voor als fiscale spitstechnologie. Er zijn nog altijd advocaten die vinden dat de fraude bij de kasgeldvennootschappen volkomen wettelijk is en die dat ook aanbevelen.

De Commissie ziet dit niet zitten. Adviseurs (cijferberoepen, advocaten, notarissen, baken) moeten in de toekomst meewerken aan de strijd tegen de fraude, ze moeten de autoriteiten inlichten als hun cliënten fiscale constructies opzetten in een belastingparadijs en ze moeten ook georganiseerde fraude melden aan de witwascel.

Wie frauduleuze constructies bedenkt moet strafverzwaring kunnen krijgen (hij kan nu al als medeplichtige of mededader vervolgd worden). Belastingadviseurs die frauduleuze constructies aanraden, moeten hiervoor gestraft kunnen worden en ook een administratieve sanctie kunnen krijgen.

Het kan ook niet dat fiscale advocaten tegelijkertijd plaatsvervangend rechter zijn in fiscale zaken: er moet een stelsel van onverenigbaarheden komen.

ORGANISATIE ADMINISTRATIE

Ook de fiscale administratie moet anders worden georganiseerd op meerdere vlakken.

* Het "early warning"-systeem dat nu al bestaat voor BTW-carrousels moet worden veralgemeend. Dat betekent dat alle beroepsgroepen worden ingelicht zodra een nieuw fraudesysteem wordt ontdekt.

* De Bijzondere Belastinginspectie, die nu 500 personeelsleden heeft, moet meer volk krijgen. De vergelijkbare dienst in Nederland heeft 1.250 personeelsleden, in België denkt men aan een uitbreiding tot 625 mensen. Om personeelsverloop af te remmen, moeten die mensen meer gaan verdienen en ook beter opgeleid worden.

* Er is een fiscaal tijdschrift van de overheid nodig, waarin nieuwe wetten, rechtspraak en rechtsleer worden verduidelijkt. En waarin niet geredeneerd wordt vanuit de filosofie dat je zo weinig mogelijk belastingen moet betalen.

* De complexe dossiers moeten bij één enkele administratie worden gecentraliseerd. Nu zijn ze versnipperd over de Directe Belastingen, de Administratie van de BTW en de BBI. Deze diensten werken niet altijd goed samen.

* De minister van Financiën zelf mag niet meer tussenkomen bij genadeverzoeken voor fiscale boetes. Dat gebeurt nu nog al te vaak en volgens de oppositie is er daarbij nogal eens misbruik. Dirk Van der Maelen verwees terzake naar de tussenkomst van Didier Reynders om de fiscale boete van zijn toenmalige partijvoorzitter Denis Ducarme gedeeltelijk kwijt te schelden, nadat was gebleken dat Ducarme nog nooit een belastingaangifte had ingediend.

De genadeverzoeken zouden daarom in de toekomst moeten worden afgehandeld door een college van ambtenaren. Bovendien moeten alle genadeverzoeken in een register worden opgenomen. Dat gaat voor toezicht naar het Rekenhof en dat moet hierover jaarlijks verslag uitbrengen.

* Er moet één invorderingsdienst voor alle belastingen komen.

* De beslissingen van de Rulingcommissie moeten openbaar worden gemaakt. Ruling is een systeem waarbij de burger een bepaalde fiscale constructie op voorhand voorlegt aan de fiscus. De rulingcommissie geeft dan haar advies en zegt of die constructie kan of niet. Maar men vreest dat sommige firma's ondanks een negatief advies toch hun zin doordrijven.

Daarom wil de Commissie dat de fiscale constructies die door de de Rulingcommissie worden afgewezen, ieder jaar gepubliceerd worden, zodat iedereen ze kent.

Het Rekenhof moet de werking van de Rulingcommissie regelmatig doorlichten, om na te gaan of de beslissingen van die commissie de staat niet al te veel kosten. Tenslotte zullen bepaalde constructies, die uitdrukkelijk tot doel hebben zo weinig mogelijk belastingen te betalen, verplicht moeten worden voorgelegd aan de Rulingcommissie.

* Er is nog altijd geen wet waardoor de diensten van de fiscus zelf onderling informatie kunnen uitwisselen. Die wet moet er komen, zodat iedereen één fiscaal dossier krijgt, waarin de diverse diensten kunnen nagaan of iemand niet fraudeert. Ook met de databanken van andere overheidsdiensten moet een koppeling worden gemaakt.

En belastingambtenaren moeten stelselmatig inzage krijgen in strafdossiers over fiscale fraude. Nu moet dat nog altijd telkens opnieuw gevraagd worden.

POLITIE

* Er zijn te weinig goed opgeleide politiemensen in de strijd tegen de fraude. De parketten en de onderzoeksrechters kunnen niet zelf bepalen hoeveel mensen ze op een dossier zetten. Daarom moet er een evaluatie komen van hoeveel politiemensen nodig zijn voor de strijd tegen de fiscale fraude en moet er meer overleg komen zodat voor ieder onderzoek voldoende personeel is. (De "rangeerstations", die procureur-generaal Yves Liégeois wil creëren om dit probleem op te lossen, kunnen een model zijn, nvdr).

* Politieambtenaren die zich specialiseren in fiscale fraude moeten een premie krijgen.

INTERNATIONAAL

De Belgische onderzoeken kunnen alleen maar worden uitgevoerd voor fraudes die in België gepleegd zijn. Maar vele grote fraudes hebben een internationaal karakter. Ook op dit vlak heeft de Commissie een resem voorstellen.

* België moet internationale fiscale controles bevorderen en ervoor zorgen dat het fiscale ambtenaren in het buitenland heeft.

* Transacties die een onderneming sluit met een belastingparadijs moeten verplicht gemeld worden.

* Grote problemen zijn er met de verdragen die een dubbele belasting moeten voorkomen. Het gaat dan om bedrijven die in meerdere landen actief zijn en die zonder die verdragen in al die landen belastingen zouden moeten betalen. Om dat te voorkomen, heeft België met 90 landen een "dubbel belastingverdrag" gesloten. Maar daar zijn veel problemen mee en de Commissie wil een en ander veranderen.

De verdragen hebben meestal geen anti-misbruikclausules. Die moeten veralgemeend worden.

Deze verdragen moeten in de toekomst voorgelegd worden aan de goedkeuring van de Rulingcommissie.

Met de landen waarmee een dubbel belastingverdrag is gesloten, wordt momenteel zelden informatie uitgewisseld. Van der Maelen: "Reynders wil dat niet, maar de Oeso vindt dat het wel moet. En de Commissie ook." Momenteel is er slechts met acht landen een fiscaal samenwerkingsakkoord. Dat moet meer.

Voorts moeten al dit soort verdragen desnoods binnen de vijf jaar opnieuw worden onderhandeld.

Alle ontwerpverdragen moeten voor advies naar de commissie financiën en begroting van de Kamer worden gestuurd. De Kamer zelf moet een opvolgingscommissie voor die verdragen inrichten.

* De Commissie wil geen dubbelbelasting-verdragen met belastingparadijzen. Maar over de concrete toepassing hiervan is nog onenigheid. Van der Maelen: "In Panama bedraagt de vennootschapsbelasting 2%, in België 33% (in de praktijk: 25%). Bedrijven die in beide landen actief zijn, kunnen dan zo van het meest winstgevende systeem profiteren. Volgens ons, socialisten, kan dat niet meer omdat er oneerlijke concurrentie ontstaat met bedrijven die alleen maar in België zijn gevestigd". Anderen zeggen dan: "We gaan onze baggerfirma's (want over hen gaat het) toch niet uit de internationale markt prijzen, door die regel in te voeren". Hier is men dus nog niet uit.

* Er moet een werkgroep "belastingparadijzen" worden opgericht binnen de FOD-Financiën. Die moet nagaan hoe bedrijven misbruik maken van die paradijzen om hier belastingen te ontduiken. Van der Maelen: "Maar welke staten belastingparadijzen zijn, is nog niet uitgemaakt. Op basis van een vroeger Koninklijk Besluit gaat het om zo'n 52 landen, maar sommigen vinden België zelf ook een belastingparadijs. Hier zal dus nog een hartig woordje over gediscussieerd moeten worden".

OPVOLGING

* Het Rekenhof moet geregeld nagaan hoe deze aanbevelingen worden uitgevoerd. De bevoegde ministers moeten daarover jaarlijks een rapport voorleggen aan het parlement.

* Er komt een parlementaire werkgroep met leden van de Commissies Financiën en Justitie om deze aanbevelingen in wetsvoorstellen te gieten.

Voor Dirk Van der Maelen zijn de resultaten van deze commissie een groot politiek succes. Maar hij blijft waakzaam: "Het grote werk moet nog beginnen. Ik hoop dat er over de wetsvoorstellen evenveel eensgezindheid zal zijn als over de aanbevelingen. Wat mij betreft kan men snel beginnen. Alle partijen zouden best al hun eerdere wetsvoorstellen bij deze opvolgingscommissie die ook onder leiding van François-Xavier de Donnea zou kunnen staan, indienen voor bespreking. Ondertussen ben ik best tevreden dat zoveel van mijn eerdere aanbevelingen werden overgenomen door de Commissie".


HET PARLEMENTAIR DEBAT

Tot zover de inhoud van het rapport. Wat leerden we nu nog uit het parlementair debat van vorige woensdag?

Opvallend was dat alle partijen zich tijdens het parlementair debat achter de besluiten van de fraudecommissie schaarden en eisten dat ze zo snel mogelijk worden uitgevoerd, ook de partijen die later toch tégen de besluiten stemden (N-VA en LDD) of zich onthielden (VB).

Patrick De Groote (N-VA) zegde dat hij blij was dat ook de MR de besluiten onderschreef, "alleen jammer dat de MR-minister van financiën de voorbije tien jaar er niets heeft aan gedaan". De Groote noemde de top van financiën volledig gepolitiseerd en verlamd. "Vanuit het kabinet werden zogenaamde managers gedropt en gewone regionale belastingkantoren werden een persoonlijk electoraal wingewest voor de minister".

De Groote viel ook uit tegen de selectieve controles. "68% van de controles op de personen- en vennootschapsbelasting gebeurt in Vlaanderen. Dat geldt voor 71% van de BTW-controles. Maar toch heeft Vlaanderen slechts 55% van de ambtenaren. De prioriteiten bij de controles liggen totaal verkeerd: 80% is gericht op loontrekkenden van wie het inkomen bekend is. Heel anders is het bij de toepassing van het genaderecht: slechts 28% van de kwijtscheldingsdossiers inzake belastingverhogingen en fiscale boetes komt uit Vlaanderen".

Rob Van de Velde (LDD) hekelde de enorme belastingdruk, waaraan niets gedaan wordt. Hij viel ook uit tegen de sale-and-lease-backoperaties, die worden gebruikt bij de aanschaf van justitiepaleizen en die op zijn minst eigenaardige fiscale constructies zijn. "De overheid geeft zelf zeker het goede voorbeeld niet". LDD wil in de grondwet inschrijven dat er een maximum is aan de belastingdruk. Van de Velde vond eveneens dat er best één minister is die bevoegd is voor fiscale fraude.

Dat laatste idee was al door Luk Van Biesen (Open Vld) geopperd. Nu heb je twee staatssecretarissen (Devlies en Clairfayt) en bovendien nog de staatssecretaris van begroting. Na 7 juni moet voor de Open Vld de regering worden herschikt zodat alle fraudebestrijding onder één minister komt, die van begroting. Van Biesen zegde dat er al "vooruitgang wordt geboekt in de strijd tegen de fiscale fraude", maar hij begrootte de totale niet-betaalde belastingschulden einde 2008 toch op 33,5 miljard.

Namens het VB zegde Hagen Goyvaerts dat het genaderecht, waardoor fiscale boetes kunnen worden kwijtgescholden, volledig had moeten worden afgeschaft. Het VB wil de Bijzondere Belastinginspectie "niet zomaar meer middelen en personeel geven, geen blanco cheque", het VB wil eerst een evaluatie en onderzoek van de BBI.

Veel kritiek was er op de afwezigheid van minister van financiën Didier Reynders tijdens het Kamerdebat. Dirk Van der Maelen (sp.a) en Stefaan Van Hecke (Groen!) vonden dit ongepast. Ze vielen ook scherp uit tegen de samenstelling van de Commissie die staatssecretaris voor fraudebestrijding Clairfayt (FDF) heeft opgericht om het Charter van de Belastingplichtige te herzien.

Van der Maelen zegde dat hier minstens twee advocaten inzitten, die allerlei fraudeconstructies uitdachten en dat als spitstechnologie voorstelden. Hij beklemtoonde dat één van hen, professor Thierry Afschrift, de fraudeconstructies in Liechtenstein zelfs als aanvaardbaar had verdedigd. "De stropers worden boswachters en dat kan niet", vond Van der Maelen, die ook ontgoocheld was omdat justitieminister Stefaan De Clerck geen gebruik had gemaakt van zijn injunctierecht om de Liechtensteinfraude krachtiger aan te pakken. Nu doet men in Antwerpen en Brussel helemaal niets met deze dossiers en dat kan voor Van der Maelen niet.


(UPDATE 22 FEBRUARI 2010: Tijdens een korte zitting van de opvolgingscommissie deze namiddag werden de adviezen van de Raad van State over de ondertussen ingediende wetsvoorstellen besproken. Er zijn meerdere wetsvoorstellen ingediend om een Comité F op te richten, zowel door Servais Verherstraten (CD&V) als door Dirk Van der Maelen (sp.a) en François-Xavier de Donnea (MR).

De Raad van State wijst ze allemaal af om meerdere redenen:

* Het parlement moeit zich door zo’n Comité F te veel in de bevoegdheden van de uitvoerende macht. Het beginsel van de scheiding der machten wordt dus geschonden.

* Er bestaan nu al allerlei gerechtelijke en administratieve mogelijkheden om tegen een onterechte fiscale behandeling in beroep te gaan. Soortgelijke mogelijkheden had je bij de politiediensten niet vooraleer het Comité P werd opgericht.

* Het voorgestelde Comité F beschermt geen grondrecht of individuele vrijheid en het controleert ook geen dienst die door een wet wordt geregeld. Op deze punten verschilt het van het Comité P: de activiteiten van de politie zijn bij wet geregeld én ze kunnen bepaalde grondrechten (het recht op vrijheid) ernstig in gevaar brengen. De activiteiten van de fiscus zijn door de minister van financiën geregeld, niet door een wet dus. En ze beperken geen fundamentele grondrechten.

* Als je een Comité F invoert om na te gaan of de fiscus de belastingsregels wel gelijk toepast, dan moet je voor alle ministeries en overheidsdiensten een controlecomité oprichten bij het parlement, want zij moeten allemaal het gelijkheidsbeginsel toepassen.

* Het toepassingsgebied van het Comité F is veel te ruim, in ieder geval veel ruimer dan dat van het Comité P. Zo moéten alle klachten over een personeelslid van Financiën automatisch naar het Comité F worden gestuurd, wat niet zo is voor alle klachten die tegen een politieman worden ingediend.

De Raad heeft ook een uitvoerig advies ingediend over het voorstel-Van der Maelen. Dat richt eveneens een Comité F op en de Raad schiet dat onderdeel om dezelfde redenen af. Het voorstel-Van der Maelen wil echter bovendien de una via-regel invoeren. Door die regel zou een belastingsovertreding nog slechts op één manier worden aangepakt, ofwel administratief door de fiscus zelf, ofwel strafrechtelijk door de parketten. Hierover zegt de Raad van State dat alleen het parket mag beslissen of iets vervolgd wordt of niet. Het kan niet dat de fiscus zelf gaat beslissen welke weg wordt gekozen, zoals sommige artikelen van het voorstel-Van der Maelen laten uitschijnen.

Het voorstel-Van der Maelen breidt volgens de Raad de mogelijkheden tot pro-actieve recherche (speuren door de politie zonder dat er aanwijzingen van een misdrijf zijn) enorm uit, ook voor andere misdrijven. En dat kan niet de bedoeling zijn. Het voorstel klopt ook niet met een reeks andere wetten, zoals die op de jeugdbescherming, de strafuitvoeringsrechtbanken en die over het statuut van griffiers en parketsecretarissen.

Het voorstel-Van der Maelen wil wel een fiscaal auditoraat oprichten, maar geen fiscaal auditoraat-generaal en dat kan niet, vindt de Raad.

Commissievoorzitter de Donnea (MR) besloot om het advies van een aantal grondwetsspecialisten te vragen. Zij moeten een nieuwe tekst schrijven die rekening houdt met de opmerkingen van de Raad van State en die toch ook de voorstellen van de Commissie Fiscale Fraude realiseert. EINDE UPDATE 22 FEBRUARI 2010)


Lees ook:

Liégeois strijdt tegen de gerechtelijke achterstand

Het plan-Devlies tegen fiscale en sociale fraude

Brussels parketmagistraat wil raadkamer afschaffen

Het jaarverslag 2007 van de directie financiële criminaliteit van de federale politie


.

Nu in het nieuws