Mogen pedofiele misdrijven pas na dertig jaar verjaren?

16 APRIL 2009 - Moeten pedofielen strenger aangepakt worden? Mogen hun feiten pas na dertig jaar verjaren in plaats van na tien zoals nu het geval is? Alvast Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld) en Daniël Bacquelaine (MR) willen dat en ze dienden elk afzonderlijk een wetsvoorstel daarvoor in. De Kamercommissie Justitie organiseerde hierover hoorzittingen net voor het paasreces. De meeste getuigen wezen het voorstel af, ze willen de toestand houden zoals hij nu is. Ook Child Focus deed dat. Er kwamen ook alternatieven aan bod: een verjaringstermijn van 15 jaar in plaats van 30 en een wijziging van de burgerlijke procedure voor schadevergoeding. (Een tweede artikel over de hoorzittingen over pedofilie gaat over woonverboden, websites met namen van pedofielen en de meldingsplicht. De verwijzing naar dat stuk vindt U onderaan dit stuk, nvdr).

John De Wit

WAT IS VERJARING?

Verjaring wil zeggen dat een misdrijf na een bepaalde tijd niet meer wordt vervolgd. Men laat de zaak dus zo. Daarvoor zijn drie grote redenen:

* De wet van het vergeten. Na verloop van tijd verstoort het oprakelen van een misdrijf de openbare orde meer dan de bestraffing nog nuttig zou zijn.

* De wroeging van de dader. Men gaat ervan uit dat de dader in de loop der jaren voldoende werd gestraft door gevoelens van spijt en berouw of angst.

* De bewijsproblematiek. Nuttige sporen en bewijsstukken raken verloren en getuigen herinneren zich niet meer wat ze zagen.

HOE IS DE BELGISCHE REGELING?

In België verjaren de ergste misdaden, die voor assisen moeten komen, na 15 jaar. Andere misdaden, die bij verzachtende omstandigheden naar de correctionele rechter kunnen worden gestuurd, verjaren na 10 jaar. Correctionele feiten (diefstallen e.d.) verjaren na 5 jaar, overtredingen na 6 maanden.

Deze termijnen kunnen telkens éénmaal worden verlengd en dus oplopen tot het dubbele. Het is zo dat het misdrijf moet uitkomen tijdens de eerste fase (de eerste vijf jaar bv.). Het onderzoek moet dus in die eerste periode starten. Maar daarna kan de termijn nog eens verlengd worden tot in totaal 10 jaar na het misdrijf.

Alleen genocide, oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid verjaren nooit.

HOE VERJAREN PEDOFIELE MISDRIJVEN?

Voor seksuele misdrijven met minderjarigen is er een speciale regeling, die op twee punten van de klassieke regeling afwijkt.

1. De verjaringstermijn start pas als het slachtoffer meerderjarig (18 jaar) is.

2. Als de misdaad wordt gecorrectionaliseerd, dan nog blijven de verjaringstermijnen die van een misdaad (10 jaar X 2). Voor alle andere misdaden zakken de verjaringstermijnen bij correctionalisering naar 5 jaar (X 2).

Deze afwijkende regeling heb je voor: aanranding en verkrachting van minderjarigen; jeugdbederf; pooierij met een minderjarige; genitale verminking van minderjarige meisjes; mensenhandel met seksuele uitbuiting van minderjarigen.

De redenen van dit aparte regime dat in twee fasen in 1995 en 2000 werd ingevoerd, waren:

* Meestal staat de dader te dicht bij het slachtoffer omdat de feiten in het gezin gebeurden en het slachtoffer als minderjarige daar nog woont.

* Het slachtoffer is op het moment van de feiten bang van de dader omdat hij heel veel invloed heeft.

* De feiten veroorzaken zo'n trauma dat het slachtoffer op dat moment niet durft optreden.

WAT WIL OPEN VLD?

Volgens Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld) druist verjaring in dit geval in tegen het rechtsgevoel van de slachtoffers en van de maatschappij. Het systeem van verjaring biedt bovendien de mogelijkheid om vertragingstechnieken te gebruiken en zo aan de straf te ontsnappen. Verjaring heeft volgens Open Vld zijn nut voor misdrijven die onmiddellijk aan het licht komen, maar niet voor seksuele misdrijven tegen minderjarigen die soms pas na vele jaren bekend raken. Daarom moet de verjaringstermijn verlengd worden van tien naar dertig jaar. De MR ontwikkelt in haar voorstel een soortgelijke redenering.

Concreet: een 25-jarige vader die zijn vijfjarig dochtertje verkracht kan daarvoor - in het voorstel Lahaye-Battheu - nog door de rechter veroordeeld worden tot het moment dat hij 98 jaar wordt. De verjaringstermijn start immers als het kind 18 jaar is (de vader is dan 38) en dan lopen twee termijnen van 30 jaar.

De Kamercommissie Justitie organiseerde de voorbije weken hoorzittingen over deze voorstellen.

WAT VINDEN DE WETENSCHAPPERS?

De Dienst voor Strafrechtelijk Beleid deed een onderzoek naar de toepassing van de wetten van 1995 en 2000, die de huidige, speciale regeling voor verjaring van pedofiele misdrijven invoerden. Onderdirecteur Freddy Gazan stelde het voor tijdens de hoorzittingen.

Gazan ging na of de nieuwe startdatum van de verjaring (18 jaar) tot meer klachten en veroordelingen heeft geleid.

De resultaten waren magertjes. De meeste arrondissementen hadden geen cijfers; enkele arrondissementen hadden er een paar. Alleen in Antwerpen en Brussel waren er beduidend meer. In de eerste elf jaar van de wet (tussen 1996 en 2006) telde Antwerpen gemiddeld slechts 14 extra zaken. In 1997, het jaar met de meeste extra zaken, waren er 36, waarvan er 19 geseponeerd werden.

Het onderzoek wijst uit dat er maar weinig klachten bijkomen door de nieuwe wet en dat ze vooral meer worden geseponeerd.

De DSRB is tegen een verlenging van de verjaringstermijn. Waarom?

* Al in 1995 somde de minister van Justitie een serie nadelen op van de huidige wet, die nog sterker zullen spelen: het is moeilijk om zaken zo laattijdig nog te bewijzen (getuigen zijn overleden of van alles vergeten, lichamelijk onderzoek is onmogelijk, sporen zijn verdwenen); het slachtoffer verliest geloofwaardigheid door zo lang met een klacht te wachten; de rechten van verdediging worden geschonden door zo'n laattijdige behandeling; het is moeilijk om de periode van de criminele feiten en de aard van de verzwarende omstandigheden precies te omschrijven.

* Onderzoek van de Franse Senaat uit 2007 toonde aan dat - buiten Engeland en Wales waar alle zware misdaden onverjaarbaar zijn - geen enkel land een verjaringstermijn van meer dan 20 jaar heeft, ongeacht de leeftijd van het slachtoffer. Bovendien heeft België nu al een van de meest repressieve wetten met betrekking tot dit soort misdrijven.

* Niet alleen het slachtoffer, maar ook het parket en derden kunnen dan zoveel later klacht indienen. Dat kan voor serieuze problemen zorgen als de slachtoffers hun zaak willen vergeten en voortgaan met hun leven.

* En wat als het slachtoffer dood is? Loopt de verjaringstermijn van de misdaden van de dader dan nog verder? Natuurlijk wel, meent de DSRB, en hij wil dat de wet in die zin verduidelijkt wordt.

* En wat met het misdrijf schuldig verzuim? Momenteel is het zo dat iemand die de feiten kende, maar niet optrad en haar kop in het zand stak, door de lange verjaringstermijn de dader kan aangeven, zodat hij vervolgd wordt en de persoon die schuldig verzuim pleegde niet. Omdat voor haar de verjaringstermijn véél korter is, nl. 5 jaar! Dit probleem zal nog erger worden als de verjaringstermijn op 30 jaar komt. De DSRB wil op dit vlak zeker een aanpassing van de wet zodat de verjaringstermijnen voor verkrachting van minderjarigen en voor schuldig verzuim in dezelfde zaak, ook dezelfde zijn.

Gazan beklemtoonde dat zedenfeiten met minderjarigen vele eeuwen onder de mat werden geveegd, maar sinds de zaak-Dutroux worden ze echt wel ernstig genomen door het gerecht en zijn ze ook bespreekbaarder bij de bevolking. Is het dan nog nodig om een aparte behandeling te geven aan zedendelinquenten en niet aan fysieke geweldenaars? Moeten voor exhibtionisten strengere (proceduriële) regels en straffen gelden dan voor de dader van een gewelddadige sack-jacking? De DSRB vindt alvast van niet.

Gert Vermeulen (strafrecht, Universiteit Gent) was ook tégen het verlengen van de huidige verjaringstermijn. "Dat zou nog nuttig zijn, als de opsporing niet op tijd rond zou geraken, maar dat lukt momenteel wel. Bovendien krijgen de Vertrouwenscentra twee keer zoveel meldingen van kindermisbruik binnen als de politie. Laat ons liever wat meer investeren in deze therapeutische aanpak, want die heeft veel meer succes".

WAT VINDT HET GERECHT?

Cédric Visart de Bocarmé, procureur-generaal van Luik, sprak zich ook uit tegen een verlenging van de verjaringstermijn. Om de gekende reden, maar ook omdat men dan het systeem van verjaring verlaat. Na zestig jaar kan men niet meer van verjaring spreken.

Bovendien wordt de hele logica van de verjaring door elkaar gehaald: een moord zal na het voorstel-Lahaye-Battheu twee keer sneller verjaren dan een aanranding van een minderjarige en dat stoort het rechtsgevoel.

Volgens de procureurs-generaal is de verlenging van de verjaringstermijn ook nutteloos, omdat dit soort daders toch altijd meerdere feiten plegen. En door het systeem van eenheid van opzet start de verjaringstermijn altijd maar pas vanaf het allerlaatste feit.

De parketten vrezen dat de slachtoffers er zeker niet beter van worden. Waarom zo'n zwaar dispositief vele jaren na de feiten opstarten, met alle emotionele gevolgen voor de slachtoffers vandien, als de kans op resultaat toch klein is. Een verlenging van de verjaringstermijn zal vooral tot meer seponeringen van laat ingediende klachten leiden, vrezen de pg's.

De Orde van Franstalige advocaten sprak zich radicaal tegen het voorstel uit, de Orde van Vlaamse Balies nam geen standpunt in.

WAT VINDEN DE SLACHTOFFERS?

De slachtofferorganisaties reageerden verdeeld. Sommige steunden het voorstel-Lahaye-Batheu, maar de bekendste, Child Focus, was tegen.

1. Kristine Kloeck, algemeen directeur van Child Focus, sprak zich tegen de verlenging van de verjaringstermijn uit. "Slachtoffers zijn niet uit op wraak en ze zijn niet gebaat bij een levenslang slachtofferschap. Ze willen vooral erkenning van de gruwelijke feiten en willen na verloop van tijd met hun leven verder gaan. Bovendien wisselen de rollen soms af: 40% van de daders was vroeger ook slachtoffer. Child Focus wil de belangen van het slachtoffer niet uitspelen tegen die van de dader". Volgens Kloeck is dat zeker niet nuttig bij criminele feiten die zich voor 85% binnen het gezin of de familiale context afspelen.

"We moeten alles doen op het moment van de feiten zelf of kort daarna. Als men vele jaren later nog gerechtelijk optreedt, dan dreigen heel oude wonden opnieuw opengereten te worden en dat is niet goed".

Het voorstel-Lahaye-Battheu richt zich volgens Child Focus blijkbaar op die 2% zedendelinquenten die feiten plegen buiten de familiale context en die wellicht altijd zullen hervallen. Kloeck vond dat er voor die groep al voldoende maatregelen zijn: de straf, terbeschikkingstelling na de straftijd en onbeperkte internering. Voor haar was er geen nood aan een verlenging van de verjaringstermijn tot dertig jaar, die volgens haar "het proportionaliteitsbeginsel schendt".

Child Focus meent dat het belangrijker is om de rechten van de slachtoffers in alle fasen van het geding te verbeteren en om hulpverlening uit te bouwen. "Wij krijgen vaak telefoontjes van pedofielen die geholpen willen worden, maar voor wie geen plaats is".

Kloeck stelde bovendien dat de federale overheid nog altijd geen werk heeft gemaakt van het POKO, een instituut binnen het gevangeniswezen dat zeden- en andere delinquenten zou onderzoeken en hun recidivekansen zou bestuderen. Het instituut werd zo'n vijftien jaar geleden beloofd door toenmalig justitieminister...Stefaan De Clerck. Er was zelfs een budget voor uitgetrokken en er was een locatie, maar uiteindelijk is het er nu nog altijd niet. Dat zijn de prioriteiten voor Child Focus.

2. De Werkgroep SOS I, die incestslachtoffers vertegenwoordigt, vond daarentegen dat het voorstel-Lahaye-Battheu een stap in de goede richting was.

Deze werkgroep pleitte voor een opname van een nieuw misdrijf in het strafwetboek: incest. Bij incest moet afwezigheid van toestemming altijd worden verondersteld, ook als het slachtoffer meerderjarig is. Incest moet gedefinieerd worden als "ieder seksueel misbruik door de ouder van iemand met wie het huwelijk uitgesloten is". Seksueel misbruik door schoonouders, ooms, tantes, broers, zussen, samenwonende bijzitten van de ouders moet eveneens als incest worden gedefinieerd. En de straf hiervoor moet altijd tussen de 20 en de 30 jaar liggen.

De verjaringstermijn om klacht in te dienen moet onbeperkt zijn: géén verjaring dus.

WELKE ALTERNATIEVEN?

Tijdens de hoorzittingen werden twee alternatieve voorstellen geformuleerd.

Professor en advocaat-generaal bij het Hof van Cassatie Damien Vandermeersch kon er zich in vinden om de verjaringstermijn desnoods op te trekken van tien jaar (X 2) naar vijftien jaar (X 2). Dan wordt hij even lang als die van de zwaarste, niet-correctionaliseerbare misdaden en dat zou nog logisch zijn.

Professor Thierry Moreau (UCL) pleitte voor een versoepeling van de burgerlijke procedure, zodat een slachtoffer later makkelijker schadevergoeding zou krijgen. "Voor de slachtoffers is het vooral van belang dat de feiten worden erkend door de dader. Voor de dader is het vooral van belang dat hij niet vervolgd wordt. Ervaringen uit de praktijk wijzen uit dat daders bekennen als er geen straf meer aan vast hangt, ze zijn dan ook bereid om een schadevergoeding te betalen. In plaats van de verjaringstermijn te verlengen, zouden we dus beter de burgerlijke procedure hervormen".

Nu is de verjaringstermijn in principe vijf jaar vanaf het moment dat het slachtoffer zijn schade en de identiteit van de dader kent. Die termijn kan oplopen tot 20 jaar en wordt geschorst tijdens de minderjarigheid. Moreau vond dat het beter was om daar aan te werken.

De hoorzittingen over pedofilie in de Kamercommissie Justitie gingen ook nog over andere aspecten van de wetgeving. Zie daarvoor:

Naar een woonverbod voor pedofielen?

MEER OVER John De Wit