Culinair uitwaaien in Zeeland

Culinair uitwaaien in Zeeland

Vakantie

Culinair uitwaaien in Zeeland

Print
Na al de drukdoenerij van de feestdagen wil een mens al eens op adem komen. In de weidse polders van Zeeland bijvoorbeeld. Niets is leuker dan even winters uitwaaien in de zilte zeelucht. Voor ons Vlamingen zijn enkele culinaire tips dan altijd mooi meegenomen. Zoals de oesterputten in Yerseke of de wijnhoeve in Dreischor. En voor wie denkt dat al zijn gastronomische verlangens tijdens de voorbije kerstperiode werden gestild, heeft chefkok Bart de Bree van het Zeeuwse Romantik-hotel De Schuddebeurs nog een aantal - lichte - verrassingen in petto.

Bart en Tanja de Bree mogen zich sinds 1 januari 2009 de kersverse eigenaars van Hostellerie De Schuddebeurs in het piepkleine Schuddebeurs noemen. Bart werkt er al meer dan tien jaar als chef-kok. Toen de vorige gastheer Luit Ezinga aan stoppen dacht, betekende dat voor hem een nieuw begin. “De handrem is eraf, hé. Nu kunnen we ons eigen ding doen. Wie in De Schuddebeurs binnenstapt, moet het gevoel hebben van een warm deken om zich heen te krijgen”, aldus de nieuwe patron.

Mini

De Schuddebeurs ligt in Schuddebeurs, een miniatuurdorpje van 108 inwoners net buiten Zierikzee. Schapen grazen op de velden langs de toegangsweg. Die zijn verantwoordelijk voor een van de specialiteiten van Bart de Bree: pré-salé-lamsvlees uit de Levensstrijdpolder. Het dorpje zelf ligt verscholen in het groen. De straatnamen spreken voor zich. Zoals de Donkereweg, aan de bosrand, waar de hostellerie gelegen is.

“Al in de 18de eeuw stond hier een afspanning”, vertelt Bart niet zonder trots. “De postkoetsen die passeerden, moesten hier met de beurs schudden of tol betalen, vandaar de naam Schuddebeurs. In dat oudste gedeelte van ons hotel huist nu het restaurant.”

Bruidshuisje

Romantik-hotel De Schuddebeurs beschikt over 22 kamers in 4 categorieën. De standaard en historische kamers maken deel uit van het hoofdgebouw. De tuinsuites en boventuinkamers bevinden zich in de tuinpaviljoenen. Want je zou het niet vermoeden bij aankomst, maar achter het hoofdgebouw ligt een schilderachtig bosdomein met een wirwar aan paadjes. De tuinpaviljoenen liggen niet ver van de vijver, net zoals het bruidshuisje (de vroegere paardenstal) voor pasgetrouwde stellen.

Zeeuwse Zilte Zaligheden

We vragen Bart en Tanja nog wat zij zelf als dé troeven zien van hun schattige hostellerie. “Rust en gastronomie”, luidt het antwoord. “Zeeland is een echte culinaire schatkamer”, gaat Bart gepassioneerd verder. Hij is zelf afkomstig uit Zuid-Holland maar kan als kok Zeeland niet meer missen. “Mosselen, oesters, Oosterscheldekreeft, zeekraal, lamsvlees, lamsoren, bolussen (soort boterkoek), enz. Gasten vragen vaak of de kok Belgisch is. Ik houd van een eerlijke keuken, rechttoe rechtaan. Je weet wat je eet. We bereiden alles zelf, tot het brood toe. Centraal staan de Zeeuwse Zilte Zaligheden.” (De) Schuddebeurs, geliefd bij Vlamingen dus? Wij begrijpen ondertussen waarom.

Uitstap 1: Wijnhoeve in Dreischor

Wijn uit Nederland? Wijnazijn, bedoel je? Johan van de Velde van wijnhoeve De Kleine Schorre bewijst je vlotjes het tegendeel. Deze dynamische boerenzoon zag zich in 2000, bij de overname van de boerderij van zijn vader, genoodzaakt om te diversifiëren. “Met akkerbouw alleen kwamen we er niet meer”, vertelt hij. Dus toen we op een donkere avond met de buren bij elkaar zaten, werd het wijnmakersidee op tafel gegooid.”

En daar bleef het niet bij. Met de hulp van Cep d’Or, een wijnboer uit Luxemburg waar Johan op stage ging, werden in 2001 vier druivensoorten aangeplant: Auxerrois, Rivaner, Pinot Blanc en Gris. Op 6 hectaren. Drie jaar later, in 2004, volgde de eerste, nog magere oogst: een 1.000-tal flesjes.

Omdat de banken niet mee wilden stappen in Johans verhaal vond hij er wat anders op. Hij ontwierp een bijzondere vennootschap met 5 aandeel- en 25 certificaathouders. Die krijgen hun investering jaarlijks in 12 flessen wijn en twee evenementen terugbetaald. Johan least ook wijnstokken. De opbrengst bereikt de huurkopers eveneens in flessenvorm.

In 2005 volgde de eerste serieuze druivenoogst, goed voor 15.000 flessen. Hiervan werden er meteen enkele bekroond met een bronzen medaille. Van de 25.000 flessen in 2006 gingen er 8.000 naar KLM, die de witte wijnen van De Kleine Schorre serveert in business class op intercontinentale vluchten. “Een ongelooflijke bekroning van onze kwaliteit”, glundert Johan die KLM sindsdien tot zijn vaste klanten mag rekenen.

Ondertussen, zo’n zeven jaar later, is de wijnhoeve bijna volgroeid. In 2007 werd de eerste volwaardige druivenoogst binnengehaald. Resultaat: 40.000 flessen, waarvan 20.000 voor KLM. In 2008 breidde De Kleine Schorre uit, van 6 naar 8 ha, waardoor de wijnhoeve zich de grootste van Nederland mag noemen. Voor 2009 staat 10 ha op de lijst To Do.

Een succesverhaal zonder einde? Het is duizendpoten Johan en Paula zeker gegund. Ze verkopen hun Schouwen-D®uivelandwijnen voor gemiddeld 9 euro, met uitzondering van de Barrique die op eiken vaten heeft gelegen (12 euro). En Zeeland zou geen Nederland zijn, als niet het onderste uit de kan werd gehaald. Van de druivenrestanten wordt sinds kort een grappa (18 euro) gemaakt: levenswater van Zeeuwse druiven, ambachtelijk gedistilleerd op een houtvuur in een koperen ketel.

Tip: Rij het ringdorp Dreischor even binnen, met gracht en huizenring rond de kerk. Sinds 1973 is dit een beschermd dorpsgezicht. Recent vonden hier de opnames plaats voor een film over Annie M.G. Schmidt die niet ver hiervandaan geboren werd, in Kapelle.

Praktisch: Rondleiding elke woensdagmiddag om 15u, tussen 15 mei en 15 september. Met 1 glas wijn. Prijs: 5,50 euro. Buiten het seizoen op afspraak. Ook minicamping aanwezig.

Info: www.dekleineschorre.nl

Uitstap 2: Oesterputten in Yerseke

Yerseke ligt op de heen- of terugweg van Schuddebeurs. Ideaal als uitstap onderweg. Mosselen maken de man in Yerseke, maar wist je dat ook oesters deel uitmaken van de dorpsfaam? De oestercultuur gaat terug tot de 16de eeuw, toen dit deel van Nederland door de Sint-Felixvloed (1530) onder water kwam te staan. Slikken en schorren ontwikkelden zich en daarop (wilde) mossel- en oesterbanken.

Tot 1860 plukten de Zeeuwen wilde mosselen en oesters dat het een lieve lust was. Maar toen raakten de oesterbanken uitgeput. Het oesterrapen werd officieel verboden. Yerseke ging daarom zijn licht opsteken in Arcachon, bij Bordeaux. De Franse collega’s oordeelden dat de Yerseke-bank uitermate geschikt was voor de oesterkweek. Yerseke nam de dakpannenmethode over (waarop de zaai-oestertjes zich hechten) en de rest is geschiedenis.

Het productieproces werd intussen wat gemoderniseerd, maar de oesterputten – natte pakhuizen waar de oestervoorraad wacht op verpakking – liggen er nog steeds bij als vroeger. Vandaag telt Yerseke 4 oesterputten (de oudste uit 1870). Begin december worden er zo’n 6 à 7 miljoen oesters geparkeerd voor kerst.

Maar wat is nu het verschil tussen de platte Zeeuwse oester en de Zeeuwse oester tout court, behalve de prijs uiteraard? De Zeeuwse oester, ook creuse genoemd, staat voor de wilde Japanse oester. Die werd in Zeeland geïmporteerd in de jaren zestig, na de desastreuze winter van ’62-’63 die 90% van de oesteroogst had vernield. De platte Zeeuwse oester kon namelijk niet goed tegen de vorst. Meer dan honderd familiale oesterbedrijfjes gingen over de kop en schakelden over op champignons. Tien die-hards importeerden oesters, zoals de wilde Japanse. Een ramp, zo blijkt vandaag. De creuse is zowat tegen alles bestand en overwoekert de Oosterschelde. Na drie jaar is ze consumptierijp. Jaarlijks worden zo’n 2,5 miljoen platte Zeeuwse oesters verhandeld tegenover 40 à 50 miljoen creuses. Geen wonder dat die eerste dus veel duurder (en lekkerder) is. 60% van alle Zeeuwse oesters gaat uiteindelijk naar België.

Tip: Aan de oesterputten in Yerseke kun je ook als particulier kopen, tegen fabrieksprijs en kraakvers.

Praktisch: Wie meer wil weten over de fascinerende geschiedenis van de oester en de oesterputten wil bezoeken, neemt contact op met de VVV van Yerseke. Een zee van rondleidingen mogelijk. Gids Wim Nieuwenhuize vertelt je er alles over.

Info: www.rondleidingenyerseke.nl

Wist je dat…

1. Het seizoen van de platte Zeeuwse oester loopt van september tot april: in de maanden met een ‘r’. Het Franse woord huître stamt hiervan af. Het gaat om in totaal acht maanden met een ‘r’: huit ‘r’ of huître. In de paai- of melktijd, van mei tot en met augustus, zijn er geen platte oesters verkrijgbaar.

2. Elke platte Zeeuwse oester is zo’n 5 à 6 jaar oud vooraleer ze wordt geconsumeerd.

3. De platte Zeeuwse oester wordt gemeten in nullen. Eén nul is de kleinste, zes nullen de grootste. De wilde Japanse of Zeeuwse oester krijgt een kwalificatie van 0 tot 3 (kleinste).

4. Oesters kun je ongeveer 1 week bewaren in de koelkast. Zolang er water in zit, zijn ze eetbaar.

5. De oesters worden voor verpakking getest door ze tegen elkaar te slaan. Een klik is oké, een dof geluid betekent een of twee slechte oesters. Platte oesters gaan in ronde, creuses in vierkante mandjes.

Praktisch:

Hoe erheen:

Schuddebeurs ligt op 155 km van Hasselt. Volg de route Antwerpen, Bergen-Op-Zoom, Goes, Zierikzee.

Verblijf:

De Schuddebeurs maakt deel uit van Romantik Hotels. Dit samenwerkingsverband groepeert 200 hotels in 11 landen. Hun credo: kwaliteit, gastronomie en gemoedelijkheid. De Romantik Hotels & Restaurants gaan voor luxe, maar leggen de drempel niet te hoog. Het contact met de patron, vaak ook de chef, en een persoonlijk onthaal staan centraal.

Prijs:

Het Zeeuws arrangement in De Schuddebeurs (1 overnachting met ontbijt, Zeeuws viergangendiner) is mogelijk vanaf 110 euro per persoon. Vanaf 195 euro per persoon voor het Surprise-arrangement (1 overnachting met ontbijt, huisaperitief, zesgangendiner met wijnarrangement, koffieservies en digestief).

Extra:

De Schuddebeurs heeft een aantal vernieuwde en een aantal oudere kamers. Essentieel is de ruimte die meestal royaal is. Alleen de kleuren maken het verschil.

Fietshuur is mogelijk in het hotel, dat ook over een stalling beschikt.

Vlakbij liggen 2 golfbanen: in Bruinisse en Goes.

Tekst: Sarah DE BEUCKELAER

NIET TE MISSEN