Blood and Honour: wat doet het parlement en wat kan nu al?

Blood and Honour: wat doet het parlement en wat kan nu al?

Blood and Honour: wat doet het parlement en wat kan nu al?

Print
6 JUNI 2008 - Morgen zaterdag verzamelen leden van de neonazistische groepering Blood and Honour op de Franklin Rooseveltplaats voor een 'privéfeestje'. Vanuit heel Europa worden neonazi's verwacht voor dit evenement, waarvan de plaats tot op het laatse moment wordt geheim gehouden door de organisatoren. Al jaren gaan in het parlement stemmen op om Blood and Honour te verbieden. Hoever staat de discussie en wat is nu al mogelijk? Een stand van zaken.

Tot op heden zijn twee wetsvoorstellen ingediend om neonazistische groeperingen zoals Blood and Honour te verbieden.

David Geerts en Peter Vanvelthoven (sp.a) willen neonazigroeperingen behandelen als een privémilitie. Privémilities zijn door de wet van 29 juli 1934 verboden en Geerts en Vanvelthoven willen in die wet aan het woord “privémilities” toevoegen: “verenigingen die een gevaar betekenen voor de democratie omwille van daden of activiteiten van terrorisme, negationisme of racisme”.

Wie zulke verenigingen opricht, steunt of er deel van uitmaakt zou 1 jaar cel en 1.750 euro boete kunnen krijgen.

De wet op de privémilities werd tot nu toe weinig toegepast. Uiteindelijk werden slechts twee organisaties ontbonden (Vlaamse Militanten Orde en Front de la Jeunesse) en in de hoogdagen van de wet (tussen 1934 en 1940) vielen slechts vijf veroordelingen.


David Geerts

De vrees bestaat dat de toevoeging die Geerts en Vanvelthoven aan de wet op de privémilities willen doen, hetzelfde lot beschoren zal zijn.

Want dit voorstel is overbodig. Al wie deel uitmaakt van een racistische of negationistische vereniging of wie dit soort verenigingen steunt, kan volgens artikel 22 van de racismewet al 1 jaar cel en 5.500 euro boete krijgen. De bestaande boete voor de leden van Blood and Honour is dus hoger dan de boete die Geerts van Vanvelthoven willen invoeren! En voor terreurgroepen heb je nog hogere straffen.

Een tweede voorstel komt van senator Geert Lambert (Vl.Pro). Het herneemt een voorstel dat eerder door volksvertegenwoordiger Koen T’Sijen in de Kamer werd ingediend en daar werd afgevoerd.

Wat wil Lambert precies verbieden? “Elke organisatie van private personen wiens oogmerk of activiteiten gekenmerkt worden door racistische, xenofobe, autoritaire of totalitaire opvattingen of bedoelingen, ongeacht of ze van politieke, ideologische, confessionele of filosofische aard zijn, die theoretisch of in de praktijk strijdig zijn met de beginselen van de democratie of de mensenrechten, met de goede werking van de democratische instellingen of andere grondslagen van de rechtstaat”.

Wie een bijeenkomst van zo'n organisatie houdt, riskeert in Lambert's voorstel tot 1 jaar cel en 137,5 euro boete. Ook kan alle materiaal van de verboden organisatie door de rechter worden verbeurd verklaard, om te verhinderen dat de leden zich onder een andere naam hergroeperen.

Het voorstel werd tijdens de vorige legislatuur afgevoerd omdat het zo slecht was dat zelfs bijeenkomsten van joden in de synagoge erdoor verboden zouden worden. Uiteindelijk zouden alleen de drie procent atheïsten nog mogen een vereniging oprichten, want gelovigen hangen “een autoritair denksysteem” aan dat “theoretisch in strijd is met de mensenrechten” (rechten van de vrouw!).

Omdat niet alleen godsdiensten maar ook partijen zoals PVDA en VB door dit voorstel verboden kunnen worden, sprak de Liga voor Mensenrechten zich uit tegen het voorstel van Koen T’Sijen.


Geert Lambert

Maar bij de VlaamsProgressieven trekken ze zich dat allemaal niet aan. Nog even opmerken dat ook in het voorstel van Geert Lambert de straf die de leden van Blood and Honour maximaal kunnen krijgen, lager is – liefst 40 keer lager - dan de straf die ze nu al feitelijk kunnen krijgen door de racismewet.

De voorstellen van Geerts, Vanvelthoven en Lambert zijn dus slechte wetsvoorstellen. Er ging geen enkele studie van de effecten van buitenlandse verbodsbepalingen tegenover politiek gekleurde groeperingen aan vooraf. De voorstellen zijn bovendien gevaarlijk omdat ze – zij het niet in hun formulering, maar wel in hun bedoeling - preventieve maatregelen voorstellen die de vrijheid van vergadering en de vrijheid van meningsuiting op voorhand aan banden willen leggen. De voorstellen willen immers bijeenkomsten van sommige groepen al verbieden, zelfs zonder dat die groepen enig misdrijf plegen of zonder dat ze de openbare orde verstoren. Dat is ongrondwettelijk en niet bijzonder democratisch. Bovendien lukt het met deze twee voorstellen niet.

Wat kan men nu al doen tegen Blood and Honour?

Het huidige wetgevende arsenaal volstaat misschien wel om Blood and Honour aan te pakken.

Repressief

Zo zegt de antiracismewet dat al wie “in tegenwoordigheid van meerdere personen, in een niet-openbare plaats, die toegankelijk is voor een aantal personen die het recht hebben om er te vergaderen of om ze te bezoeken” aanzet tot discriminatie of tot haat op grond van geslacht, zogenaamd ras, leeftijd e.d., tot 1 jaar cel en 5.500 euro boete kan krijgen.

De bijeenkomsten van Blood and Honour moeten dus niét openbaar zijn om een strafrechtelijk optreden mogelijk te maken. Het is voldoende dat de aanzetten tot haat tegen meerdere personen worden geuit, ook in een niet-openbare plaats. Hiermee zijn racistische praatjes en mopjes strafbaar op een plechtige communiefeest of op een besloten drinkgelag van vrienden. Probleem blijft hier: hoe ga je dit bewijzen?

In het geval van de Blood and Honour-bijeenkomsten in Lommel en Bellegem jongstleden waren er evenwel gsm-beelden van een geïnfiltreerde Duitse journalist. Er was dus bewijsmateriaal. Minister van Justitie Jo Vandeurzen heeft naar aanleiding daarvan aan de procureurs-generaal van Gent en Antwerpen gevraagd om na te gaan of op de twee recente bijeenkomsten in Bellegem en Lommel misdrijven zijn gepleegd. Vandeurzen zegde alvast dat het federaal parket de onderzoeken naar de neonazistische groepering Blood and Honour zal coördineren.

Een straf van één jaar cel en 5.500 euro boete hangt bovendien iedereen boven het hoofd, die racistische denkbeelden verspreidt en ook iedereen die behoort tot een groep die zulke denkbeelden verspreidt of er zijn medewerking aan verleent. Concreet betekent dit dat al wie wetens en willens zalen verhuurt aan Blood and Honour strafbaar is. Net als iedere skinhead die de Hitlergroet brengt of de swastika draagt.

Preventief

"Preventief kan een burgemeester samenscholingen die de openbare orde ernstig bedreigen, op zijn grondgebied verbieden via een politieverordening op grond van artikel 134 van de gemeentewet", zo zegt de Antwerpse advocaat Raf Jespers, gespecialiseerd in openbare orde-recht. "Dan zou men vanaf het moment dat de eerste twee Blood and Honour-mensen opdagen ze administratief kunnen aanhouden voor maximum 12 uur. Zo'n scenario werd al meermaals gebruikt tegen antifascisten".


Raf Jespers

Maar de motivering van het samenscholingsverbod moet degelijk zijn. Het samenscholingsverbod moet beperkt zijn in de tijd, het moet verwijzen naar de concrete feiten ten laste van Blood and Honour, het moet uitleggen waaruit het acute en dreigende gevaar bestaat, om niet te sneuvelen bij de Raad van State. Eenvoudig is dit ook niet.

Jespers voegt aan toe dat de politie ook zonder een samenscholingsverbod iemand administratief kan aanhouden die de openbare orde daadwerkelijk verstoort.

"En als er redelijke gronden zijn om aan te nemen dat iemand voorbereidingen voor een misdrijf treft dat de openbare rust ernstig in gevaar brengt, kan administratieve aanhouding eveneens, zo leert artikel 31 van de wet op het politieambt", aldus Jespers.

Maar een verbod op privébijeenkomsten op zijn grondgebied kan de burgemeester niét opleggen omdat dan de grondwettelijk verankerde vrijheid van vereniging en het constitutioneel recht op de onschendbaarheid van de woning in het gedrang komen. Een toelating voor zulke privébijeenkomsten moet een burger ook niet hebben. Alleen voor vergaderingen in open lucht is een vergunning nodig.

Er kan dus al heel wat ondernomen worden. De vraag rijst of nieuwe wetgeving nodig is, zolang de mogelijkheden die bestaan nog onvoldoende zijn gebruikt. Een aantal politieke groeperingen pleit voor een nieuwe wet. Justitieminister Vandeurzen zegde "een degelijk voorstel vanuit het parlement" te zullen steunen. Maar het ziet er naar uit dat het alles behalve makkelijk zal zijn om een degelijk voorstel uit te werken, zonder allerlei grondrechten ernstig in gevaar te brengen.

Nu in het nieuws