Meer dan kwart middelbare scholieren blijft zitten

Print
De schoolse vertraging in het Vlaamse onderwijs loopt steeds verder op. Liefst 114.628 middelbare scholieren waren in 2007 een of meerdere jaren ouder dan hun klasgenoten, in 2005 waren dat er 112.919, zo blijkt uit nieuwe cijfers van de studiedienst van de Vlaamse regering.
"Zittenblijven, ziekte en verandering van richting zijn de meest voorkomende redenen voor het oplopen van schoolse vertraging", verklaart de studiedienst. De achterstand op school is al jaren een zwarte vlek op het keurige blazoen van het Vlaamse onderwijs. Ondanks alle pogingen om de trend te keren blijft het aantal zittenblijvers oplopen: van 28,11 procent in 2005 naar 28,28 procent in 2007.

De stijging situeert zich vooral bij de leerlingen van het eerste en tweede middelbaar, en van het derde tot het zesde jaar bso. Bijna twee op de drie leerlingen hebben daar ooit een jaar overgedaan. In het eerste en tweede jaar middelbaar blijft een vijfde van de leerlingen zitten.

Het valt ook op dat jongens vaker blijven zitten dan meisjes, van aso (7.262 jongens, 5.982 meisjes) tot tso (20.755 jongens, 12.425 meisjes). "Dat heeft te maken met culturele en hormonale verschillen", zegt socioloog Anton Derks, verbonden aan het departement Onderwijs.

"Spijbelen, rebels gedrag: het kan ertoe leiden dat een jongen die twijfelachtig presteert minder punten krijgt en zijn jaar moet overdoen. Terwijl een meisje dat zwak presteert, maar wel goed scoort op inzet en gedrag, meer krediet krijgt van de leraren en mag overgaan."

.

Nu in het nieuws