Staatsveiligheid vond geen CIA-vluchten in België

Staatsveiligheid vond geen CIA-vluchten in België

Staatsveiligheid vond geen CIA-vluchten in België

Print
5 JULI 2006 - De staatsveiligheid vond geen CIA-vluchten vanop Belgisch grondgebied, maar volgens senator Hugo Vandenberghe (CD&V) zijn er nu al minstens zes. De Belgische inlichtingendiensten hadden weinig interesse voor de CIA-vluchten en bovendien hebben ze hun controledienst, het Comité I, én het parlement voorgelogen. Dat blijkt uit Vandenberghe’s rapport over de vluchten in opdracht van de Senaat.
BR>
De beruchte CIA-vluchten zouden islamitische terreurverdachten overgevlogen hebben om ze elders te folteren of onmenselijk te behandelen. Het gaat zowel om vluchten vanuit Afghanistan naar de Amerikaanse basis Guantanamo op Cuba, als om vluchten die zouden zijn uitgevoerd om die gevangenen in andere landen te folteren. Ook in België zouden er vier CIA-vluchten geland zijn, twee in Deurne en twee in Zaventem.

Het Comité I en de parlementaire begeleidingscommissie gingen na hoe de inlichtingendiensten (Staatsveiligheid en ADIV, de militaire veiligheid) omgingen met mogelijke CIA-vluchten: wisten ze ervan? Onderzochten ze die? Op wiens bevel gebeurde dat? Er kwam een rapport-Vandenberghe en dat wordt nu donderdag in de Senaat besproken. Wat staat er in?

De Staatsveiligheid kon geen CIA-vluchten vaststellen. Op verzoek van de regering en op eigen initiatief onderzocht ze de bewegingen van twee verdachte toestellen in 6 grote en 17 kleinere burgerluchthavens. Ze onderzocht ook toestellen die in relatie stonden met de VS en die postpaketten en handelswaar voor militairen die in België gelegerd zijn, bevatten. Maar ze vond niets. Ook de Belgische administraties werden bij herhaling bevraagd, maar die wisten van niets. Tussen 2000 en 2005 telde (!) de Staatsveiligheid de transitvluchten van Amerikaanse maatschappijen, meer bepaald hun cargotransporten, in één luchthaven.

Maar... er bestaat geen controle over buitenlandse vluchten met handelswaren in transit. Ook Defensie stelde op militaire luchthavens geen verdachte vluchten vast, zo deelde de kabinetschef van minister André Flahaut (PS) mee.


André Flahaut

Besluitloos

De parlementaire begeleidingscommissie van het Comité I kon dus niet besluiten dat er CIA-vluchten waren in België, maar ook níét dat er géén waren. Er waren twee vluchten op Deurne, die volgens de Staatsveiligheid vluchten van rijke Amerikanen op zoek naar dure paarden in manèges waren. Daarnaast zijn er nog twee vluchten naar Zaventem, maar die blijven geheim. En zijn er nog twee andere als geheim geclassificeerde vluchten. In totaal nu dus zes verdachte vluchten.

In ieder geval heeft België geen procedures om te voorkomen dat burgerlijke of militaire vliegtuigen worden gebruikt voor doeleinden die de mensenrechten schenden, zo stelt het rapport vast. Nochtans is ons land grondwettelijk verplicht om zulke procedures te creëren.

De militaire veiligheidsdienst ADIV is niet bevoegd voor de militaire luchthavens, maar wel de luchtmacht zelf. De getuigenis van luchtmachtkolonel Dumortier was dus wel belangrijk.

Hij zei dat "als dergelijke vluchten zouden hebben plaatsgehad, waarom zou de CIA dan gebruik maken van Belgische luchthavens als ze in Ramstein (Duitsland) en in Engeland over een eigen militaire luchtmachtbasis beschikken waartoe Duitsland (en Engeland) zo goed als geen toegang heeft". Hij stelde verder dat de luchtmacht geen weet heeft van gevangenenvluchten boven Belgisch grondgebied. Het enige wat de luchtmacht in dat geval weet is hoeveel personen aan boord van een vliegtuig zijn. Voor vliegtuigen die landen, zijn er passagierslijsten, maar die zeggen niet over welk soort passagiers het gaat. En die personen kunnen niet gecontroleerd worden als ze het toestel niet verlaten. De inhoud van een vliegtuig in transit wordt niet gecontroleerd zonder toestemming van de vlagstaat, zo luidde het.

Dumortier zei voorts dat de Belgische autoriteiten een vreemd vliegtuig niet mogen betreden zonder toestemming van de kapitein van dat vliegtuig. Dat werd in de debatten flink betwist door senator Vandenberghe, die stelde dat de mensenrechten in Europa overal gelden, ook op een vreemd vliegtuig dat geland is.

Senaatsvoorzitter Anne-Marie Lizin (PS) wilde terzake dat er een internationaal verdrag komt dat landen verplicht om de namen van gevangenen die zij vervoeren bekend te maken. Ze vroeg zich ook af hoe men een wapenembargo kan controleren als buitenlandse vliegtuigen niet betreden mogen worden. Er is duidelijk een gebrek aan controlemiddelen, zo zegde zij.

Interne bronnen beweren dat de luchtmacht van alles op de hoogte is, maar niets wil bekend maken. En de parlementaire begeleidingscommissie zelf heeft niet de bevoegdheid om dit allemaal uit te zoeken. Eventuele vluchten zouden gebeurd zijn in uitvoering van geheime bijlagen bij het NAVO-verdrag. Daarin zouden de lidstaten taken voor elkaar op zich nemen en de CIA-vluchten zouden daaronder kunnen vallen. Maar ook dat kon het Comité I en de parlementaire begeleidingscommissie niet controleren. En hoe het zit met de politieke verantwoordelijkheden, is totaal onduidelijk.


Anne-Marie Lizin

Rapport hekelt inlichtingendiensten

Het rapport-Vandenberghe hekelt de inlichtingendiensten die hun controleorgaan én het parlement hebben voorgelogen door te doen alsof ze van de Belgische regering geen enkel verzoek tot informatie kregen. Ze hadden echter geen belangstelling voor de vluchten, omdat ze de activiteiten van inlichtingendiensten van bevriende mogendheden helemaal niet opvolgen.

Ze deden ook of ze onbevoegd waren om hiernaar onderzoek te verrichten. Volgens Hugo Vandenberghe zijn ze alvast bevoegd omdat ze de democratische rechtsorde én de bevolking moeten beschermen. Het verslag werpt de vraag op of individuele gevallen, zoals vervoerde personen, onder die bescherming vallen.

De wet op de inlichtingendiensten zegt overigens niet uitdrukkelijk dat ook buitenlandse inlichtingendiensten moeten worden gecontroleerd, behalve als ze hier komen spioneren of zich mengen in de aangelegenheden van ons. De vraag blijft of de CIA-vluchten die 'gewoon' een terreurverdachte vervoerden daar onder vallen. In ieder geval wil de Senaat nu uitdrukkelijk in de wet hebben dat onze inlichtingendiensten ook de acties van hun buitenlandse collega's moeten kunnen controleren en dan vooral de wettelijkheid ervan.

Het rapport-Vandenberghe pleit voorts voor één Europese politiek op het vlak van inlichtingeninzameling. Het hekelt dat Frankrijk, Duitsland, Engeland, Spanje en Italië apart vergaderen om hun eigen beleid tegen het terrorisme te ontwikkelen. Dat kan voor de andere EU-lidstaten niet door de beugel, stelt ze. Maar ze geeft toe dat zelfs een buitenlands beleid ontbreekt. Ze wil ook veel meer controle op de inhoud van vliegtuigen die België overvliegen of er landen.

.

Nu in het nieuws