Moraliteitsonderzoek slachtoffer onder de loep op assisenproces

Op het assisenproces over de doodslag op Ahmed Deriouch (40) stond woensdagvoormiddag de moraliteit van het slachtoffer centraal. Hij werd omschreven als een gulle man, die zich het lot van de illegalen aantrok. Hij leed echter ook aan het syndroom van Gilles de la Tourette, waardoor hij soms moeilijk in de omgang was. Door zijn agressieve gedrag had hij ook een gerechtelijk verleden.

Belga

Ahmed verhuisde op 5-jarige leeftijd met zijn familie van Marokko naar Borgerhout. Het gezin met negen kinderen stond er goed aangeschreven. Het slachtoffer had een gelukkige jeugd. Op latere leeftijd kreeg hij echter tuberculose en daardoor had hij een schuld van ruim 200.000 frank bij het OCMW.

De man leed ook aan het syndroom van Gilles de la Tourette, waardoor hij soms begon te roepen en te tieren. Hierdoor vond hij moeilijk werk en kreeg hij problemen met de instanties die hem wilden helpen. "Hij mocht een tijdlang niet meer bij het OCMW aankloppen vanwege zijn agressief gedrag. Het slachtoffer hield zich ook niet altijd aan de administratieve formaliteiten, waardoor zijn financiële hulp soms werd afgebouwd of zelfs stopgezet", zei de hoofdinspecteur die het moraliteitsonderzoek gevoerd had.

Zijn agressieve uitlatingen brachten hem ook in de problemen met politie en gerecht. Ahmed liep tussen 1985 en 2004 acht veroordelingen op voor de correctionele rechtbank voor slagen en verwondingen, weerspannigheid en smaad aan de politie. Hij werd ook tweemaal veroordeeld voor openbare dronkenschap.

Hij gleed af in een marginaal bestaan en kwam zo in contact met illegalen. "Mijn broer trok zich hun lot aan. Hij hielp hen hun papieren in orde brengen en als hij hoorde dat ze geen onderdak of eten hadden, nodigde hij hen thuis uit. Soms was hij daar wat naïef in. Het is hem uiteindelijk ook fataal geworden", verklaarde broer Abdelhalak, die als enige familielid kwam getuigen.

Mimoun Zarhaoui (36), die nu beschuldigd wordt van de doodslag op het slachtoffer, was een van Ahmeds beschermelingen. Hij mocht naar eigen zeggen bij het slachtoffer verblijven in ruil voor drank en drugs.

"Mijn broer gebruikte geen drugs en hij was ook geen alcoholist. Hij dronk af en toe een pintje, meer niet", weerlegde Abdelhalak. Hij geloofde ook niet dat het slachtoffer seksuele avances had gemaakt zoals de beschuldigde tijdens het onderzoek verklaard had.

"Ahmed heeft verschillende korte relaties gehad met vrouwen, maar nooit ofte nooit met mannen. Daar durf ik mijn hand voor in het vuur te steken."

Toen Mimoun Zarhaoui na Ahmeds dood werd vrijgelaten door een blunder van de raadkamer, reageerde de familie van Ahmed geschokt. Substituut-procureur-generaal Patrick Boyen deelde die frustratie en legde de familie en de jury uit dat de raadkamer een beschikking tot gevangenneming had moeten uitvaardigen, maar dat niet deed. Door een tekortkoming in de wet kan het openbaar ministerie hiertegen niet in beroep gaan, verduidelijkte hij nog.

Om 14 uur beginnen de pleidooien van de burgerlijke partijen. Zowel de schuldvraag als de strafmaat worden woensdag afgehandeld.

CITTA

Vastgoed

Auto's in de kijker

Jobs in de regio