Principes eco-driving nog niet ingeburgerd

Print
Veel bestuurders zijn niet goed op de hoogte van de principes van eco-driving. Zo blijkt uit een enquête van mobiliteitsclub VAB naar aanleiding van de verkiezing van de Gezinswagen van het Jaar.
Tijdig schakelen, op de motor remmen, de wagen niet stationair laten draaien, de airco niet overbodig gebruiken, ... De basisprincipes van eco-driving of ecologisch rijden zijn relatief simpel. Toch blijken die principes nog niet echt ingeburgerd. Vrouwen blijken bovendien hun auto technisch niet goed te kennen en dat is "nefast voor het verbruik", zegt VAB.

De juiste versnelling gebruiken blijkt een groot probleem. Zo gebruiken 8 op de 10 mannen en 9 op de 10 vrouwen aan een snelheid van 50 km/u de verkeerde versnelling. Zij rijden in tweede of derde versnelling, terwijl de vierde versnelling het zuinigst is bij 50 km/u. Ook het schakelen kan zuiniger. Zo schakelen de helft van de vrouwen en 4 op de 10 mannen bij een te hoog toerental (2.500 toeren of meer), terwijl men bij een diesel best schakelt bij 2.000 toeren.

Voorts blijkt uit de enquête dat 1 op de 6 ondervraagden (mannen en vrouwen) zijn motor stationair laat warmdraaien en dat 1 op de 3 ondervraagden nooit zijn motor afzet bij een gesloten spoorwegovergang.

Naast een enquête voerde VAB ook een eco-praktijktest uit. Daarbij werd het werkelijke verbruik van 17 wagens, waaronder een reeks eco-wagens, vergeleken met het normverbruik (het verbruik bij een test op een rollebank) en met het verbruik bij ecologisch rijgedrag. Uit de test blijkt dat het gemiddelde gezinsverbruik 34 pct(compacte gezinswagen) tot 57 pct (gewone gezinswagen) hoger ligt dan het normverbruik. Ook wie de principes van eco-driving toepast, verbruikt nog altijd 16 pct (compacte gezinswagen) tot 24 pct (gewone gezinswagen) meer dan het normverbruik.

Uit de test blijkt ook dat een zuinige dieselwagen met roetfilter (+6 pct meer dan normverbruik) bij ecologisch rijgedrag beter scoort dan een hybride wagen (+31 pct tegenover normverbruik), al zou die hybride wagen wel wat beter scoren in een stedelijke omgeving.

Nog opvallend is dat de gezinnen het potentieel van eco-wagens niet kunnen omzetten in lagere verbruikscijfers. Zo ligt het gezinsverbruik van een zuinige diesel met roetfilter 73 pct hoger dan het normverbruik en het gezinsverbruik van een hybride wagen 64 pct hoger dan het normverbruik.

Volgens VAB is het daarom een uitdaging om gezinnen met eco-wagens "doeltreffend zuinig te leren rijden". Enerzijds moeten bestuurders de principes van eco-driving aanleren en anderzijds moeten mensen leren om hun wagen bij korte verplaatsingen (minder dan 5 km) vaker aan de kant te laten.
MEEST RECENT