Een Belg in het Foreign Office

Print
David Miliband is coming man in Britse politiek
BR>
Zondag werd hij 42 en hij is de op één na jongste minister van Buitenlandse Zaken van het Verenigd Koninkrijk. Mooi voor hem, maar er wordt dan ook al lang een grote toekomst voorspeld voor David Miliband. Een toekomstig premier, zegt bijna iedereen die het kan weten. En de nieuwe Foreign and Commonwealth Secretary heeft een buitenlandse connectie: aan vaderskant is hij van Belgische afkomst. Een (halve) Belg leidt dus het Foreign Office.

In de hiërarchie van de Britse regering is de minister van Buitenlandse Zaken de nummer drie, na de Prime Minister en de Chancellor of the Exchequer, letterlijk vertaald: de kanselier van de schatkist, of de minister van Financiën en Economie.
Met figuren als Palmerston en Castlereagh en in meer recente tijden Ernest Bevin, Douglas Hurd, Robin Cook en Jack Straw bulkt het ministerie van geschiedenis en traditie. De imposante gebouwen in King Charles Street, pal achter Downing Street en uitkijkend over Horse Guards Parade, ademen dat uit. De lange, brede gangen, de marmeren trappen en de salons met dik rood vasttapijt getuigen van grandeur.

Het ministerie van Financiën (traditioneel de grote rivaal van de 'verkwistende' diplomaten) schatte de waarde van het gebouw in 2000 op 991 miljoen pond (1,47 miljard euro) en die van de inboedel op 132 miljoen (196 miljoen euro). Op zure toon merkte Financiën - toen geleid door Gordon Brown - ook op dat het Foreign Office 893 auto's ter beschikking heeft.
Tegen die traditie moet David Miliband nu opboksen. Bovendien is Buitenlandse Zaken een zware post. Maar er hoort wat bij. Naast een salaris van 136.677 pond (203.000 euro) zijn er enkele perks, of faveurs. Zo heeft de minister de beschikking over een flat in Carlton House in Londen. Ontworpen door John Nash, die ook Regent Street en Trafalgar Square aanlegde, heeft de flat vijf slaapkamers en een heuse balzaal en zit ze tjokvol antiek en schilderijen. De waarde wordt geschat op 15 miljoen pond. Maar dat is nog niets vergeleken met het buitenverblijf Chevening. Dit door Inigo Jones in de 17e eeuw gebouwde kasteel in Kent ligt op een domein van 1.400 ha en telt 115 kamers.

Marxistische vader

Het Foreign Office is het voorlopige hoogtepunt in de snelle klim van David Miliband in de Britse politiek. Wellicht was hij voorbestemd om in de politiek te gaan. Zijn uit Polen afkomstige moeder Marion Kozak is actief in linkse Joodse organisaties. Maar de impuls komt vooral van zijn marxistische vader Ralph. Hij werd op 7 januari 1924 in Brussel geboren als Adolphe Miliband. Zijn ouders waren uit Polen afkomstige Joden die zich in België hadden gevestigd. Toen de nazi's oprukten, vluchtte Adolphe op 16 mei 1940 met zijn vader te voet naar Oostende en vandaar met de veerboot naar Dover. Zijn moeder dook met de rest van de familie onder op het platteland en overleefde de oorlog. Na de oorlog ging ook zij in Londen wonen. Om voor de hand liggende redenen liet Adolphe Miliband er zijn naam verengelsen. Hij werd uitgever van het blad Socialist Register en gaf les aan de befaamde London School of Economics en de universiteit van Leeds. Hij schreef verscheidene boeken, waaronder De Kapitalistische Staat, dat ook in het Nederlands is vertaald. Ralph gaf zijn passie voor de politiek door aan zijn zonen David (geboren 1965) en Ed (1970), maar niet zijn ideologie. Beiden werden lid van het in zijn ogen te lauwe Labour en hielpen zelfs mee bij het uitbouwen van New Labour. Bij zijn dood in 1994 was Ralph erg gebeten op Tony Blair.

Toekomstig leider

Al toen hij nog studeerde, werd David een grote toekomst voorspeld in de politiek. Hij studeerde politiek, filosofie en economie in Oxford en was er telkens primus. Hij was wel een laatbloeier, want tijdens zijn middelbaar aan de Primrose Hill-school in Londen was het enige waarop hij zich kon beroemen dat hij in dezelfde klas zat als de latere filmregisseur Sam Mendes. Nadat hij zijn master had behaald aan het Massachusetts Institute of Technology in Boston, trok Labour-leider John Smith hem in 1992 aan om in zijn Commissie voor Sociale Rechtvaardigheid te zitten. Een jaar later bestempelde The Times hem al als "toekomstig leider", net als huidig Conservatief leider David Cameron.

Na Smiths dood in 1994 kwam Miliband in de entourage van de nieuwe leider Tony Blair. Hij kreeg een post bij het Institute for Public Policy Research, de denktank van Labour. Dan kwam Blairs triomf van 1 mei 1997. De nieuwe premier liep zo hoog op met Miliband, dat hij hem meteen benoemde tot hoofd van zijn beleidsafdeling. Iedereen in Downing Street kwam onder de indruk van zijn intellect. Alastair Campbell noemde hem vol ontzag 'Brains', naar een figuur in de tv-serie Thunderbirds.

In 1998 zette David een andere grote stap toen hij trouwde met Louise Shackleton. Hij leerde haar kennen toen ze naast hem in het vliegtuig kwam zitten en hij hielp om haar viool in het bagagerek te leggen. Haar ontmoeten noemt hij het beste dat hem overkomen is. Zij speelt bij het London Symphony Orchestra en door haar is hij een groot liefhebber geworden van klassieke muziek. Zij hebben een geadopteerd zoontje Isaac.
In de politiek bleef het snel gaan. In 2001 schreef Miliband het programma waarmee Labour zijn tweede termijn won en kwam hij op voor de Lagerhuiszetel in South Shields nabij Newcastle, ver van zijn Londense basis en een bolwerk van 'oud Labour'. Maar de arbeiders konden het goed vinden met de intellectueel die met hen naar de pub ging en gek was van voetbal. Hij won makkelijk.

Broers en rivalen

Achter het succes van New Labour woedde van bij het begin een strijd tussen Blairites en Brownites. David zat in het kamp van Tony Blair. Dat broer Ed in dat van Gordon Brown zat, was koren op de molen voor de tabloids. Ed werd een van Browns beste vrienden, maar tot ruzie onder de broers is het nooit gekomen.
In 2002 kwam David in de regering als onderminister van Onderwijs. Daarna kreeg hij Lokaal Bestuur en in 2006 Milieu. Dat was zijn eerste grote post, maar iedereen wist dat het geen eindpunt zou zijn. Zijn banden met Blair maakten dat hij steeds meer werd genoemd als opvolger. Toen Blair in september 2006 liet weten dat hij "binnen het jaar" zou aftreden, richtten veel Blairites zich hoopvol tot hem. Topministers als Charles Clarke en John Reid smeekten hem zich kandidaat te stellen voor het leiderschap om Brown af te stoppen. Hij weigerde, om de partij niet te verdelen. Meteen stond vast dat Brown hem zou belonen.

Zo gebeurde, maar dat het Buitenlandse Zaken zou worden, hadden weinigen verwacht. Boze tongen beweren dat Brown Miliband zo veel mogelijk uit de weg wil hebben. Dat is misschien zo, maar intussen kan Miliband zich volop profileren, zoals in de diplomatieke rel met Rusland. Dat heeft zijn positie fors versterkt. Tot zijn groot plezier zit ook broer Ed nu in de regering als onderminister.
Met zijn optreden weerlegt Miliband de kritiek van sommigen dat hij zo bezeten is van politiek "dat hij niet kan praten als een normaal mens". Hij is een denker, maar hij maakt altijd tijd vrij voor voetbal. Hij is een vurig supporter van Arsenal, hij speelde voetbal en cricket aan de universiteit en hij is een vaste man in het voetbalteam van het Lagerhuis. Hij kookt ook graag en goed. Dat zijn dingen die goed vallen bij het publiek. Veel Labour-leden noemen hem de beste troef waarover de partij beschikt. De slag om Downing Street zou straks wel eens tussen David Miliband en David Cameron kunnen gaan.
MEEST RECENT