Dioxinecrisis bracht paars-groen aan bewind

Elke partij huivert bij de gedachte aan een accident in volle verkiezingscampagne met de eindmeet in zicht. Een incident dat de strategen onmogelijk kunnen voorzien. Iets waartegen een partij machteloos staat, en waarvoor de kiezer - misschien in een impulsieve of irrationele reactie - haar de schuld in de schoenen schuift en op afrekent. Zo'n accident beslist over winst of verlies. In 1999 is het de Vlaamse christendemocraten en de socialisten overkomen met de dioxinecrisis.

bsouffreau

Einde mei 1999, twee weken voor de verkiezingsdag op 13 juni, kwam aan het licht dat via besmette vetten voor verwerking in veevoeder, dioxines in de voedselketen waren geraakt. Op 1 juni stapte toenmalig oppositieleider en VLD-voorzitter Guy Verhofstadt naar premier Jean-Luc Dehaene met de

nota-Destickere

, veearts bij het Instituut voor Veterinaire Keuring (IVK) en tevens expert voor een verzekeringsmaatschappij. André Destickere dacht dat het om doxinebesmetting ging en informeerde Landbouw en Volksgezondheid. Tests bevestigden het vermoeden van Destickere.

Ontslag Colla en Pinxten

De crisis in de twee laatste weken voor de verkiezingen was nooit eerder gezien. Het ontslag van Karel Pinxten (CVP), minister van Landbouw, en van Marcel Colla (SP), minister van Volksgezondheid, kon de gemoederen niet bedaren. Sommigen vonden beide politici zelfs persoonlijk verantwoordelijk voor de smeerlapperij in het veevoeder. Ze droegen wel de politieke verantwoordelijkheid. De ministers Herman Van Rompuy en Luc Van den Bossche namen er Landbouw en Volksgezondheid bij. Zij zagen in deze periode nog amper hun bed.

Karel Pinxten haalde na zijn overstap naar de VLD zwaar uit naar de CVP. "Ik was voor de CVP de zondebok. Door Colla en mezelf de woestijn in te sturen gaf Dehaene te kennen dat er fouten waren begaan. Zo hoopte hij zijn regering nog te redden. Die zondebokstrategie bestempel ik als anti-christelijk en immoreel. Een Magda Aelvoet (Agalev) schreeuwde toen moord en brand maar gaf daarna evenwel toe dat zelfs tijdens de crisis sommige vis meer dioxine bevatte dan besmette kippen. Schandalig."

Gigantische opruimingsacties

De eerste weken van juni werden in ijltempo honderdduizenden dieren opgeruimd. Kippen-, varkens en runderkwekerijen werden geblokkeerd en kregen uitvoerverbod. Alle voedingswaren bereid met eieren verdwenen uit de winkelrekken. Duizenden tonnen vlees werden vernietigd. De inhoud van diepvriezers en voorraadkasten werd op het stort gekieperd. De overheid zorgde voor speciale containers. Het waren apocalyptische beelden. Uit protectionistische overwegingen gingen sommige landen wel heel ver. In Duitsland weigerde een winkelketen Belgische aardbeien en Thailand wilde geen Belgisch bier meer.

In de afloop van de crisis heeft de schatkist ongeveer 500 miljoen euro uitbetaald als schadevergoedingen voor getroffen boeren en bedrijven. Er was ook nog voor 275 miljoen euro aan economische schade, veroorzaakt bij bedrijven die niet voor compensaties in aanmerking kwamen. Na de vorming van paars-groen werd Freddy Willockx (SP) aangesteld tot bijzonder regeringscommissaris om de maatregelen van de regering te coördineren. De regering zette het Federaal Agentschap voor Voedselveiligheid op poten.

Volksgezondheid

Uit een studie van het Wetenschappelijk Instituut voor Volksgezondheid dat bloedstalen heeft vergeleken van 232 Belgen uit 1998 (voor de crisis) en uit 2000 (na de crisis) bleek dat slechts een lichte stijging van twee schadelijke dioxinecomponenten werd aangetroffen. Te weinig om gezondheidsproblemen te veroorzaken. Onderzoekster Noemi Debacker concludeerde: "De blootstelling aan de dioxine was te kort en te kleinschalig om echt een impact te hebben op de volksgezondheid."

In haar eindrapport van 3 maart 2000 stelde de parlementaire onderzoekscommissie vast dat Pinxten noch Colla persoonlijk fouten hadden gemaakt, maar dat ze wel de politieke verantwoordelijkheid droegen.

Het geknakte riet

In zijn nieuwjaarsspeech op 12 januari 1999 had toenmalig CVP-voorzitter Marc Van Peel snoeihard uitgehaald naar de VLD. "Over de liberalen kan ik kort zijn. Ik zal mij houden aan het bijbelwoord van vorige zondag: het geknakte riet zult gij niet breken." De CVP voelde zich comfortabel en was vrij gerust in een goed resultaat bij de verkiezingen in juni.

Maar Van Peel bleek het lot te hebben getart met zijn vermetele uitspraak. De dioxinecrisis speelde Guy Verhofstadt het initiatief in handen. Hij rook zijn kans om een coalitie te vormen zonder de christendemocraten. Verhofstadt was nog niet vergeten hoe de christelijke zuil enkele jaren eerder de regering Martens-Verhofstadt had laten struikelen om het "joenk"-Verhofstadt te liquideren en verlost te zijn van zijn besparingswoede. Nu was het moment van de wraak aangebroken.

Uppercut voor meerderheid

Bij de verkiezingen van 13 juni kreeg de meerderheid een uppercut. De CVP verloor 7 Kamerzetels, de SP 6. De oppositie boekte een fraaie overwinning. De VLD won 2 Kamerzetels, Agalev 4, VU-ID 3 en het Vlaams Blok eveneens 4.

Op 12 juli 1999 startte Guy Verhofstadt met paars-groen. De CVP, murw van de verkiezingsnederlaag, verkoos - misschien wat te snel - een oppositiekuur. De SP opteerde voor verdere deelname aan de regering. Agalev stapte mee in het ambitieuze experiment om via ingrijpende hervormingen België te doen uitgroeien tot een heuse

modelstaat

.

Politiek topthema

De zogeheten dioxinebonus voor de ecologisten werd geraamd op 2 procent. Talrijke kiezers zagen in de partij een waarborg voor gezonde voeding. Voedselveiligheid was in enkele weken een politiek topthema geworden. Werd Agalev in 1999 "gediend" door de dioxinecrisis, dan kreeg de partij vier jaar later lik op stuk. Jef Tavernier, haar minister van Volksgezondheid, kreeg af te rekenen met de gevolgen van de vogelpest en hij werd op zijn beurt de zondebok van pluimveekwekers en vogelliefhebbers omdat hij dieren moest laten opruimen. Bij de verkiezingen van 2003 werden de Vlaamse groenen uit het federaal parlement gestemd.

Dirk CASTREL
Nu in het nieuws