Verliezer betaalt advocatenkosten winnaar

Print
15 MAART 2007 - Fee Shifting. Zo heet het systeem waarbij de verliezer van een rechtszaak de advocaat van de winnaar moet betalen. In België bestaat fee shifting nog niet. Iedere partij in een rechtszaak betaalt gewoon zijn eigen kosten. Dat gaat veranderen door een wetsontwerp dat de Kamercommissie Justitie gisteren unaniem goedkeurde. Daardoor zal de verliezer van een burgerlijke rechtszaak (gedeeltelijk) de advocatenkosten van de winnaar moeten betalen. Eerder had de Senaat dit voorstel al gestemd en de Kamercommissie wijzigde er niets meer aan.
BR>
De Kamercommissie Justitie volgde grotendeels het voorstel van de Orde van Vlaamse Balies. Die wilde geen oeverloze discussies over de hoogte van het ereloon van de winnende advocaat na de uitspraak van de rechtszaak zelf, ze wilde geen extra proces na het proces. Ze stelde voor om fee shifting in te voeren door de nu al bestaande rechtsplegingsvergoeding fors te verhogen van maximum 485,88 euro nu, naar maximum 15.000 euro in de toekomst. Die rechtsplegingsvergoeding is momenteel een symbolische vergoeding voor de advocatenkosten van de winnaar. Ze verschilt naargelang de aard van het geding.

Het nieuwe wetsontwerp bevat evenwel nog geen precieze sommen per geding. Hoe hoog de minima en maxima per soort zaak worden, zal minister van Justitie Laurette Onkelinx (PS) bij Koninklijk Besluit bepalen. Ze hoopt dit voor 1 mei 2007 te kunnen doen. De rechter moet tussen die minima en maxima een som vastleggen, die de verliezer feitelijk moet betalen. Als meerdere partijen hun zaak wonnen, dan kan de verliezer slechts veroordeeld worden tot het dubbele van het bedrag van de normale rechtsplegingsvergoeding. De winnaars moeten dat bedrag delen.

De regeling geldt ook voor burgerlijke partijen in strafzaken, als de dader wordt veroordeeld. En ze geldt eveneens voor alle lopende zaken op het moment dat de wet van kracht wordt. Dat is in principe pas in 2008, maar Onkelinx hoopt dat het vroeger kan.

Wat ging vooraf?

Aanleiding tot de wet is een serie arresten.

Het Hof van Cassatie besloot op 2 september 2004 dat rechters de kosten van advocaten en deskundigen, die de winnaar van een zaak maakte, mogen aanrekenen aan de verliezer. Dat kan alleen in een rechtszaak over contractuele schade. Dat is schade die een winnend slachtoffer leed door een fout van een verliezer die zijn contractuele verplichtingen niet naleefde.

Uit een eerder arrest van 28 februari 2002 leidde een reeks juristen af dat fee shifting al kon voor niet-contractuele schade (bijvoorbeeld een hond die een derde bijt). Cassatie motiveerde zijn arrest van september 2004 nauwelijks. Er kwamen enge en ruime interpretaties en tegenstrijdige beslissingen van ondergeschikte rechters. Het Arbitragehof besloot daarom op 25 april 2006 dat het parlement dringend werk moest maken van fee shifting. Het Arbitragehof had een discriminatie vastgesteld. Als de eiser, die een schadeclaim indiende, zijn zaak wint, dan kan hij volgens de rechtspraak van Cassatie, zijn advocatenkosten laten terugbetalen door de verliezer.
Maar niét andersom: als de persoon van wie schadevergoeding wordt geëist, de zaak wint, dan kan hij zijn advocatenkosten niét terugkrijgen van de persoon die een onterechte claim tegen hem indiende. Dat komt omdat de erelonen volgens Cassatie een onderdeel van de schade zijn en de partij die gedaagd wordt heeft geen schade geleden. Het Arbitragehof vond dat discriminatie, omdat ook de persoon die gedagvaard wordt vaak zware advocatenkosten moet maken. Het parlement moet daarin zo snel mogelijk verandering brengen, vond het Arbitragehof.

De Orde van Vlaamse Balies had al eerder een voorstel klaargestoomd en in de Senaat diende Hugo Vandenberghe (CD&V) dat voorstel in. Er grepen hoorzittingen plaats met alle betrokken partijen. Uiteindelijk volgde de meerderheid een soortgelijk voorstel van Fauzaya Talhaoui (Spirit), dat later was ingediend dan dat van Vandenberghe en grondig werd geamendeerd. Het werd unaniem goedgekeurd.

Waarom fee shifting?

De nieuwe wet komt er vooral omdat grote rechtsonzekerheid was gegroeid: allerlei rechters beslisten tegenstrijdige dingen én het Arbitragehof eiste een regeling. Maar de discussie leeft al lang, vooral in het buitenland.

De belangrijkste argumenten pro fee shifting zijn:

* Wie gelijk heeft, moet in het huidige systeem zelf betalen om dat gelijk ook te krijgen van de rechter. En dat is onrechtvaardig.

* Het aantal nutteloze gedingen zal dalen, als iedereen die een geding aanspant weet dat hij veroordeeld kan worden tot het betalen van de erelonen van de advocaat van de tegenpartij als hij verliest.

Het belangrijkste argument tegen fee shifting is:

* De toegang tot het gerecht wordt moeilijker voor de minstbedeelden. En dat wil justitieminister Onkelinx absoluut niet. In tegenstelling tot de ons omringende landen heeft in België slechts 20% van de gezinnen toegang tot rechtsbijstand die geheel of gedeeltelijk gratis is, zo bleek uit een onderzoek van Jean Van Houtte (Universiteit Antwerpen).
In de meeste ons omringende landen is dat percentage minstens het dubbele: in Frankrijk 73%, in Nederland 47% en in Engeland 48%. Het budget voor gratis rechtsbijstand in België steeg tussen 1999 en 2004 wel met 92%, maar het aandeel van die hulp in het totale budget van Justitie bedraagt amper 3%. Iedere Belgische burger betaalt jaarlijks 2,8 euro voor de gratis rechtsbijstand, de Engelsman 24 euro en de Nederlander 20 euro.

Onkelinx loste dat op door de drempel voor gratis rechtsbijstand op te trekken, maar ze wilde ook een verplichte verzekering voor rechtsbijstand invoeren. Ze wou die koppelen aan de familiale verzekering, maar die zou daardoor dubbel zo duur worden. Dat plan ging niet door. Ondertussen werkte Onkelinx een modelcontracht voor een rechtsbijstandsverzekering uit.
Verzekeringsmaatschappijen die dat aanbieden krijgen allerlei voordelen: ze moeten de taks van 9,25 procent niet betalen. Dat kost de regering 5 miljoen euro per jaar. Voor de burger mag de premie in dat contract maximum 144 euro per jaar bedragen en het forfait (het bedrag dat je bij iedere rechtszaak zelf moet betalen) mag niet meer dan 250 euro zijn.
Een forfait is verboden bij bemiddeling én in sommige echtscheidingszaken. Het contract geldt voor de meeste rechtszaken (schadevergoedingseisen, consumentenrecht, bouwgeschillen, echtscheiding, administratief recht...).
De verzekeringen mogen een grens bepalen voor wat ze per zaak uitbetalen, maar die grens moet minstens 5.000 euro zijn. Bij echtscheidingen zakt ze wel tot 750 euro, en bij schadeclaims en strafzaken stijgt ze tot 12.500 euro.

Het contract is beschikbaar sinds 27 februari.

Hoe werkt fee shifting elders?

Je hebt in het buitenland verscheidene systemen. Zo kan men fee shifting alleen invoeren voor de eiser: als hij wint dan moet de verliezer zijn proceskosten betalen, maar niet andersom. Dit systeem bestaat in de Verenigde Staten in het consumentenrecht, de mensenrechten en het mededingingsrecht. Consumenten zullen zo veel makkelijker een bedrijf dagvaarden omdat ze geen enkele kost hebben als ze winnen.

Fee shifting kan ook gewoon bij het afsluiten van een contract (een koop van een huis, een auto) worden opgenomen in dat contract zelf, zoals ook al in de VS gebeurt.

Of men kan fee shifting koppelen aan voorwaarden: alleen bij hopeloze gedingen. In dat laatste geval kom je erg dicht bij de boetes die een rechter in België kan opleggen voor tergend en roekeloos geding.

Wat zijn de gevolgen van fee shifting?

* De erelonen van advocaten stijgen als fee shifting wordt ingevoerd, zo blijkt uit een schaarse wetenschappelijke studie van Hughes en Savoca.
Tussen 1980 en 1985 stapte Florida in de VS voor betwistingen over medische fouten over van het Amerikaanse naar het Engelse systeem. Florida voerde in die periode dus fee shifting in. De kosten van de verdediging van de aangeklaagde artsen verdubbelden. De dokters gaven meer geld uit omdat ze dachten misschien te kunnen winnen en dan waren die kosten toch voor de patiënt.

* Processen kunnen ook veel langer duren. Dat kan omdat partijen meer uitgeven voor hun advocaat, die de zaken grondiger aanpakt, met een zwaarder proces tot gevolg.

Er kan ook een proces in het proces ontstaan over de grootte van de advocatenlonen, als de verliezer die honoraria betwist. Zeker als de verzekeringen in de rechtszaak tussenkomen, is dat mogelijk. Nu heeft naar schatting nog maar 3% van de gezinnen een aparte rechtsbijstandsverzekering, maar dat zal stijgen als fee shifting er komt.
In Duitsland bijvoorbeeld heeft 50% van de gezinnen dergelijke verzekering. De verzekering zal dan de erelonen moeten betalen.

Maar van de andere kant zal de verliezer veel sneller met het proces stoppen, als hij ziet dat hij toch bakzeil haalt. Beide tegenstrijdige tendensen heffen elkaar misschien op. Alvast in de studie over Florida bleven de processen even lang duren als vroeger.

* Daalt het aantal processen door fee shifting? Professor Boudewijn Bouckaert (UGent) verwacht een daling omdat de vonnissen accurater zullen zijn en er dus minder beroepen zijn. De Florida-studie stelde ook een daling vast. Ze wees uit dat alleen slachtoffers die juridisch en feitelijk zeer sterk staan nog naar de rechter stappen. Ook het aantal minnelijke schikkingen tussen de partijen daalde in Florida.

Problemen

Er zijn een reeks samenhangende problemen.

* Zal men de advocatenkosten, die de verliezer moet betalen, beperken tot een bepaald bedrag of niet? In België besliste het parlement tot een beperking tot het bedrag van de rechtsplegingsvergoeding.

Men kon ook - zoals in de ziekenzorg - vaste bedragen opleggen voor iedere prestatie van een advocaat. Dat laatste - 'mutualistisch' - systeem wilde minister van Justitie Laurette Onkelinx, omdat alleen zo ook de armen naar de rechter kunnen blijven gaan. Alle advocaten zijn ertegen. Onkelinx wil het systeem nog altijd, maar "er is in deze legislatuur geen tijd meer om het nog te realiseren", zo gaf ze gisteren toe.

En het kan misschien vanuit Europese hoek worden betwist. De Europese Commissie (EC) beschouwt de advocaat als handelaar en hij moet vrij zijn prijzen kunnen zetten. Nog maar op 24 juni 2004 schrapte die EC een reglement van de Orde van Architecten dat prijzen koppelde aan precieze prestaties en dat verplichtend werd opgelegd. Een soortgelijk risico loopt Onkelinx' voorstel ook.

* Op een studiedag van de werkgroep Tegenspraak in Gent in 2005 stelde professor Walter Van Gerven (KU Leuven) dat alle betrokken partijen in dit debat in de fout gaan. Cassatie wijzigde zijn rechtspraak zonder enige motivering en in wollig taalgebruik. De verenigingen van advocaten werkten een voorstel uit om de rechtsplegingsvergoeding te verhogen, maar ze trokken er niet de consequenties naar de doorzichtigheid van de prijzen uit. Parlement en Justitie reageerden daarop met voorstellen zonder enig empirisch wetenschappelijk onderzoek naar de gevolgen ervan. Er is nu een totale impasse. Het parlement lost die impasse gisteren gedeeltelijk op.

Meer informatie? Zie: EVERS, F., De verhaalbaarheid van de kosten van verdediging: en wat met de toegang tot de rechter? Tegenspraak 25, Die Keure, Brugge.

MEEST RECENT