Hoofdinspecteur Marcel Van Peel besefte gevaar Hans Van Themsche pas achteraf

Print
Antwerpen - Zeven maanden geleden was hoofdinspecteur Marcel Van Peel (48) in één klap beroemd nadat hij Hans Van Themsche uitschakelde door een schot in zijn buik. Hero, Robocop of held van Antwerpen, noemen zijn collega's hem. Maar zelf blijft hij erbij dat hij die 11de mei 'gewoon zijn job deed'. Al laat 'gewoon uw job doen' soms ook littekens na.
BR>
Daar lagen ze. Naast het in elkaar gezakte lichaam van Hans Van Themsche. Zeventien kogels. Voor zeventien mogelijke slachtoffers. "En toch lagen daar drie kogels te weinig", vindt hoofdinspecteur Marcel Van Peel. "Spijtig dat ik Hans Van Themsche niet eerder kon stoppen, voor er slachtoffers vielen. Dat beeld van zo'n neergeschoten meisje vergeet je nooit. Ik ben ook een mens, en een vader. Dan doet dat pijn."

Meteen na de moorden van Hans Van Themsche werd u al een held genoemd. En met de eindejaarsoverzichten komt u ook naar voren als een van dé figuren van 2006.
Ik heb dat nooit zo gezien. Ik was op het juiste moment op de juiste plaats. Als je dan als politieagent je job niet doet, is het wel erg.

Toch zei ook korpschef Eddy Baelemans dat er moed voor nodig is om op zo'n moment te schieten.
Misschien is het mijn ervaring, of de ouderdom. Ik weet het niet. Ik was in ieder geval in staat om kalm te reageren. Ik heb ooit één collega geweten die op een spiegel schoot, uit schrik voor zijn eigen spiegelbeeld. Na 11 mei kreeg ik ongelofelijk veel reacties. Van de burgemeester en de schepenen, collega's en buurtbewoners. Mensen die ik jaren niet gesproken had, kenden plotseling mijn naam weer. Ik kreeg zelfs kaartjes uit Spanje van mensen die ik nauwelijks ken, vrienden van mijn vader. Dat deed wel goed.

Hoe gaat het nu met u?
Die vraag krijg ik wel vaker. Veel mensen denken dat ik een trauma moet hebben overgehouden aan die dag. Mijn zus is grootmoeder geworden van een meisje, Luna. 'Hopelijk vind je dat niet erg', zei ze. Maar ik vind Luna nog steeds een prachtige naam. Natuurlijk blijft er een litteken achter, maar een trauma is het niet. Ik probeer juist meer te lachen. En toch vind ik het erg dat ik niet eerder bij Hans Van Themsche kon zijn, voor er slachtoffers vielen. De nabestaanden blijven zitten met een enorm verlies. Daar denk ik dikwijls aan.

De dag na de feiten bent u meteen gaan werken. Is dat de macho in een politieagent?
Wat moest ik doen? Ik kon niet eten en ik kon niet slapen. Steeds zag ik die beelden voor mijn ogen, als een film. Gelukkig is dat nu beter. Alleen als ik op straat zo'n type zie met een lange zwarte jas en een glazige blik, dan ben ik meteen alert. Dat zal wel blijven.
Ik sta nu ook eerder naast de deur in plaats van voor een deur. En ik doe mijn kogelvrij vest aan als ik met de deurwaarder een beslagronde doe. Ook al hadden die kogels van Van Themsche zich net zo goed door een kogelvrij vest geboord. Deurwaarder Peter Van Landeghem heeft na 11 mei al twee andere schietincidenten meegemaakt. Hij heeft ook een kogelvrij vest aangeschaft. Ik ga geregeld met hem op pad. We zijn een soort bloedbroeders geworden. Ik zie zijn vrouw en kinderen nu ook af en toe. In de zomer gaan we samen nog eens barbecueën op mijn nieuwe terras. Ik heb echt een emotionele band met hem gekregen.

U bent wel naar de korpspsycholoog gegaan.
Dat gebeurt altijd na een schietincident. Niet het schieten zelf, maar de dreiging heeft het meeste impact. Ik ben een paar keer bij de psycholoog geweest om te bespreken hoe het met me ging. Dan hoor je dat het normaal is dat je moeilijk slaapt of geen honger hebt. Pas als het niet verbetert, moet je opletten. Met al die terugblikken op 2006 word je natuurlijk weer geconfronteerd met de moorden. Dat beeld van een dood meisje op straat vergeet ik nooit. Ook voor Oulematou vind ik het heel erg, en Songul heeft moeten vechten voor haar leven. Maar een kind heeft nog geen leven gehad. Zo staat er ook een beeld in mijn geheugen gegrift van vier verkeersslachtoffertjes. De auto waar ze in zaten, was gaan slippen op Linkeroever en belandde recht onder een bus. Die chauffeur zag nog net de vier kindjes op de achterbank angstig omhoog kijken.

U heeft al een carrière van 31 jaar bij de politie. Als 19-jarige begon u bij de verkeerspolitie, u werkte in het Schipperskwartier in de periode dat de Albanezen daar de baas waren en was actief in het Zillion-dossier. Bent u inmiddels hét voorbeeld voor beginnende agenten?
Toen ik een tijd geleden bij de schiettraining was, stond daar ook een jonge agent die van iemand had gehoord dat ik Hans Van Themsche had neergeschoten. Met een bewonderende blik keek hij me aan. Met van die fonkelende ogen, alsof hij wilde zeggen: 'Zo'n carrière wil ik ook'. Doe maar gewoon, dacht ik. Al had ik in zijn plaats misschien ook wel zo gereageerd. Ooit moest ik als jonge agent op Linkeroever een oudere zatte man meenemen naar het bureau. 'Wat ik al vergeten ben, moet jij nog meemaken', zei hij tegen mij. Dat vond ik zo'n schitterende uitspraak. Nu zeg ik dat soms ook tegen de mensen die ik opleid.

Droomde u er echt van om agent te worden?
Vroeger wilde ik postbode worden, zoals mijn vader. Maar die vond dat politieagent een betere job was. En eigenlijk ben je als agent ook een soort postbode. Met de mensen praten op straat is een belangrijk onderdeel van het vak. Toen ik nog wijkagent was in het Schipperskwartier, waren er wel eens prostituees die mij aanspraken omdat ze uit het milieu wilden stappen. Die hielp ik dan ook. Eén meisje is gaan studeren. Daar heb ik echt bewondering voor. Tijdens mijn carrière heb ik de wapens zien komen bij de politie. En na de Delhaize-overvallen in de jaren tachtig kwamen de eerste kogelvrije vesten. Zowel de vesten als de wapens zijn steeds moderner geworden. Met die eerste wapens, de FN 7.65, kon je beter gooien dan schieten. Als je schoot, had iemand een buil op zijn hoofd.

U heeft op familiefeesten en verjaardagen waarschijnlijk al vaak moeten vertellen over 11 mei. Kunt u nog één keer beschrijven wat er precies gebeurde in die cruciale minuten?
De deurwaarder en ik waren net gaan zitten op het terras van In de gloria om iets te eten toen een paar vrouwen riepen dat er een man met een wapen passeerde. Ik dacht dat het een vlaggenstok zou zijn, want wie loopt er nu met een wapen over straat? Ik ben meteen gaan kijken, redelijk relaxed, en zag die man aan het eind van de Koraalberg. Hij was een beetje in paniek en keek schichtig om zich heen. Ik floot om zijn aandacht te trekken. 'Hé kerel, kom hier', riep ik drie keer. Pas toen hij zich omdraaide, zag ik zijn wapen. Ik trok meteen het mijne, maar omdat het jachtgeweer in zijn nek lag, was er geen acute dreiging. 'Leg dat wapen neer', heb ik een paar keer herhaald. Zonder resultaat. 'Schiet me maar door mijn kop', was het antwoord. Hij kwam dichterbij, tot op drie of vier meter, en richtte het jachtgeweer op mij. Als ik naast schiet, heb ik verloren, flitste door mijn hoofd. Toen heb ik meteen op zijn lichaam gericht en geschoten. Ik wist dat ik niet kon missen.

U had wel gecheckt of er niemand achter hem stond.
Dat had ik op de schiettraining geleerd. Tijdens een simulatie met een laserpistool had ik namelijk eens iemand doodgeschoten op een begrafenis. Maar daarbij had ik ook wat bezoekers van de uitvaartdienst geraakt. Toch was ik ook veel van de schietopleiding vergeten. Ik heb geen dekking gezocht en ik heb me ook niet zo klein mogelijk gemaakt. Daar had ik geen tijd voor. Nadat Hans Van Themsche in elkaar was gezakt, heb ik 112 gebeld. Ik heb me bekend gemaakt als agent, verteld dat ik iemand had neergeschoten en vroeg om een ambulance. Een seconde later kwamen van alle kanten patrouilles aanrijden. Toen hoorde ik ook pas dat er al drie mensen waren neergeschoten. Nog nooit heb ik bij collega's met zo veel jaren dienst zo'n trieste blik in hun ogen gezien.

Bent u naar de begrafenis van Luna geweest, en de stille tochten?
Met wat collega's ben ik naar de Pauluskerk gegaan voor Luna's begrafenis. Een prachtige dienst was dat, waarbij ik ook mijn tranen moest wegslikken. Eddy Baelemans kent de ouders van Luna persoonlijk. Daar sta je dan naast een huilende korpschef.
De dag na de feiten was ik er ook bij, al was dat voor mij meer een rouwstoet. Die andere stille tocht heb ik aan me voorbij laten gaan. Toch heeft de schietpartij wel een positieve beweging in gang gezet. Kijk maar naar de concerten op 01-10 of de 'zonder haat-straat'.

Met de reconstructie van de feiten op 22 juni was u op vakantie in Kroatië. U had daar toch bij moeten zijn?
Die vakantie stond al lang gepland. Iedereen kon op die datum, behalve ik. Dus heb ik voor ik vertrok de route overgedaan met een stand-in. In Kroatië kwam ik de volgende dag op de camping waar iemand van de gerechtelijke politie stond. Hij had een krant en zo wist ik toch dat het goed was verlopen. In één krant werd gesuggereerd dat ik depressief zou zijn, maar dat was dus niet zo.

Blijkbaar was Van Themsche nogal beïnvloed door computerspelletjes.
Een commissaris vertelde mij dat hij zich mogelijk baseerde op een Amerikaanse computerspel. In dat spel moet je zo veel mogelijk mensen doodschieten voor je uiteindelijk door een agent wordt doodgeschoten. Waanzinnig als je dat ook echt in de praktijk wil brengen. Maar Hans Van Themsche is wel toerekeningsvatbaar verklaard.

De vader van Hans Van Themsche heeft u bedankt dat u zijn zoon niet hebt doodgeschoten.
Ja, die boodschap is via de gerechtelijke politie doorgekomen. Uiteindelijk is Hans Van Themsche ook iemands kind.

Heeft u de familie van Luna, Oulematou en Songul nog gesproken?
Nee, ik laat die mensen met rust. Als ik iets zou kunnen doen om hun leed te verzachten, had ik dat allang gedaan. Het is toch vreemd om hen aan te spreken met 'Hallo, ik ben die man die Van Themsche heeft neergeschoten. Hoe is het nu?' Het is zo al erg genoeg.

In mei komt de zaak voor het assisenhof. Dan moet u waarschijnlijk getuigen. Bent u voorbereid op een confrontatie?
Ik ben er niet bang voor, maar het zal wel raar zijn. Zijn gezicht heb ik maar in een flits gezien. Ik zal hem aankijken om te zien hoe hij er nu uitziet. Blijkbaar is hij in de gevangenis vermagerd. Maar hij zal mij ook wel willen zien. Ik heb geen idee of hij een beeld heeft van mij.

Heeft u na 11 mei uw wapen nog moeten gebruiken?
Ik had mijn pistool afgeven voor het onderzoek, dus ging ik één dag later een nieuw wapen ophalen. Dat moet je dan ook testen. Ik stond op dezelfde afstand als de dag ervoor, trok het wapen en schoot naar die schietschijf. En ik miste. Toen schrok ik wel.

Het had anders kunnen lopen. Heeft dat besef u veranderd?
Niet echt. Al denk je toch ineens aan een testament, wat een gezond mens niet zo snel doet. Mijn oudste dochter was in tranen die avond. 'Ik heb maar één papa', zei ze. Door de reactie van mijn vrouw en mijn kinderen besefte ik pas dat ik veel geluk heb gehad. Een collega vertelde dat hij na zijn dienst die dag naar school was gegaan om zijn kind op te halen en een dikke knuffel te geven. Een stomme knuffel, maar je moet blij zijn dat je dat kunt. Daarin ben ik wel veranderd. Ik probeer meer van het leven te genieten. Nóg meer. Zolang het nog kan.

Maaike FLOOR
MEEST RECENT

Vastgoed

Auto's in de kijker

Jobs in de regio