De tragische liefde van Josephine en Frans

De tragische liefde van Josephine en Frans

De tragische liefde van Josephine en Frans

Print
Het was een schoon koppel. Josephine Van Wesemael en Frans Van Roie uit Grobbendonk zaten in de fleur van wat hun leven kon worden. Het jonge koppel trouwde in het voorjaar van 1914. Enkele maanden later vloog soldaat Van Roie naar het front, samen met zijn broers Emiel en Fons. Josephine en Frans zouden elkaar nooit meer zien.

“Het is zwaar. Nu nog. Na al die tijd.” Fons Scholliers verbijt zijn emoties. Hij vlooide 75 brieven uit die over en weer gingen tussen Bouwel en het verre front. “Mijn grootmoeder Josephine bewaarde deze correspondentie als een schat. De brieven waren samengeperst tot een klein pakketje. Toen tijdens de tweede wereldoorlog ‘den boterhond’ –een tak van de gevreesde Gestapo- in de buurt passeerde, smeet grootmoeder de brieven in de beerput. Zo erg zat de schrik er nog in voor den Duits. Het uitpluizen kostte me weken. Sommige zinnen bestudeerde ik met een loep. Ik moest dikwijls stoppen wanneer mijn tranen opwelden. Als ik naar series over de eerste wereldoorlog kijk, draait mijn maag om. In de bikkelharde realiteit, was er aan die smerige oorlog bitter weinig romantiek.”

Integendeel. Josephine kon lezen noch schrijven. Dus stelde haar schoonzus Stephanie voorbeeldbrieven op. “Met veel geduld en ijver pende grootmoeder die brieven naar haar man dan over. Privacy was een woord dat toen niet bestond. Frans vernam via brief dat hij vader werd. Toen hij naar het front vertrok, was grootmoeder zwanger, maar dat wisten ze misschien geen eens.. Ze beviel op 24 maart 1915 van mijn moeder, Maria Elisabeth. Mijn grootvader heeft zijn bloedeigen dochter nooit gezien.”

In de loopgraven kreeg Frans niet louter brieven van zijn vrouw. Ook familie en vrienden schreven. “Die zeldzame brieven vormden een lichtpunt in de donkere miserie. Vaak waren ze weken onderweg. Brievensmokkelaars brachten ze via een heleboel tussenadressen bij de bestemmeling. In een bepaalde brief legt mijn tante uit waarom grootmoeder zo stuurs op een foto staat. “Dat is omdat er just nen D--- passeerde”, schrijft tante. D--- staat natuurlijk voor nen Duits. Vaak schreven ze over ogenschijnlijke bagatellen. De prijs van een koe, de uitvaart van hun varken of een fietslantaarn die als luster kon dienen. Maar het leed en verdriet sijpelt tussen de regels. “Dra hopen wij elkander weder te zien.” “Was deze verschrikkelijke periode maar snel gedaan.” Dat pakt enorm. Uit de brieven spreekt ook een enorm godsgeloof. Ze bidden destijds tot God voor een goede hooioogst, gezonde petatten of een voorspoedige afloop van de oorlog. Helaas kon God dat laatste niet realiseren.”

Frans Van Roie overleefde de oorlog niet. Zijn zerk op het kerkhof van Adinkerke meldt dat hij op 15 november 1917 sneuvelde. Zijn broer Fons sneuvelde op 11 november 1915 en ligt begraven in De Panne. “Elke zomer kreeg onze familie gratis treintickets. Voor ons als klein gasten de uitgelezen kans om de zee te zien. Maar daar hoorde een kerkhofbezoek bij. Om de tijd te doden vijlde mijn grootvader in de loopgraven uit oud ijzer zegelringen. Eén van die ringen heb ik lang gedragen. Frans Van Roie vertrok als een gezonde jongeman. Het enige wat van hem terug over de Ijzer kwam waren enkele ringen, zijn geldbeugel, enkele franse munten, een tabakzak, een mes en 75 brieven. Smerige oorlog”, verzucht Fons.

Aantal gesneuvelden aan het front: 71 jonge mannen moeten verplicht onder de wapens. Elf van hen sneuvelen.

Aantal gesneuvelde burgers: Over het aantal burgerslachtoffers zijn geen gegevens.

Schade: Het Belgische leger schiet de achttiende eeuwse houten windmolen in brand. In 1925 arriveert een nieuw exemplaar uit Voortkapel.

Stefan LAENEN

Foto GvA (boven): De overgebleven spullen van Frans Van Roie uit Bouwel.

Nu in het nieuws