Familie bemachtigt plaats op voorlaatste vluchtboot

Familie bemachtigt plaats op voorlaatste vluchtboot

Familie bemachtigt plaats op voorlaatste vluchtboot

Print
De jonge Wilhelmina Goossens woonde met haar ouders en haar broer Achiel in een huurhuis op de Markt in Rumst. Vader Gustaaf bestuurde de eerste baggermachine van de steenbakkerij Rupel-Nete. 1914 was geen gelukkig jaar voor haar. Ze was nog maar net acht jaar oud en haar broer 6 jaar oud toen in februari haar moeder stierf aan een ziekte die amper 36 uren duurde.

In augustus, bij het uitbreken van de oorlog, bleef eerst alles zijn gewone gang gaan in de gemeente. De eerste maanden kwamen in het dorp regelmatig soldaten binnen en werden er ook soms gelegerd. Maar op 27 september begon de slag om Antwerpen en de strijd rond de forten. Dinsdag 29 september begonnen de dorpelingen op de vlucht te staan. Rond vijf uur in de namiddag ontplofte er een bus op het marktplein en ook de familie Goossens en de inwonende nonkel Charel, besliste de trein naar het onineembaar geachte Antwerpen te nemen.

"Maar de trein kwam niet in Antwerpen terecht maar bleef doorrijden tot ze uiteindelijk in Veurne belandden" zegt Willy Wuyts van heemkring Rumesta. "Een poging om toch nog terug te keren naar Antwerpen met de trein strandde in Gent. Op 10 oktober ging het per tram naar Brugge en daarna naar Oostende. De dag erna, zondag, kon de familie een plaatsje bemachtigen op voorlaatste boot met bestemming Engeland."

Wilhelmina werd met het gezelschap op de trein naar Londen gezet om de volgende dag naar de havenstad Grimsby door te reizen. Daar maakte ze kennis met E.H. Zozef Feskens, een Rumstenaar, die daar priester was van de in 1909 gestichte Sint-Pietersparochie. Hij zorgde voor tewerkstelling van vader.

"Wilhelmina werd opgenomen door Mevrouw Halliday, een welstellende weduwe die een bloeiende handelszaak had in kleding en kledingstoffen, dameshoeden, tapijten, linoleum en ook speelgoed", gaat Willy verder. "Ze is de hele oorlog bij de familie gebleven en hielp mee in de winkel waar ze stelselmatig meer taken kreeg toegewezen. Ze ging er ook naar school."

In het boek De Grote Oorlog van Rumesta kan je verder lezen dat na de Wapenstilstand het nog tot februari 1919 duurde vooraleer de familie terug naar Rumst kon keren. Vader Gustaaf hertrouwde in 1920 en in datzelfde jaar trad Wilhelmina in het klooster van de zusters van Vorselaar en werd zuster Vitaliana. Het contact met de familie Halliday bleef behouden tot aan de Tweede Wereldoorlog.

Jef Wijckmans

Foto GvA (boven): Zuster Vitaliana

Nu in het nieuws