"Syriëstrijders zijn slachtoffer van hun eigen zwakheden"

Syriëstrijders zijn slachtoffer van hun eigen zwakheden

"Syriëstrijders zijn slachtoffer van hun eigen zwakheden"

Print
Uit een Europees onderzoek blijkt dat de meeste Europese Syriëstrijders uit België komen. Montasser AlDe'emeh onderzoekt hoe dit komt. "Zonder Sharia4Belgium zouden er minder jongeren naar Syrië zijn vertrokken", zegt AlDe'emeh.

AlDe'emeh werkt bij de universiteit Antwerpen aan een doctoraatsscriptie over de redenen waarom Vlaamse moslims naar Syrië trekken om daar te gaan vechten. Via onder meer de sociale netwerksite Facebook heeft hij contact met deze jongeren.

"Het zijn jongeren die zich slecht voelen in deze samenleving", zegt de onderzoeker. "Ze voelen zich het slachtoffer van discriminatie en racisme. Ze worstelen met hun identiteit als moslim en Vlaming. Dit zorgt voor veel frustraties. Zij zijn zeer kwetsbaar voor extremistische taal. Ik had contact met Syriëstrijder Brian De Mulder. Voor mij is hij geen monster, maar een slachtoffer van zijn eigen zwakheid. Hij heeft niet door dat hij wordt gemanipuleerd. Ik ben overtuigd dat zonder Sharia4Belgium nooit zo veel jongeren zouden zijn vertrokken. Ondertussen staan er nog honderd jongeren klaar om te vertrekken. De veiligheidsdiensten hadden veel sneller moeten optreden tegen deze groep."

Objectieve bondgenoot

Volgens AlDe'emeh voeden een aantal politici en de overheid de radicalisering. "Het hoofddoekverbod zorgde voor een versnelling in de radicalisering van sommige jongeren", zegt de onderzoeker. "Extremisten wierpen zich op als de verdedigers van de hoofddoek. 'Wij komen ten minste nog op voor de moslima's', zei Fouad Belkacem van Sharia4Belgium. De baas van de Staatsveiligheid Alain Winants riep enkele jaren geleden dat het salafisme het grootste gevaar was voor de staat. Hij gaat voorbij aan de verschillende strekkingen binnen het salafisme. De meesten willen gewoon hun geloof op hun manier belijden en zijn helemaal niet bezig met de gewapende jihad. Ook de recente uitspraken van burgemeester Bart De Wever (N-VA) duwen jongeren in de armen van de extremisten. Hij had beter gezegd dat het hem pijn doet dat moslimjongeren zich blijkbaar zo slecht voelen hier dat ze gaan vechten in Syrië. Nu komt hij over als een objectieve bondgenoot van de moslimextremisten."

De vraag van een miljoen euro is natuurlijk: hoe kan worden belet dat jongeren radicaliseren? AlDe'emeh gelooft niet in de folder rond moslimradicalisering . "Geen enkele moslim hecht er belang aan", zegt de onderzoeker. "Het is een opsomming van stereotypen. Je moet weten dat die jongeren die nu in Syrië zitten bijna allemaal een profiel hebben op Facebook. Ze zetten er foto's op van zichzelf met een kalasjnikov. Jongeren hier vinden dit tof. Zij beschouwen het als één groot avontuur. Ze beseffen alleen niet dat deze Syriëstrijders als kanonnenvoer worden gebruikt."

Verantwoordelijkheid

Dat jongeren op internet naar informatie zoeken over de islam, komt door de afwezigheid van rolmodellen en imams die ingebed zijn in de Vlaamse samenleving. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt volgens AlDe'emeh zowel bij de moslimgemeenschap als de overheid. "De Belgische moslimgemeenschap is slecht gestructureerd", zegt AlDe'emeh. "Er zijn onvoldoende rolmodellen die op jongeren die radicaliseren kunnen inpraten. De imam zou die rol kunnen vervullen, maar daar zit nu juist het grootste probleem. Sommige imams in onze moskeeën worden opgeleid en betaald door Saudi-Arabië. Zij verkondigen het wahabisme, een oerconservatieve visie op de islam. De preken worden in het standaard Arabisch gegeven. Alleen verstaan de jongeren dit niet. Bovendien gaan ze vaak over zaken waar de jongeren geen boodschap aan hebben. Wie dus informatie zoekt over de islam gaat die zoeken op internet en belandt zo soms bij radicale stromingen."

AlDe'emeh pleit voor een imamopleiding. "Imams leren de islam te praktiseren met respect voor de waarden en normen hier. Zo krijg je pas een gematigde islam en imams die de frustraties bij jongeren op een positieve manier kunnen kanaliseren. Als iemand achter zijn computer radicaliseert, dan is dat de verantwoordelijkheid van iedereen, zowel allochtonen als autochtonen", besluit de onderzoeker.


Montasser AlDe'emeh is geboren in een vluchtelingenkamp in Jordanië. Zijn ouders waren als Palestijnen verdreven uit Israël. Hij was twee jaar toen ze verhuisden naar België. "Ik ben België dankbaar dat ze ons hebben opgevangen en ik heb kunnen studeren", zegt AlDe'emeh. "Ik kon als jongere het conflict niet plaatsen. Later had ik contact met joden, bezocht ik de concentratiekampen en verdiepte ik mij in het jodendom. Er groeide een graad van verdraagzaamheid. We verschillen van mening over het conflict, maar er is wel respect. Als ik met mijn achtergrond dit kan, waarom zouden autochtonen en allochtonen dan niet hetzelfde kunnen bereiken hier."
Hij studeerde arabistiek islamkunde en specialiseerde zich in de Midden-Oosten studies. Later volgde hij Joodse -en Religiestudies.


Sacha Van Wiele

Foto Patrick De Roo

.

Nu in het nieuws