Geen DNA gevonden van in Cambodja opgesloten Antwerpenaar

Geen DNA gevonden van in Cambodja opgesloten Antwerpenaar

Geen DNA gevonden van in Cambodja opgesloten Antwerpenaar

Print
Op het lichaam van de Franse rugzaktoeriste die in Cambodja werd vermoord, is geen DNA gevonden van hoofdverdachte Olivier Van Den Bogaert (41). De uitgeweken Antwerpenaar zit nu al bijna twee maanden in de cel in Kampot en schreeuwt zijn onschuld uit.

“Onze advocaat dient vrijdag een verzoek tot vrijlating in. De rechter heeft dan vijf werkdagen de tijd om te beslissen. In het beste geval komt mijn broer vrij, al dan niet op borgtocht. In het slechtste geval wordt zijn aanhouding met zes maanden verlengd en wordt hij ook officieel in beschuldiging gesteld voor moord”, zegt zijn broer Ian.

Het zwaar verminkte lichaam van de Franse toeriste Ophélie Begnis (25) werd op 9 februari nabij de Cambodjaanse stad Kampot uit het water gevist. Olivier Van Den Bogaert, een 41-jarige Belg die tot kort voor de feiten een hotelletje uitbaatte in de buurt van de vindplaats, werd in april gearresteerd. Getuigen hadden hem gezien op de plek waar het lichaam werd gedumpt. De Vlaming, die een alibi heeft, schreeuwt al twee maanden zijn onschuld uit.

“Deze week worden nog getuigen verhoord. Opvallend is dat een van de kroongetuigen intussen niet meer zo zeker lijkt te zijn van zijn verklaring dat hij Olivier op de fiets van het slachtoffer zag rijden”, zegt zijn broer.

Nog belangrijker is dat er geen match is tussen DNA-sporen die op het lichaam van de Française zijn gevonden en het DNA van de Vlaming. Olivier Van Den Bogaert verblijft intussen in erbarmelijke omstandigheden in de gevangenis van Kampot en moet voor alles en nog wat betalen. “De Belgische overheid doet wat ze kan”, zegt zijn broer Ian.

TG

Nu in het nieuws