Mensen worden steeds dommer

Mensen worden steeds dommer

Mensen worden steeds dommer

Print
De gemiddelde intelligentie van de mens is langzaam aan het slinken. Dat zegt een Amerikaanse onderzoeker althans.

Zijn redenering: duizenden jaren geleden, toen mensen nog in kleine groepen door de wildernis trokken, waren intellectuele vaardigheden cruciaal om te overleven. Sinds de mensheid akkers bewerkt en in grotere gemeenschappen samenleeft, is de intelligentie van het individu minder belangrijk. Dat schrijft ontwikkelingsbioloog Gerald Crabtree van de Californische Stanford University in het vakblad Trends in Genetics.

De menselijke intelligentie hangt van zo'n 2.000 tot 5.000 genen af. Dat erfelijk materiaal voor de hersenen is volgens studies bijzonder vatbaar voor mutaties, schrijft Crabtree.

Hij vermoedt dat de mensheid in de laatste 120 generaties, wat zo'n 3.000 jaar is, stap voor stap aan intelligentie heeft ingeboet.

Zijn stelling: wie zijn hersenen vroeger niet gebruikte, kon zich niet voeden of zich voor wilde dieren beschermen. Enkel de slimsten overleven. Deze selectieprocedure laat de menselijke intelligentie gestaag stijgen, volgens de mening van Crabtree.

Ziekten

Na de ontwikkeling van de landbouw leefden mensen echter in grotere groepen samen, die ook zwakkere individuen steunden. Zich beschermen tegen ziekten werd belangrijker dan intelligentie, want ziekten komen vaker voor in grotere groepen, volgens Crabtree.

Hij spreekt daarmee studies tegen waaruit blijkt dat het gemiddelde intelligentiequotiënt sinds het begin van de twintigste eeuw van generatie op generatie is toegenomen. Dat fenomeen staat bekend, naar de intelligentie-onderzoeker James Robert Flynn, als het Flynn-effect.

Belga

Foto Serge Minten

Nu in het nieuws