Over het verbod van Sharia4Belgium

Print
9 JULI 2012 - De Kamercommissie Binnenlandse Zaken zoekt koortsachting naar middelen om op te treden tegen Sharia4Belgium, de extremistische moslimorganisatie van Fouad Belkacem. Er waren drie voorstellen om dergelijke organisaties te verbieden, maar die sneuvelden tijdens hoorzittingen omdat ze het recht op vrijheid van vereniging te verregaand zouden uithollen. Wat is nu de balans van de hoorzittingen over een mogelijk verbod van Sharia4Belgium? Een overzicht in zeven vragen.

Dit artikel is opgedeeld in zeven delen: een overzicht van de drie wetsvoorstellen om Sharia4Belgium te verbieden (Vanvelthoven, Maingain en Milquet) en de kritieken daarop; de belangrijkste argumenten pro en contra een verbod; de belangrijkste resultaten van de hoorzittingen over de drie wetsvoorstellen; de belangrijkste alternatieve voorstellen; de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg; de vraag of de discussie achterhaald is door de evolutie van het terrorisme en het moslimfundamentalisme in België; de vraag naar wat de politici nu van plan zijn met hun voorstellen om Sharia4Belgium te verbieden. Na deze zeven vragen volgt één bedenking.

1. WELKE VOORSTELLEN OM SHARIA4BELGIUM TE VERBIEDEN?

1.1. HET VOORSTEL-VANVELTHOVEN

1.1.1. Wat zegt het voorstel?

David Geerts en Peter Vanvelthoven (sp.a) willen ondemocratische groepen zoals het neonazistische Blood and Honour en het salafistische Sharia4Belgium behandelen zoals een privémilitie wordt behandeld. Privémilities zijn door de wet van 29 juli 1934 verboden. Het zijn organisaties die geweld gebruiken en het leger of de politie willen vervangen.

Geerts en Vanvelthoven willen in die wet aan het woord "privémilities" toevoegen: "organisaties of groeperingen van privépersonen die een gevaar betekenen voor de democratie omwille van daden of activiteiten van terrorisme, negationisme of racisme". Deze verenigingen mogen ook geen bijeenkomsten houden en wie eraan deelneemt is strafbaar. De straffen kunnen oplopen tot 1 jaar cel en 1.800 euro boete.

Het voorstel-Vanvelthoven werd indertijd ingediend om te kunnen optreden tegen de bijeenkomsten van de neonazistische vereniging Blood and Honour in Lommel. Het werd nu ongewijzigd heringediend. Het werd in de Kamer mee ondertekend door de PS.

1.1.2. Kritieken

Toen al werden twee belangrijke kritieken geuit:

* De wet op de privémilities werd tot nu toe weinig toegepast. Uiteindelijk werden slechts twee organisaties door de strafrechter verboden (Vlaamse Militanten Orde en Front de la Jeunesse) en in de hoogdagen van de wet (tussen 1934 en 1940) vielen slechts vijf veroordelingen. Het ging telkens om individuen, want de milities zelf werden niet ontbonden of verboden. Het zal met de aanvulling op de wet niet anders worden.

* Het voorstel is deels overbodig. Al wie deel uitmaakt van een racistische of negationistische vereniging of wie dit soort verenigingen steunt, kan volgens artikel 22 van de racismewet al 1 jaar cel en 6.000 euro boete krijgen. De bestaande boete voor de leden van Blood and Honour/Sharia4Belgium is op basis van de bestaande wet dus hoger dan de boete die Geerts van Vanvelthoven willen invoeren! En voor terreurgroepen heb je nog hogere straffen. De verenigingen kunnen dan misschien wel niet verboden worden volgens de antiracismewet, iedereen wie er lid van is of ze steunt is strafbaar. En komt dat in feite niet op hetzelfde neer in de praktijk.

1.2. HET VOORSTEL-MAINGAIN

Het FDF diende een amendement in op het voorstel-Vanvelthouden om specifiek racistische groepen te verbieden. Het artikel over het verbod van ondemocratische groeperingen in het voorstel-Vanvelthoven werd vervangen door een meer gedetailleerd verbod. De rest liet het FDF ongemoeid.

* Het FDF wil organisaties van privépersonen verbieden die aansporen tot discriminatie, haat of geweld tegen personen of groepen op grond van hun nationaliteit, hun vermeend ras, hun huidskleur, hun nationale of etnische afstamming. Momenteel zijn alleen mensen die tot dergelijke organisatie behoren of die zo'n organisatie steunen strafbaar.

* Het FDF wil bovendien organisaties verbieden die ideeën of theorieën verspreiden om dit soort discriminatie, haat of geweld te verrechtvaardigen of aan te moedigen.

Omdat de bedenkingen overlappen met die op het voorstel-Milquet, zullen we die daar bespreken.

1.3. HET VOORSTEL-MILQUET

1.3.1 Wat zegt het voorstel?

Minister van binnenlandse Zaken Joëlle Milquet (cdH) wilondemocratische organisaties eveneens laten verbieden via de wet op de privémilities. Ze vond hiervoor echter geen meerderheid in de regering en Cathérine Fonck diende haar voorstel dan maar in als amendement op het voorstel-Vanvelthoven. Wat zegt het voorstel-Fonck precies?

* Naast verenigingen die gewapende betogingen op straat veroorzaken, kunnen ook verenigingen die door hun daden discriminatie, haat of geweld veroorzaken worden verboden. Die daden moeten gericht zijn tegen een persoon of groep personen omdat ze afstammen van of behoren tot een "volksgroep" (etnie), een natie, een "vermeend ras", een godsdienst.

De verenigingen kunnen ook worden verboden als ze ideeën verspreiden "die ertoe neigen deze discriminatie, haat of geweld te rechtvaardigen of aan te moedigen".

Kunnen verder verboden worden: groepen of verenigingen die in of vanuit België handelingen stellen met de bedoeling terroristische daden waar ook ter wereld te veroorzaken.

* De minister van Binnenlandse Zaken kan dergelijke groepen verbieden door een Koninklijk Besluit. Eerst moeten de staatsveiligheid, de federale politie, het antiterreur orgaan OCAD en het federaal parket hierover "een advies" geven.

De verantwoordelijke van de groepering moet vooraf uitgenodigd worden om zich te komen verdedigen binnen de vijftien dagen. Hij kan zich laten bijstaan door een advocaat. In uiterst dringende gevallen valt die procedure weg.

* Wie een militie of een van de verenigingen die in strijd is met deze nieuwe wet opricht, er lid van is of er aan meewerkt kan tot drie jaar cel en 3.000 euro boete krijgen. Die straf geldt ook voor wie een verboden vereniging weer opricht.

* De uniformen, logo's en wapens van de privémilitie of de verboden organisatie worden in beslaggenomen en later verbeurd verklaard door de rechter, ongeacht wie er de eigenaar van is.

1.3.2. Kritieken

Ook dit voorstel-Milquet riep een reeks aan bedenkingen op:

== Sommige basisbegrippen zijn veel te ruim. Wat zijn "groepen die ertoe neigen om discriminatie, haat of geweld te rechtvaardigen, aan te moedigen of te veroorzaken"? Wat is meer bepaald "ertoe neigen"?

== De groepen die verboden kunnen worden zijn merkwaardig gekozen. De groepen kunnen verboden worden als ze aanzetten tot haat, geweld of discriminatie. Maar tegen wie? De mogelijke slachtoffers zijn niet die van de antiracismewet (zoals in het voorstel-Maingain nog wel het geval is) en ook niet die van de antidiscriminatiewet. Groepen die oproepen tot geweld of haat jegens homo's, bejaarden, vrouwen en zieken kunnen nl. niet verboden worden. Maar anderzijds zouden het VB en de N-VA wél onder de definitie kunnen vallen, want een Franstalige minister zou ze kunnen zien als groepen "die ertoe neigen om discriminatie op basis van een natie te rechtvaardigen".

== De minister kan zelf beslissen om de groepen te ontbinden. Er moeten wel wat adviezen ingewonnen, maar die moeten niet positief zijn. In hoogdringende gevallen moet de minister de betrokkenen zelfs niet eens horen. De tegenstanders vinden dat dergelijke verboden door een onafhankelijke en onpartijdige rechter moeten worden opgelegd en niet door een minister uit een toevallig verkozen meerderheid omdat dit tot serieuze misbruiken zou kunnen leiden. Daar staat tegenover dat een verboden groep die verbod uiteraard zou kunnen aanvechten bij de Raad van State en die toch als garantie tegen willekeur kan optreden. Er is dus eigenlijk ook al een rechter.

== Groepen die vanuit België "zich overgeven aan handelingen met het oog op het veroorzaken van terroristische daden in België of in het buitenland" vallen ook onder het verbod. Ook dat kan heel ruim zijn. Wat als Guy Verhofstadt (Open Vld) de Europese Unie oproept om de Libische Raad te steunen en het bewind van Khadafi omver te gooien. Een oproep kan - volgens de theorie van de perlocutieve daad, die door het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding wordt aangehangen (zie: hier, nvdr) -, nl. ook een daad zijn. Kan Open Vld dan verboden worden?

== Het voorstel is onduidelijk over de gevolgen van het verbod. Kan de minister ook de goederen en de gelden van de verboden vereniging in beslag nemen? Kan de minister de providers dwingen websites van het net te halen? Volgens de tekst van het voorstel kunnen beide dingen niet. Maar wat is dan het nut van het verbod?

== Leden van verboden groepen, of mensen die eraan meewerken door een zaal te verhuren, een advertentie te drukken, een website ter beschikking te stellen, zijn strafbaar. Het zal echter zeker niet in alle gevallen duidelijk zijn of een groep later door de minister zal worden verboden. Het verbod is een administratieve maatregel, maar het lidmaatschap van verboden groepen niet. Een basisbeginsel leert evenwel dat een strafrechtelijke regel voor iedereen op voorhand duidelijk moet zijn. En dat is niet in alle denkbare gevallen zo.

2. PRO EN CONTRA EEN VERBOD

Tijdens de hoorzittingen gaf Alain Winants, het hoofd van de staatsveiligheid, een goed overzicht van de pro's en contra's van een verbod. Hij sprak zich niet officieel uit voor een verbod, maar liet toch duidelijk verstaan dat het misschien wel een goed idee was.

2.1. PRO VERBOD

Argumenten pro zijn volgens Winants:

* Het schept duidelijkheid.

* Het maakt het voor internetproviders en zaalverhuurders veel makkelijker om samenwerking te weigeren.

* Burgemeesters kunnen gerichter optreden om manifestaties van die groepen te verbieden.

* Het schept één nationale aanpak die overal dezelfde is; er is geen risico op uiteenlopende aanpakken in de verschillende gemeenten.

* Het onderstreept het problematisch karakter voor de ouders van jongeren die ook geïnteresseerd zouden zijn in de groepering.

* Het geeft nationaal en internationaal een signaal dat België de strijd tegen het moslimextremisme op dezelfde manier aanpak als het buitenland (waar Duitsland, Engeland en Frankrijk ook al dit soort organisaties hebben verboden).

* Het biedt de mogelijkheid om de financiële tegoeden in beslag te nemen.

2.2. CONTRA VERBOD

De belangrijkste argumenten tegen een verbod waren volgens Winants:

* Het geeft extra publiciteit aan de groep en daardoor stijgt de aantrekkingskracht van de groep voor zwakke jongeren.

* De groep verdwijnt in de clandestiniteit en het wordt moeilijker om ze op te sporen. Winants zegde er wel bij dat dit voor de staatsveiligheid "geen probleem" vormt, "omdat heel ons werk er nu net op gericht is om clandestiene activiteiten op te sporen".

* Zonder begeleidende maatregelen is een verbod onefficiënt. "Wie een verbod invoert, moet dat koppelen aan administratieve en gerechtelijke acties tegen hun leiders. En verder aan de inbeslagname van hun financiële tegoeden. En ook aan het in kaart brengen van de personen en groepen die hen financieren en ook die groepen moeten worden aangepakt. Een louter verbod is onvoldoende", aldus Winants.

Ter zake gaf professor Paul Ponsaers (criminologie, Universiteit Gent) een soortgelijk argument. "Hoe effectief is een verbod op extremistische organisaties? Neem nu het Verenigd Koninkrijk, waar extremistische organisaties kunnen worden verboden door de antiterrorismewet van 2000. In 1986 richtte Anjem Choudary de groepering Al Muhjiroun op. Die riep op tot het vermoroden van joden en werd in 2005 verboden. Choudary richtte twee nieuwe groepen op, die ook verboden werden. Dan kwam hij in 2009 met Sharia4UK op de proppen, hét model voor Fouad Belkacem. Die organisatie werd in 2010 eveneens verboden. Daarna volgde Muslims against Crusades en die is ondertussen ook verboden. Choudary is nog altijd even extremistisch als in 1986, hij preekt nog altijd haat en geweld. Een verbod is dus duidelijk niet altijd effectief."

* Een verbod kan de leden verder radicaliseren.

* Een verbod trekt de aandacht van buitenlandse terroristen, die zich misschien wel eens zouden kunnen wreken. Hoewel degelijke verboden in het buitenland volgens Winants nooit tot een stijging van het niveau van bedreiging hebben geleid.

3. WAT BLEEK UIT DE HOORZITTINGEN?

Wat bleek uit de hoorzittingen?

== Alle gehoorde personen waren tegen de idee om Sharia4Belgium te verbieden via de wet op de privémilities.

== De meeste gehoorde personen waren tegen een verbod van ondemocratische groeperingen tout court, ongeacht door wie het wordt uitgesproken. Wie toch voor een verbod was, vond dat het door een onafhankelijke en onpartijdige rechter moest worden opgelegd en dat zo'n verbod alleen maar kan worden ingevoerd nadat eerst een degelijk preventiebeleid tegen radicalisering is gevoerd en nadat eerst de bestaande wetten effectief worden toegepast of eventueel op bepaalde punten aangepast.

De meeste sprekers vonden dat de vrijheid van vereniging en de vrijheid van meningsuiting niet zomaar mogen worden ingeperkt op grond van de strapatsen van één extremistisch groepje. Vele sprekers vreesden dat men maar moeilijk een goede formulering zal kunnen vinden, die toch groepen als Sharia4Belgium en Blood and Honour verbiedt, maar die niet buitensporig is en andere groepen treft.

== De meeste sprekers vonden dan ook dat je een verbod pas kan invoeren nadat je de bestaande wetten al hebt toegepast. Dat is in het geval van Sharia4Belgium gebeurd en met succes. Er zijn inderdaad heel wat wetten. De bekendste zijn de antiracismewet, de antidiscriminatiewet en de genderwet. Daarnaast heb je nog de wet op de strafrechtelijke aansprakelijkheid van rechtspersonen van 4 mei 1999. Hierdoor kan de strafrechter nu al een rechtspersoon (vzw, bvba, nv) onbinden als die opzettelijk werd opgericht om de strafbare feiten te plegen waarvoor hij veroordeeld werd.

En dan heb je nog meerdere bepalingen in het strafwetboek: de artikelen over terrorisme, over bendevorming en criminele organisaties, over belaging (toegepast in de zaak-Belkacem), over aanzetten tot rellen ongeacht of ze er op volgen of niet (toegepast in de zaak-Abou Jahjah) en ook artikel 268. Dat bestraft bedienaars van de eredienst (imams bv.) met drie maanden cel en 3.000 euro boete als zij in een openbare plechtigheid wetten (bv. het homohuwelijk) of besluiten van de regering aanvallen. Niet al deze wetsartikelen zijn even eenvoudig toepasbaar, maar het zijn er toch al wel wat. En dan heb je nog heel wat juridische mogelijkheden tegen filmpjes op You Tube (Zie: hier,nvdr).

== Verder bepleitten de meeste sprekers een degelijk preventiebeleid om radicalisering tegen te gaan. Volgens professor Rik Coolsaet (terrorismespecialist, Universiteit Gent) is er dat momenteel helemaal niet. "Dat komt omdat je zo dicht mogelijk bij de burger moet staan, om te weten wie radicaliseert. En door de ingewikkelde bevoegdheidsverdeling tussen federale overheid, gemeenschappen en gewesten is het moeilijk om een heel snelle en efficiënte regeling hiervoor uit te werken". Coolsaet beklemtoonde verder dat wij misschien wel tien keer zoveel jihadi's (islamistische terroristen) in de bajes hebben opgesloten als Nederland, "maar zij deden er iets mee, zij hadden een plan om die jihadi's te deradicaliseren, wij deden niets met de onze".

Professor Paul Ponsaers stelde dat het maatschappelijk middenveld (leraars, ouders, sportverenigingen, jeugdclubs) moeten worden betrokken bij de preventie van gewelddadige radicalisering. Zij moeten de kenmerken van radicalisering leren herkennen en ze melden. Dat heeft in Noorwegen, Zweden, Denemarken en Duitsland al tot successen geleid. De criminoloog vond verder dat radicaliserende personen die je kan overtuigen, moeten gerehabiliteerd worden. "Voormalige leden van extremistische groepen willen soms de overheid helpen om de problemen in de toekomst te voorkomen en zij kennen de "leefwereld" van een extremist het best." De prof waarschuwde voor het criminaliseren van alle sympathisanten omdat die dan op hun beurt kunnen radicaliseren en hij vond dat we er zeker moeten voor zorgen dat de gewone islamitische jongeren een forum krijgen om hun mening te uiten. Hun stem moet worden gehoord in het debat. "Begin eerst met een degelijk preventiebeleid en dan zien we later wel of - helemaal op het einde - een verbod nog nodig is", zo betoogde hij.

Alain Winants (staatsveiligheid) pleitte ook voor een preventiebeleid. Hij vond dat er momenteel te weinig controle is op welke imams België binnen mogen. Hij vond dat men vooral gematige imams zou moeten toelaten. Hij hekelde de Moslimexecutieve "die haar rol op dit vlak zeker niet heeft waargenomen". Hij vond dat een de-radicaliseringsplan moet gepaard gaan met bestuurlijke maatregelen, zoals bv. het intrekken van de uitkering van gevaarlijke extremisten.

4. WELKE WETTELIJKE ALTERNATIEVEN?

Welke wettelijke veranderingen werden voorgesteld als alternatief voor een verbod?

4.1. ANTIRACISMEWET

Dit jaar moeten de antiracismewet en de antidiscriminatiewet worden herzien. Een aantal voorstellen betreffen dan ook die wet.

* Verhoog de straffen voor aanzetten tot haat en discriminatie fors. Nu zijn die straffen maximum één jaar. Te laag. Daardoor kan een verdachte maar net in voorlopige hechtenis worden genomen. Ook de straffen voor lidmaatschap van een racistische groepering (eveneens maximum 1 jaar) moeten fors omhoog, zo vonden Johan Delmulle en Anita Harrewyn namens het openbaar ministerie. Hoe hoog ze dan wel moeten worden, werd er niet bij gezegd.

* Maak ook Lidmaatschap van een groep die herhaaldelijk aanzet tot discriminatie van homo's, niet-moslims en vrouwen strafbaar. Dat kan momenteel niet en het was een groot probleem in de zaak-Sharia4Belgium. Momenteel is alleen lidmaatschap van racistische groeperingen strafbaar, niet het lidmaatschap van groeperingen die oproepen tot haat en discriminatie op andere gronden. Dit voorstel kwam zowel van het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding als van het openbaar ministerie. Het is een oude eis van de homobeweging.

* Breng alle haatboodschappen voor de correctionele rechtbank. Wie via websites of pers haatboodschappen tegen homo's en niet-moslims de wereld instuurt, moet nu voor het assisenhof verschijnen. Maar een assisenzaak is veel te duur en men doet het niet voor zoiets. Daardoor blijven die haatboodschappen ongestraft. Als alle haatboodschappen in de pers voor de correctionele rechter komen, dan zal er wél gestraft worden. Dat is momenteel al zo voor racistische haatboodschappen in de pers, maar niet voor alle andere discriminerende haatboodschappen in de media. Ook dit voorstel kwam zowel van het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding als van het openbaar ministerie. Het is een oude eis van de homobeweging.

Om die eis te realiseren moet artikel 150 van de grondwet worden herzien. Dat is momenteel het geval. Tot op heden is nog maar één voorstel ingediend op dit vlak. Dat is van kamerlid Dirk Van der Maelen (sp.a) en het wil àlle haatboodschappen in de media voor assisen brengen, behalve de racistische. Door dit voorstel zouden ook haatboodschappen op het internet feitelijk straffeloos worden. Dat is eigenlijk al zo sinds de Cassatie-arresten van 6 maart 2012 en na het RTBf-arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg van 15 mei 2011. Het voorstel-Van der Maelen werd echter ingediend voor de drukte rond Sharia4Belgium en de indiener zegde dat "het zeker kan worden geamendeerd". Tot op heden is er nog geen ander wettelijk initiatief terzake. (Meer uitleg? Zie: hier, nvdr).

* Men zou bijkomende sancties kunnen invoeren, zoals de inbeslagname van goederen of geld van extremistische organisaties, zo betoogde Jozef De Witte (CGKR). "Maar koppel deze bijkomende straffen niet automatisch aan een veroordeling. Dat schrikt rechters immers af om effectief te veroordelen". Zijn collega adjunct-directeur Delruelle suggereerde dat de rechter ook een internetverbod of een verbod om bepaalde lokalen te gebruiken zou kunnen opleggen. "Uiteraard onder een dwangsom. Maar hier gaan we al op glad ijs, want dit beperkt de vrijheid van vereniging al sterk".

4.2. ANDERE WETTEN

Daarnaast had je ook nog voorstellen om andere wetten te herzien.

* Maak personen die recepten voor bommen of geheime documenten van inlichtingdiensten online zetten strafbaar door de terrorismewet. Nu is dat niet strafbaar, terwijl het van de Europese Unie wel zou moeten, zo vond het openbaar ministerie. Néé, zo meende de Liga voor Mensenrechten. "De antiterrorismewet is nu al veel te ruim, ze moet juist beperkt worden", zegde Ligavoorzitter Jos Vander Velpen.

* De staatsveiligheid vond dat zij "de zwaarste middelen moeten kunnen inzetten" tegen groepen zoals Sharia4Belgium. Alain Winants wilde dat de staatsveiligheid de uitzonderlijke methoden van de inlichtingendiensten moet kunnen gebruiken als ze iemand verdenkt van extremisme. Hij dacht dan vooral aan telefoontap, maar er zijn nog heel wat andere uitzonderlijke methoden: observatie in woningen; het oprichten van een front store (een nepbedrijf of nepvzw om zo inlichtingen in te zamelen. Zo zou de staatsveiligheid dus zelf een salafistische groepering à la Sharia4Belgium kunnen oprichten om zo alle moslimextremisten in kaart te brengen, nvdr); doorzoeking van private plaatsen; openen van post; inzamelen van gegevens op bankrekeningen; hacken van computers, behalve die van de overheid; telefoontap.

De staatsveiligheid kreeg indertijd de toestemming niet om bv. telefoons af te luisteren bij extremisme dat men vreesde voor een veralgemeend aftappen van politieke groeperingen zoals de PVDA, het VB, de N-VA.

Maar merkwaardig genoeg mag de staatsveiligheid al die uitzonderlijke methoden op grond van artikel 18 van de BIM-wet (Wet Bijzondere Inlichtingenmethoden, nvdr) wel gebruiken voor het "radicaliseringsproces dat aan terrorisme vooraf gaat". Volgens deskundige Wauther Van Laethem (Comité I) gaat het hier "wellicht om een vergissing van de wetgever". Bij Sharia4Belgium zal de staatsveiligheid dus wellicht wél kunnen afluisteren op grond van dit "radicaliseringsproces". De vraag rijst wat in de praktijk het verschil is tussen een "radicaliseringsproces dat aan terrorisme voorafgaat" en "extremisme". Dat is zeker in niet alle gevallen duidelijk.

* Een soortgelijk voorstel is het wetsvoorstel van Raf Terwingen (CD&V). Dat is aan de eerdere drie voorstellen gekoppeld, maar kwam geen moment ter sprake tijdens de hoorzittingen. Terwingen wil telefoontap door gerecht en politie mogelijk maken voor alle racistische en negationistische misdrijven. Ook moet de onderzoeksrechter stiekem afluisterapparatuur kunnen installeren in de lokalen van verdachten van die misdrijven.

Dit voorstel dateert vanuit de tijd van Blood and Honour en het was toen ook al erg omstreden. Zo is telefoontap een uitzonderlijke maatregel die alleen voor een ernstig misdrijf mag worden toegepast. Maar op de racistische en negationistische misdrijven staat slechts één jaar cel. Zo dreigt een veralgemening van dit middel naar àlle misdrijven.

Het voorstel biedt bovendien geen oplossing voor Sharia4Belgium omdat de misdrijven van deze groep niet onder de racismewet vallen. Ze beogen vooral haat tegen niet-moslims en tegen homo's. Voor Sharia4Belgium blijft dan nog altijd telefoontap onmogelijk. Voor alle duidelijkheid: telefoontap door de staatsveiligheid wordt in het voorstel-Terwingen niét mogelijk. De inlichtingendiensten en politie en justitie hebben immers een andere doelstelling.

* Wijzig artikel 44 van de wet op het politieambt zo meende Olivier Libois van de federale politie. Volgens dat artikel mogen politiemensen "zachte informatie" inwinnen over allerlei personen, gebeurtenissen e.d. Het gaat dan over verdachte toestandjes die geen misdrijf zijn, over dronkenschap e.d. Dat artikel moest uitgevoerd worden door een Koninklijk Besluit. Daarin moest staan wat de politie met die informatie mag doen, met wie ze mag worden uitgewisseld en hoe dat gecontroleerd wordt. De Privacycommissie vond evenwel enkele jaren terug al dat dit door een wet moest worden geregeld en die wet kwam er nooit. "De wijkagenten worden nu in nieuwe projecten opgeleid om signalen van radicalisering al heel vroeg op te sporen, maar het is niet duidelijk wat er met die informatie mag en moet gebeuren", zo zegde Libois.

* Geef de burgemeesters meer macht om op te treden tegen groepen zoals Sharia4Belgium en Blood and Honour. Ook dit voorstel komt van Raf Terwingen (CD&V) en het dateert eveneens vanuit de tijd van Blood and Honour. Terwingen stelde toen vast dat de politie maar iemand bestuurlijk kan aanhouden als ze denkt dat hij een misdrijf gaat plegen. Maar dat kan slechts als betrokkene de openbare rust of de openbare veiligheid ernstig in gevaar brengt. Dat is niet altijd zo, omdat vergaderingen van extremistische groepen meestal in besloten panden plaatsgrijpen en maar op het laatste nippertje aangekondigd worden aan de deelnemers.

De burgemeester kan momenteel wel al een politieverordening uitvaardigen om samenscholingen te verbieden, maar dat kan alleen in heel ernstige gevallen van ordeverstoring. Ook dat is bij groepen als Sharia4Belgium niet altijd het geval.

Terwingen wil daarom dat de burgemeester de toelating krijgt om bij politieverordening samenscholingen te verbieden als "redelijke gronden of vermoedens zijn dat bepaalde personen voorbereidingen treffen om een racistisch misdrijf te plegen. Dat vermoeden moet steunen op gedragingen, materiële aanwijzingen of omstandigheden". De voorwaarde dat er een ernstige ordeverstoring moet zijn, valt dus weg in het voorstel-Terwingen. Maar hij beklemtoont dat een overtreding van dit samenscholingsverbod niet tot een bestuurlijke aanhouding kan leiden: alleen maar tot een verbod om binnen te gaan in de gebouwen waar de samenscholing plaatsgrijpt of om de deuren te sluiten. Een bestuurlijke aanhouding kan pas als er herrie ontstaat naar aanleiding hiervan.

5. WAT VINDT STRAATSBURG?

Zal het Europees Hof voor de Rechten van de Mens een eventueel verbod van ondemocratische groepen goedkeuren?

* NEE, dacht Jos Vander Velpen, de voorzitter van de Liga voor Mensenrechten. Hij steunde daarvoor op de Straatsburgse rechtspraak over het verbieden van extremistische, antidemocratische politieke partijen. Hij verwees naar het Refah-arrest van 13 februari 2003. Dat steunde de Turkse staat omdat die de Refah-partij had verboden. Dat was een islamistische partij die het beginsel van een seculiere lekenstaat niet aanvaardde. Volgens Straatsburg mag een politieke partij maar verboden worden onder drie voorwaarden: ze moet een project nastreven dat onverenigbaar is met de fundamentele democratische beginselen; ze moet onwettige middelen gebruiken om die doelstellingen te realiseren; ze moet op het concrete moment van het verbod een onmiddellijk gevaar betekenen voor de democratie. Op het moment van het verbod haalde ze 33% van de zetels en zat een grote groei erin.

Vander Velpen: "Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft het verbod van de Refah-partij gesteund omdat die partij op dat moment groot en sterk was en omdat zij haar visie kon doordrukken en de Turkse democratie om zeep kon helpen. Dat arrest was uniek en de eisen voor een partijverbod zijn dus heel streng. Het Hof dacht bij zijn Refah-arrest zeker niet aan dit soort clownachtige en pietluttige organisaties, als Sharia4Belgium of Blood and Honour".

* JA, zo blijkt uit heel recente rechtspraak. Op 19 juni 2012 gaf het Straatsburgse Hof Duitsland gelijk toen het de islamistische organisatie Hizb Ut-Tahrir verbood. De bewuste organisatie, die zich "Bevrijdingspartij" noemt was geen politieke partij, maar islamistische club die in 1953 in Jeruzalem was opgericht en in Duitsland actief was sinds de jaren zestig. Ze had er amper 200 aanhangers. Ze wilde overal in de wereld de regeringen omver werpen en vervangen door een islamitische republiek. De vereniging riep bij herhaling op tot geweld tegen Israel en steunde zelfmoordacties van Palestijnen.

De vereniging voldeed dus zeker niet aan de eisen van het Refah-arrest. Maar toch billijkte Straatsburg het verbod. Het Mensenrechtenhof verklaarde de klacht van Hizb Ut-Tahrir gewoon onontvankelijk: "Artikel 17 van het EVRM zegt dat wie de rechten en vrijheid van het verdrag wil gebruiken om die rechten te vernietigen, geen beroep op die rechten kan doen". Het Hof verwees naar eerdere arresten in zaken van negationisme (tegen de bekende Franse socialist Roger Garaudy) en antisemitisme. Het stelde dat Hizb Ut-Tahrir duidelijk tegen de waarden uit het EVRM ingaat, "nl. tegen het engagement om internationale middelen vreedzaam te regelen en tegen de heiligheid van het menselijk leven". Daarom kan de organisatie geen beroep doen op de rechten uit het EVRM.

Volgens deze rechtspraak zou Sharia4Belgium in Straatsburg ook botvangen, met bijna om het even welk geding. Het Hof heeft in het beroemde Refah-arrest al duidelijk gemaakt dat de sharia indruist tegen de democratische waarden. Ieder geding in Straatsburg dat de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van religie of de vrijheid van vereniging, het recht op privacy en het verbod op discriminatie inroept, dreigt door het Mensnerechtenhof onontvankelijk te worden verklaard.

Toch blijft het arrest- Hizb Ut-Tahrir verbazen omdat het flagrant indruist tegen het Refah-arrest. Het Refah-arrest werd evenwel in beroep geveld door de Grote Kamer, terwijl dit Hizb Ut-Tahrir-arrest maar door een gewone kamer van zeven rechters werd geveld.

De toepassing van artikel 17 EVRM zelf blijft overigens omstreden. Sommige deskundigen willen daarom dit artikel afgeschaft zien, wegens gedateerd.

6. IS DEZE DISCUSSIE ACHTERHAALD?

Is de discussie achterhaald?

== JA, zo vond professor Rik Coolsaet (terrorismespecialist, Universiteit van Gent).

"Het wetsvoorstel en zijn amendementen zijn achterhaald omdat ze uitgaan van de idee dat er een uniek en causaal verband is tussen radicale ideeën en terrorisme. Radicale ideeën leiden tot terrorisme en dat moeten we voorkomen, zo denkt men. Maar dat idee is niet meer juist." Volgens Coolsaet wees onderzoek van de Britse inlichtingendienst MI5 immers uit dat er géén verband is tussen het salafisme, de extremistische tak van de islam waartoe Sharia4Belgium behoort, en het terrorisme. "Sterker: de extreemste religieuze radicalen zijn het minst vatbaar voor terrorisme. De Britten pleiten er dan ook voor om samen te werken met de salafisten om zo het jihadistisch terrorisme tegen te gaan".

"De discussie over het verbod van organisaties zoals Sharia4Belgium is bovendien achterhaald omdat zowel het islamistisch terrorisme als het salafisme in Europa op hun retour zijn. Wereldwijd daalde het aantal terreuraanslagen in 2011 met 11% in vergelijking met 2010. In Europa zien we een afname van twee derde tussen 2007 en 2001. Ook in België zien we geen merkelijke toename van het jihadisme, er zijn geen grote structuren, alleen losse cellen. En ook in België is de radicalisering van de moslimgemeenschap op zijn retour."

"Wij maken met Fouad Belkacem dezelfde fout als indertijd met Dyab Abou Jahjah. Die hebben we een enorm platform gegeven, we hebben hem groot gemaakt en dat heeft een aantal zwakkere aanhangers aangetrokken. Sommige leden van Sharia4Belgium zijn in die zin zelfs eerder slachtoffer", zo zegde hij.

De prof stelde dat het terrorisme "met modes werkt". "In de negentiende eeuw waren de Europese terroristen anarchisten, in de jaren dertig van vorige eeuw waren ze extreem rechts, in de jaren tachtig van vorige eeuw waren ze extreem links en nu zijn ze islamistisch. Telkens verdween het terrorisme weer na een aanvankelijk hoogtepunt. We moeten die golven relativeren."

"Het is niet de ideologie die tot terrorisme leidt, nee, mensen radicaliseren eerst en gaan dan een ideologie aanhangen om hun visie te verrechtvaardigen. Religie is niet de motor van de radicalisering richting terrorisme, het is het vehikel. Vrienden en familie zijn veel belangrijker om het proces van radicalisering naar terrorisme te begrijpen. Doorgaans ontstaat radicalisering als verzet tegen iets wat als schrijnend onrechtvaardig wordt ervaren. Als Fouad Belkacem, iemand die op de grens van het gewelddadig optreden zit, in de jaren tachtig van de twintigste eeuw had geleefd, dan zou hij waarschijnlijk een extreem-linkse terrorist geworden zijn".

Coolsaet verwees ook naar Nederland: "De Nederlandse inlichtingendienst AIVD reageerde een vijftal jaar geleden ook heel paniekerig op groepjes zoals Sharia4Belgium, die daar toen groeiden. Maar ondertussen stellen ze vast dat het salafisme in Nederland op zijn retour is en dat de moslims dit soort groepjes als Sharia4Belgium afwijzen. Voor de Nederlandse AIVD heeft het salafisme geen belang meer. Wij zitten in België nog in de paniekfase, we hebben dus zo'n vijf jaar vertraging". Het was een niet mis te verstane aanval op de Belgische staatsveiligheid, die duidelijk heel anders aankijkt tegen het salafisme dan MI5 of de CIA, waarnaar Coolsaet verwees.

== NEE, zo vond Alain Winants, hoofd van de Belgische staatsveiligheid.

Winants weigerde om een onderscheid te maken tussen het vreedzame "piëtistische" salafisme en het politiek-radicale van groepen zoals Sharia4België. Beide strekkingen zijn volgens Winants even gevaarlijk. Hij noemde "het salafisme het grootste gevaar voor de democratie". Voor de staatsveiligheid is dat salafisme samen met het oprukkend extreem-links extremisme de belangrijkste focus van de staatsveiligheid. "Extreem rechts is immers op zijn retour, extreem links wordt steeds gewelddadiger vanuit Italië en Griekenland."

Maar het salafisme is het grootste gevaar omdat het een parallele samenleving creëert die de onze verwerpt en dat leidt tot dingen die lang verboden schenen: polygamie, exorcisme. Winants: "Als extreem rechts hierop reageert, dan kunnen de twee extremen gaan botsen".

De visie van professor Coolsaet kreeg ook scherpe kritiek van professor-emeritus Guy Haarscher (ULB), die vond dat we niet met salafisten moeten onderhandelen om zo terrorisme te voorkomen: "Als je onderhandelt met salafisten moet je hoe dan ook inleveren op je democratische waarden, zoals bv. gelijkheid van de vrouw. Ik ben daar niet voor".

7. WAT GAAT DE POLITIEK NU DOEN?

7.1. HET PARLEMENT

Tot op heden werden de drie wetsvoorstellen nog niet inhoudelijk besproken.

Maar in ieder geval spraken binnen de meerderheid CD&V en Open Vld zich radicaal uit tegen een verbod van ondemocratische groeperingen. Kwatongen wijzen erop dat Open Vld hiermee een bocht maakte in vergelijking met enkele jaren terug, toen Patrick Dewael wél voorstander was van zo'n verbod. Het ging toen over de neonazistische organisatie Blood and Honour. Dezelfde kwatongen zeggen dat CD&V en Open Vld "alleen maar tegen zo'n verbod zijn omdat dit mogelijk de N-VA kan treffen en zij zich dit om electorale redenen helemaal niet kunnen permitteren". Dit verhaal, dat vooral in Franstalige kringen circuleert, kon niet worden bevestigd bij de betrokken Vlaamse partijen.

Binnen de meerderheid zijn PS, MR en cdH voor een verbod, maar de PS die het voorstel-Vanvelthoven mee ondertekende, wil nu dat een onafhankelijk en onpartijdig rechter over zo'n verbod beslist. Ook de MR eist meer democratische waarborgen.

De oppositie (N-VA, VB, de Groenen en LDD) zijn tegen een verbod. Dat maakt dat aan Vlaamse kant alleen nog de sp.a voor een verbod is.

Na de hoorzittingen verklaarde Peter Vanvelthoven aanvankelijk dat hij zijn voorstel wilde herzien. "Ik wilde alleen maar de discussie aanzwengelen", zo luiddt het. Er moet in Vanvelthoven's visie nog wel een verbod mogelijk zijn, maar niet meer binnen de wet op de privémilities. Intern meerderheidsoverleg leverde hierover nog geen akkoord op. Momenteel wil men alleen nog de voorstellen die in de hoorzittingen zijn geopperd "oplijsten" en dan in oktober beslissen welke men in een wetsvoorstel zal gieten en welke niet. Er komt dus een volledig nieuwe tekst. Een aantal van deze voorstellen is ondertussen ook al omstreden. Zo is de PS beslist niet te vinden om aan de staatsveiligheid de mogelijkheid te geven om telefoons af te luisteren louter en alleen voor extremisme.

7.2. DE MINISTER

Minister van Binnenlandse Zaken Joëlle Milquet heeft ondertussen een nieuwe nota voor het kernkabinet gemaakt. Daarin handhaaft ze haar verbod, maar ontwikkelt ze meerdere mogelijkheden: een verbod door de minister (zoals aanvankelijk in haar eigen voorstel en nu nog in het voorstel-Fonck) of een verbod door een rechtbank (het Grondwettelijk Hof, zoals eerder door de professoren François Tulkens en Hugues Dumont werd voorgesteld? Het Hof van Beroep, zoals bij de afname van de nationaliteit? De Raad van State, omdat die al bevoegd is voor het afnemen van de financiering van politieke partijen?), een verbod door een rechtbank, maar waarbij de minister een "injunctie" (bevel) kan geven aan het openbaar ministerie om de procedure te starten. Dat laatste zou normaal immers niet kunnen omdat de minister alleen injuncties aan het parket kan geven in strafzaken en zo'n verbod zou dan een burgerlijke zaak zijn.

Op het kernkabinet werd nog geen akkoord over de nieuwe nota van Milquet bereikt. Niemand wil deze nota overigens publiek maken.

8. BEDENKING

Eens te meer werd op basis van een mediatiek evenement een wettelijk initiatief genomen. De Franstalige partijen die zich jarenlang tegen partijverboden hebben verzet en die jarenlang de Vlaamse kritiek op het moslimextremisme wegwuifden als "invloed van extreem rechts", zijn na de rellen in Molenbeek wakker geworden. Ze reageren nu in overdrive. Maar de vraag rijst wat er nog overblijft van al die voorstellen na de hoorzittingen. Er komen nu nieuwe onderhandelingen die in oktober tot een nieuw voorstel moeten leiden, maar de kans dat deze voorstellen een stille dood sterven is niet denkbeeldig.


Lees ook:

De zaak-Belkacem in negen vragen

Het proces tegen Sharia4Belgium

Sharia4Belgium en het persmisdrijf

Het CGKR en de vrijheid van meningsuiting

Vrielink: "Antiracismewet wordt vaak ongrondwettig toegepast"

Wat is nu al wettelijk mogelijk tegen Sharia4Belgium en Blood and Honour?

Wat is juridisch mogelijk tegen YouTube?

CD&V wil telefoontap voor alle racistische misdrijven

De botsende beschavingen van Samuel Huntington


*****************************************


Het dagelijkse nieuws over het justitiebeleid vindt U door in de functie "zoeken" rechtsboven op deze site de letters JDW in te tikken.


*****************************************



Nu in het nieuws